Lichamelijke klachten

Fistels

Opslaan

Deze tekst gaat over fistels in de palliatieve fase (als genezen niet meer mogelijk is).

Een fistel is een abnormale verbinding meestal tussen 2 holle organen (bijvoorbeeld darm, blaas of vagina)  of tussen een hol orgaan en de huid.  

Soorten fistels

Er bestaan verschillende soorten fistels:

  • entero-vesicale fistel: verbinding tussen darm en blaas
  • recto-vesicale fistel: verbinding tussen endeldarm (rectum) en blaas
  • enterocutane fistel: verbinding tussen darm en huid
  • vesico-vaginale fistel: verbinding tussen blaas en vagina
  • recto-vaginale fistel: verbinding tussen endeldarm en vagina
  • ureterfistel: verbinding tussen urineleider (ureter) en een ander orgaan
  • ureterocutane fistel: tussen urineleider en huid
  • ureterovaginale fistel: tussen urineleider en vagina
  • uretero-enterale fistel: tussen urineleider en darm
  • recto-urethrale fistel: verbinding tussen endeldarm (rectum) en plasbuis (urethra)

Klachten door een fistel

De volgende klachten kunnen optreden:

  • Pijn bij het plassen
  • Vrijkomen van lucht met de urine bij het plassen (pneumaturie)
  • Verlies van ontlasting met de urine of via de vagina of  de huid
  • Verlies van urine via vagina, huid of anus
  • Irritatie van de huid van de vulva (gebied tussen de kleine schaamlippen), rond de anus of rond de fistelopening
  • Als gevolg van geuroverlast, schaamte en ‘zich vies voelen’: problemen om intiem met iemand anderen te zijn, psychosociale problemen 

Oorzaken van een fistel

Lokale doorgroei van een tumor bij:

  • een gynaecologische tumor, meestal uitgaande van de huid rond de schede (vulva) of de baarmoederhals
  • prostaatkanker
  • blaaskanker
  • endeldarmkanker
  • darmkanker

Complicaties van de behandeling (operatie en/of bestraling) van bovengenoemde tumoren

Onderzoek en diagnostiek

De arts zal u vragen stellen over uw voorgeschiedenis en uw klachten. Daarna zal hij een lichamelijk onderzoek bij u doen. 

Denkt de arts dat u een entero-vesicale fistel heeft (tussen darm en blaas), dan vraagt hij u om maanzaad te eten. Daarna controleert hij of er maanzaad in uw urine aanwezig is.

Misschien stelt de arts verder onderzoek voor, zoals:

  • een kijkonderzoek van de blaas (cystoscopie)
  • een röntgenfoto van uw darm (X-colon)
  • een kijkonderzoek van de darm (procto-sigmoïdoscopie)
  • CT-scan van de buik

Behandeling

De ziekte die de fistel veroorzaakt is meestal al in een vergevorderd stadium. Deze is dan ook al uitvoerig behandeld. Daardoor is behandeling van de oorzaak vaak niet meer mogelijk. 

Behandeling van de klachten


Huidverzorging:

  • De huid regelmatig douchen of spoelen met lauw water zonder zeep
  • Bescherming van de huid met spray of barrièrecrème
  • Bij uitvloed van de fistel: absorberend wondmateriaal dat goed op zijn plaats wordt gehouden

Behandeling van incontinentie voor urine en/of ontlasting:

  • Gebruik van incontinentiemateriaal en eventueel andere materialen, zoals een matras- of stoelbeschermer

Bij een fistel tussen urinewegen of darm en huid:

  • Stomazakjes op de fisteluitgang
  • Bij ongewild verlies van ontlasting via de anus: anale tampon of opvangzakken voor ontlasting
  • Bij blaas- of plasbuisfistel: katheter (een slangetje waar de urine door naar buiten kan) die 6 tot 8 weken kan blijven zitten

Bij een recto-vaginale fistel:

  • Vagina spoelen met leidingwater via katheter
  • Bij vesico-vaginale fistel: katheter in het nierbekken (nefrostomiekatheter) 
  • Bij een ureterfistel: nefrostomiekatheter of een stent (buisje) in de urineleider

Bij een urineleiderfistel, blaasfistel of plasbuisfistel:

  • Aanleggen van een stoma vanuit de urinewegen met opvangzakje op de buik

Bij darmfistels:

  • Stoma vanuit de darmbehandeling met medicijnen:
  • Antibiotica bij urineweginfecties
  • Behandeling van nare geur (wordt veroorzaakt door zogenaamde anaerobe bacteriën in de ontlasting) met antibiotica
  • Octreotide (wordt onderhuids of via de bloedbaan toegediend) bij diarree 

De arts kan ondersteuning adviseren door een incontinentieverpleegkundige, stomaverpleegkundige en/of wijkverpleegkundige.

Het is belangrijk dat u problemen om intiem met anderen te zijn en psychosociale problemen bespreekt met uw arts.

Controle

De arts of verpleegkundige controleert uw klachten minimaal 2 maal per week.

Over deze pagina

De informatie in de bibliotheek is getoetst door medisch specialisten en andere deskundigen.

Laatste update: maart 2016

Dit artikel is geschreven door kanker.nl.

Met medewerking van

Dr. Graeff, A. de (medisch oncoloog)