Geen trek hebben/afvallen bij ongeneeslijke kanker

Deze informatie is gecontroleerd door deskundigen.

Naar colofon

Opslaan

Minder zin hebben in eten en afvallen zijn normale klachten als je niet meer kunt genezen van kanker. Je kunt dan ondervoed of verzwakt raken. Van je arts, verpleegkundige of diëtist krijg je adviezen over voeding en supplementen. Lees ook de tips op deze pagina. 

Lees op deze pagina over:

Of ga direct naar de informatie over eten en drinken in de laatste fase:

Geen trek hebben/afvallen bij kanker

Als je ongeneeslijk ziek bent, gaat je conditie uiteindelijk achteruit. Je kunt je dan vermoeider voelen en minder zin in eten hebben. Ook kun je meer last hebben van snel een vol gevoel bij het eten, misselijkheid en overgeven of kunnen andere klachten erger worden.

Als je te lang te weinig eet, kun je ondervoed raken. Je krijgt dan niet van alle voedingsstoffen genoeg binnen. 

Als je nog verder afvalt, raak je ook spiermassa kwijt. Dan is je lichaam verzwakt. Door verlies van vet en spiermassa vermager je. Je weerstand wordt ook laag.

In het begin kan je voedingstoestand nog verbeterd worden, of kun je ervoor zorgen dat je niet (verder) ondervoed raakt. Bijvoorbeeld met eiwitdrankjes.

In de laatste fase van je ziekte is eten niet meer zo belangrijk. Direct naar de informatie over afvallen in de laatste fase.

Oorzaken van afvallen

Gewichtsverlies door kanker kan verschillende oorzaken hebben:  

  • Minder eten. Bijvoorbeeld door vermoeidheid, pijn, benauwdheid, depressie, smaakveranderingen, mondklachten, problemen met slikken, maag- en darmproblemen, misselijkheid, verstopping.
  • Je eten wordt niet goed opgenomen door je lichaam.
  • Verlies van voedingsstoffen, bijvoorbeeld bij overgeven of diarree.
  • Een veranderde stofwisseling.

Eten kan ook lastiger zijn als je minder goed voor jezelf kunt zorgen of hulp nodig hebt bij het eten. Daardoor kun je ook afvallen. 

afvallen door kanker

Geen trek hebben/afvallen: wat is er aan te doen?

Als je afvalt, is het belangrijk om dit met je arts te bespreken. Je arts kan onderzoeken wat de oorzaak is en samen kun je kijken of er iets aan te doen is.

Onderzoek

De arts stelt je vragen en onderzoekt je. Het kan zijn dat je arts daarna nog meer onderzoeken voorstelt, zoals: 

  • bloedonderzoek 
  • röntgenfoto, echo, scan of een kijkonderzoek in de maag met een camera (gastroscopie) 

Je arts kan je eventueel doorverwijzen naar een diëtist. Die kan je een persoonlijk voedingsadvies geven.

Behandeling van klachten die invloed hebben op je eetlust

Klachten zoals misselijkheid, pijn, vermoeidheid of psychische klachten (angst, depressie) kunnen ervoor zorgen dat je minder trek hebt. Dat kan de ondervoeding veroorzaken of verergeren.  

Een behandeling tegen dit soort klachten kan helpen om je eetlust te verbeteren en ondervoeding tegen te gaan. De arts bespreekt dit met je.

Voeding met veel energie en eiwitten
Is het voor jou nog zinvol en mogelijk om aan te sterken? Dan kan je het beste maaltijden en snacks nemen met veel energie en eiwitten. Bijvoorbeeld speciale eiwitdrankjes en energierepen.

Sondevoeding
Heb je problemen met slikken, of blijft het eten steken in je slokdarm of maag? Dan kan sondevoeding (vloeibaar voedsel door een slangetje) een oplossing zijn. 

Voeding via een infuus: parenterale voeding
Voeding via een infuus wordt zelden toegepast in de palliatieve fase.

Voedingsadvies van arts of diëtist
De arts of diëtist kan je informatie geven over drinkvoeding, supplementen, diëten en sondevoeding. Hij of zij kijkt naar jouw persoonlijke situatie en adviseert over het nut van deze mogelijkheden.  

Medicijnen
Je arts kan eventueel medicijnen (zoals prednison of dexamethason) voorschrijven om de eetlust te verbeteren en je wat meer energie te geven. 

Wat kun je zelf doen als je minder trek hebt en afvalt?

Praat met je naasten over je voeding: heb je nog wel plezier in eten? Of vind je het vermoeiend en heb je geen trek?

Besef dat niemand je kan dwingen om te eten. Dat beslis je zelf.  Als je zelf niet meer vindt dat je per se moet eten, voelt dat vaak als een hele opluchting voor jou en je naasten. 

Als je nog kan en wil eten, maak er dan het beste van. Kies wat je lekker vindt. Deze tips kunnen ook helpen: 

  • Neem rust voordat je gaat eten.
  • Eet liever vaak een klein hapje, dan driemaal per dag een bord vol.
  • Eet gerust brood of een frisse salade als je geen trek hebt in warm eten.
  • Denk eens aan een kant-en-klare maaltijd of een maaltijdservice. 
  • Zorg dat het eten er smakelijk uitziet. 
  • Houd alles wat je eetlust bederft uit je buurt, zoals vieze of sterke luchtjes.

Wat wil je en wat vind je belangrijk?

Het is belangrijk dat je (huis)arts, je verzorgers en je naasten weten wat je voelt. Denk niet: ik moet eten, ook al kost het me veel moeite en heb ik eigenlijk helemaal geen trek. Zeg gerust wat je wilt. Praat met je arts, je verpleegkundige en je naasten over je gevoel en je wensen.  

Kán en wil je nog wel eten? En zo ja, wát wil je dan graag eten? Het hangt helemaal af van wat jij zelf wilt. 

Afvallen in de laatste fase

Zit je in de laatste fase van je ziekte? Dan hebben eiwitdrankjes en sondevoeding meestal weinig of geen zin meer. Ze kunnen zelfs extra klachten geven, zoals misselijkheid. In deze fase zal je arts met je bespreken dat je alleen maar hoeft en mag eten waar je zin in hebt en wat je lekker vindt. Aan het afvallen zelf is niets meer te doen.

Informatie voor naasten: niet meer willen eten is normaal 

Meestal willen of kunnen mensen die bijna gaan sterven helemaal niet meer eten of drinken. Dat is normaal en hoort bij het stervensproces. Al is dit misschien lastig als naaste: probeer de wens van de zieke te accepteren. Wat de zieke wil kan heel wisselend zijn.

Een heel ziek iemand kan het fijn vinden om vaak een klein hapje of slokje aangeboden te krijgen. Dring alleen niets op en ruim eten dat niet wordt opgegeten ook weer op. Ga geen strijd over voeding aan. Dat is niet nodig want het idee dat ‘eten moet’ kan losgelaten worden.

Aan het eind is voeding niet meer belangrijk

Aan het eind van het leven is voeding niet meer belangrijk. Iemand overlijdt niet omdat hij of zij niet eet. Het is juist andersom: iemand wil en kan niet meer eten omdat de dood dichtbij is. Het lichaam kan voeding steeds minder goed verteren. Veel voeding wordt juist belastend en kan de klachten erger maken. Daarom is het beter om drinkvoeding of voedingssupplementen niet meer te geven.

Wat wel kan helpen

Er zijn wel andere dingen die verlichting kunnen geven in de laatste fase. Bij een droge mond kan mondverzorging of het nat maken van de lippen verlichting geven.

Colofon

Met medewerking van:

illustratie-verpleegkundige-vrouw

Dianne Boxman

Verpleegkundig adviseur palliatieve zorg, Palliatieve Zorg Nederland (PZNL)

LinkedIn

illustratie-arts-man

Dr. Alexander de Graeff

Internist-oncoloog, UMC Utrecht

Illustratie mensen

Ervaringsdeskundigen

Gemaakt door de redactie van kanker.nl

Laatste update: april 2022