Lichamelijke klachten

Droge mond

Opslaan

Deze tekst gaat over droge mond in de palliatieve fase (als genezen niet meer mogelijk is).

Het gevoel van een droge mond heet xerostomie. Meestal komt het door minder speekselproductie.

Bij hyposialie is de speekselproductie afgenomen tot minder dan 150 ml per dag. De samenstelling van het speeksel is dan ook veranderd.  

Klachten door een droge mond

  • Taai, draderig speeksel
  • Smaakstoornissen
  • Pijn
  • Problemen met eten, kauwen en slikken
  • Infecties van de mondslijmvliezen
  • Cariës (tandbederf) en tanderosie (oplossen van tandglazuur door inwerking van zuur)
  • Problemen met kunstgebit
  • Afname van voedselinname
  • Slechte adem
  • Niet goed kunnen spreken en slapen 

Oorzaken van een droge mond
 

Algemene factoren

  • Ademen met open mond bij verstopte neus (bij bijvoorbeeld een neussonde of bij een slechte algemene conditie
  • Niet eten of drinken
  • Uitdroging
  • Psychische factoren, zoals depressie of angst

Ziekten en aandoeningen

  • Syndroom van Sjögren: een ziekte waarbij klieren ontstoken raken, zoals traan- en speekselklieren 
  • Parotitis: ontsteking van de speekselklier(en)
  • Tumorgroei in speekselklier 
  • Diabetes mellitus (suikerziekte)
  • Aids
  • Afstotingsreactie na beenmergtransplantatie (graft-versus-host-ziekte)
  • Hypothyreoïdie: te langzaam werkende schildklier
  • Nierinsufficiëntie/aandoeningen van het zenuwstelsel

Gevolgen van behandeling

  • Bepaalde medicijnen (onder andere opioiden)
  • Toediening van zuurstof
  • Regelmatig uitzuigen van de mond- en keelholte
  • Na operatie of bestraling van speekselklieren

Onderzoek en diagnostiek

De arts zal een anamnese afnemen en uw mond inspecteren. Een anamnese is een gesprek waarbij de arts u vragen stelt over uw voorgeschiedenis en uw klachten.

Behandeling van een droge mond

De arts kan verschillende behandelingen voorstellen. Deze zijn onder te verdelen in:

  • Behandeling van de oorzaak
  • Behandeling van de klachten 

Behandeling van de oorzaak

  • Behandeling van de onderliggende ziekte
  • Aanpassen van medicijnen
  • Stoppen met medicijnen 

Behandeling van de klachten

Mondverzorging:

  • Lippen en mondhoeken invetten met vaseline
  • 4-10 x per dag mondspoelen met zoutoplossing(1 afgestreken theelepel zout in een glas water)
  • Tandenpoetsen met zachte tandenborstel of elektrische tandenborstel
  • Reinigen van eventuele implantaten met zachte tandenborstel
  • 1x per dag schoonmaken tussen tanden en kiezen met tandenstokers, ragers of dental floss
  • Poetsen van de tong met een zachte tandenborstel
  • Verzorging van gebitsprothese 

Bij langdurig droge mond:

  • Mond spoelen met fluoride, maximaal 2 à 3 maal per dag
  • Vermijden van mondspoelingen met alcohol of glycerine

Aanpassing van de voeding:

  • Vermijd sterk gekruide, droge en harde voeding 
  • Zorg dat u samen met uw voedsel ook vocht binnenkrijgt, bijvoorbeeld door de voeding vochtig te maken met jus of vruchtenmoes
  • Eventueel een diëtist inschakelen

Stimulatie van de speekselproductie:

  • Eet (suikervrije) snoepjes, kauwgum of ananasblokjes
  • Mondspoelen met bijvoorbeeld Biotene of Zendium
  • Drink koolzuurhoudende dranken
  • Acupunctuur en elektrostimulatie (indien mogelijk)
  • Gebruik geen lemon swabs’ (wattenstokjes met vettigheid en citroen). Deze drogen uw mond extra uit  

Speekselvervangers:

  • Water: kleine slokjes water drinken, zuigen op ijssnippers of ijsblokjes, 
  • Mondspoeling of mondspray met een zoutoplossing kunstspeeksels, zoals Saliva Orthana   
  • Mondbevochtigingsproducten zoals Bioten Oral Balance gel en spray, BioXtra (beide verkrijgbaar bij drogist of apotheek) of Caphosol (op recept)

Medicijnen (pilocarpine)

Controle  

De arts of verpleegkundige inspecteert dagelijks uw mond en bespreekt uw klachten met u. Eventueel kan de mondhygiëniste of tandarts de controle doen. Gebruikt u medicijnen tegen een droge mond, dan controleert de arts of verpleegkundige na een week het effect daarvan. 

Over deze pagina

De informatie in de bibliotheek is getoetst door medisch specialisten en andere deskundigen.

Laatste update: maart 2016

Dit artikel is geschreven door kanker.nl.

Met medewerking van

Dr. Graeff, A. de (medisch oncoloog)