Anti-hormonale therapie bij borstkanker

Deze informatie is gecontroleerd door deskundigen.

Naar colofon

Opslaan

Anti-hormonale therapie (ook wel: hormoontherapie) bij borstkanker werkt alleen als je een hormoongevoelige tumor hebt. De behandeling maakt de kans kleiner dat de kanker terugkomt.  

Lees op deze pagina over:

En ook over:

En over:

Hoe werkt anti-hormonale therapie?

Anti-hormonale therapie is een behandeling tegen de vrouwelijke hormonen oestrogeen en progesteron. Een hormoongevoelige tumor groeit onder invloed van deze hormonen.

Bij deze behandeling krijg je medicijnen die ervoor zorgen dat je deze hormonen minder aanmaakt. Of dat hun invloed op de kankercellen minder groot wordt. Deze medicijnen werken door je hele lichaam.

Ga direct naar deze informatie: Wanneer anti-hormonale therapie bij borstkanker?

Soorten anti-hormonale therapie bij borstkanker en medicijnen

Er zijn 2 groepen anti-hormonale therapie:

  • medicijnen die de aanmaak van hormonen blokkeren
  • medicijnen die de werking van hormonen remmen

Welke soort anti-hormonale therapie de arts voorstelt, hangt af van het stadium van de borstkanker, of je al in de overgang bent en de mogelijke bijwerkingen. 

Medicijnen die de aanmaak van de hormonen blokkeren

Vrouwen die nog niet in de overgang zijn krijgen andere medicijnen dan vrouwen die in de overgang zijn (geweest).

Medicijnen voor vrouwen die nog niet in de overgang zijn
Bij vruchtbare vrouwen komen de vrouwelijke geslachtshormonen uit de eierstokken. Als je nog in de vruchtbare leeftijd bent, krijg je medicijnen die de werking van je eierstokken tijdelijk stilleggen. Deze medicijnen heten LHRH-agonisten. Je krijgt ze via een injectie. Die injectie wordt elke 1 tot 3 maanden herhaald.

Er zijn verschillende LHRH-agonisten beschikbaar. De bekendste zijn goselerine (Zoladex®), buselerine (Suprefact®), leuproreline (Lucrin®) en triptoreline (Decapeptyl®). 

In plaats van medicijnen kun je er ook voor kiezen om je eierstokken met een operatie te verwijderen.

Medicijnen die je eierstokken tijdelijk stilleggen hebben bijwerkingen, maar het verwijderen van je eierstokken heeft ook gevolgen. Ben je nog niet in de overgang, dan kom je na deze operatie vervroegd in de overgang en kun je last krijgen van overgangsklachten. Je hebt ook geen eisprong meer. Dit betekent dat je niet meer zwanger kunt worden.

Bespreek met je arts de voor- en nadelen van beide behandelingen, zodat je een weloverwogen keuze kunt maken.

Medicijnen voor vrouwen na de overgang 
Na de overgang maken de eierstokken geen vrouwelijke hormonen meer. Het vetweefsel en de bijnieren maken wel nog deze hormonen. Een belangrijk eiwit bij de aanmaak van de hormonen is aromatase. Je kunt anti-hormonale therapie krijgen die aromatase blokkeert: een aromataseremmer. Een aromataseremmer blokkeert dus de aanmaak van vrouwelijke hormonen.

Voorbeelden van aromataseremmers zijn anastrozol (meerdere merknamen), letrozol (meerdere merknamen) en exemestaan (Aromasin®). Het medicijn is een tablet dat je dagelijks inneemt.

Medicijnen die de werking van hormonen remmen

Er zijn ook medicijnen die de werking van de vrouwelijke hormonen op de borstkanker remmen. De anti-hormonale therapie bestaat uit ‘nephormonen’ die voorkomen dat de echte hormonen bij de kankercellen kunnen komen. Ze heten ook wel anti-oestrogenen.

Bij anti-oestrogenen maakt het niet uit of je al in de overgang bent geweest, of nog niet. Het bekendste medicijn uit deze soort is tamoxifen. Tamoxifen zijn tabletten die je dagelijks inneemt.

Een ander anti-oestrogeen is fulvestrant (Faslodex®). Fulvestrant krijg je via een maandelijkse injectie. Dit medicijn schrijft de arts alleen voor bij uitgezaaide borstkanker.

borstkanker hormonale therapie

Wanneer anti-hormonale therapie bij borstkanker?

Anti-hormonale therapie heeft alleen zin als je een hormoongevoelige tumor hebt. De arts adviseert deze behandeling als de verwachte resultaten opwegen tegen de eventuele bijwerkingen. Bespreek met je arts welk effect deze therapie kan hebben op je levensverwachting.

Vooraf is niet met zekerheid te voorspellen of de borstkanker goed reageert op anti-hormonale therapie.

Lees op deze pagina verder over:

Anti-hormonale therapie voor of na de borstoperatie

Je kunt anti-hormonale therapie krijgen als onderdeel van de genezende behandeling. De behandeling heeft als doel om de kans kleiner maken dat de ziekte later als uitgezaaide borstkanker terugkomt.

De arts adviseert anti-hormonale therapie als de kans groter is dan 3% dat de tumor binnen 10 jaar terugkomt. De kans wordt berekend met een computermodel en hangt onder andere af van de grootte van de tumor, de graad van de tumor en of er uitzaaiingen in de lymfeklieren zitten.

De arts bespreekt met je wat in jouw situatie het beste moment is voor anti-hormonale therapie. Meestal begin je met anti-hormonale therapie als je klaar bent met de operatie en bestralingen. Als er een reden is voor chemotherapie, dan krijg je die behandeling eerst. Na de chemotherapie begin je dan met anti-hormonale therapie.

In sommige gevallen stelt de arts voor om de behandeling voor borstkanker te beginnen met anti-hormonale therapie. Zo kan de tumor eerst kleiner worden en kunnen eventuele uitzaaiingen in de lymfeklieren ook kleiner worden of zelfs verdwijnen. Hierdoor is de operatie aan je borst misschien minder ingrijpend en is een okselkliertoilet misschien niet nodig.

Welke medicijnen krijg je?

Ben je al in de overgang (geweest), dan krijg je meestal een paar jaar tamoxifen, en daarna nog een paar jaar een aromataseremmer. Of eerst een aromataseremmer en dan tamoxifen. Voorbeelden van aromataseremmers zijn anastrozol (meerdere merknamen), letrozol (meerdere merknamen) en exemestaan (Aromasin®). 

Ben je nog niet in de overgang? Dan krijg je bijna altijd tamoxifen. 

Belangrijk: wil je een voedingssupplement gebruiken? Overleg dan altijd met je arts. Kurkuma en St. Janskruid in een hoge dosering kunnen ervoor zorgen dat tamoxifen minder goed werkt. 

Hoelang duurt de behandeling?

Meestal duurt anti-hormonale therapie 5 jaar. Als het risico op terugkeer van de ziekte groot is,  duurt de behandeling vaak langer: 7 tot 10 jaar.

Lees verder over bijwerkingen en klachten van anti-hormonale therapie.

Jonger dan 40: anti-hormonale therapie én chemotherapie

Ben je jonger dan 40 jaar en krijg je ook chemotherapie? Dan adviseert de arts om anti-hormonale therapie te combineren met een behandeling waardoor je geen oestrogeen meer aanmaakt. De anti-hormonale therapie werkt dan beter.

Je kunt kiezen uit 2 behandelingen:

  • je eierstokken laten verwijderen
  • medicijnen gebruiken die de werking van je eierstokken stilleggen (LHRH-agonisten)

Bespreek met je arts wat in jouw situatie de beste keuze is.

Goed om te weten: Een behandeling met LHRH-agonisten legt de werking van je eierstokken stil, maar is geen vervanging voor anticonceptie. Gebruik daarom condooms of een koperhoudend spiraaltje. Anticonceptie met hormonen ('de pil') is niet geschikt in deze situatie. 

Anti-hormonale therapie bij teruggekeerde borstkanker

Borstkanker komt soms terug na de behandeling. Als de borstkanker is teruggekeerd en hormoongevoelig is, dan kun je (weer) anti-hormonale therapie krijgen. Je arts bespreekt de behandelopties met je. Lees verder over de behandeling van teruggekeerde borstkanker

Anti-hormonale therapie bij uitgezaaide borstkanker

Bij uitgezaaide hormoongevoelige borstkanker kun je anti-hormonale therapie krijgen om je klachten te verminderen. Of om nieuwe klachten zo lang mogelijk uit te stellen. De behandeling kan de groei van de uitzaaiingen in dit geval afremmen, maar kan de kanker niet genezen.

Er zijn verschillende medicijnen beschikbaar, bijvoorbeeld anastrozol, letrozol, exemestaan, fulvestrant en tamoxifen. Je arts bespreekt met je welk medicijn het best past bij jouw situatie.

Meestal begin je met één soort anti-hormonale therapie. Soms worden de uitzaaiingen na een tijdje toch weer groter of neemt het aantal uitzaaiingen toe. Dan werkt die soort anti-hormonale therapie niet meer goed. De kankercellen zijn dan resistent geworden voor dit medicijn. Als anti-hormonale therapie bij jou eerder goed heeft gewerkt, kun je overstappen op een andere soort anti-hormonale therapie. De arts bespreekt dit met je.

Anti-hormonale therapie samen met doelgerichte therapie

Heb je uitgezaaide hormoongevoelige borstkanker die HER2-negatief is? Dan kun je anti-hormonale therapie krijgen samen met doelgerichte therapie. Doelgerichte therapie zorgt ervoor dat de anti-hormonale therapie langer blijft werken.

Je kunt dan één van deze doelgerichte medicijnen krijgen. Voorbeelden van doelgerichte medicijnen zijn:

  • everolimus
  • CDK4/6-remmers: palbociclib, ribociclib en abemaciclib
  • alpelisib (alleen bij een PIK3CA-mutatie)

Met je arts kun je de bijwerkingen bespreken en samen beslissen wat voor jou de beste keuze lijkt.

Uitleg HER-2 negatieve borstkanker:
HER2 is een eiwit dat de groei van de tumor stimuleert. Als het HER2-eiwit niet overmatig aanwezig is, heet dit een HER2-negatieve tumor.

Overstappen op chemotherapie

Reageren de uitzaaiingen helemaal niet meer op een vorm van anti-hormonale therapie? Of zijn er te veel uitzaaiingen? Dan kan de arts voorstellen om over te stappen naar een behandeling met palliatieve chemotherapie.
 

    Bijwerkingen en klachten van anti-hormonale therapie bij borstkanker

    Anti-hormonale therapie kan bijwerkingen geven. Van welke bijwerkingen je last krijgt en hoe erg je er last van hebt, verschilt per persoon. 

    Lees op andere pagina’s verder over de meest voorkomende bijwerkingen van anti-hormonale therapie:

    Heb je erg veel last van bijwerkingen, bespreek dit dan met je arts. Samen kun je de voor- en nadelen van anti-hormonale therapie afwegen. Als je de nadelen te groot vindt, kun je besluiten met de behandeling te stoppen.

    Bespreek de voor- en nadelen van anti-hormonale therapie met je arts

    Kom je in aanmerking voor anti-hormonale therapie? Dan is het belangrijk dat je samen met de arts de voordelen van anti-hormonale therapie afweegt tegen de bijwerkingen en gevolgen van deze behandeling.

    Als je twijfelt of je wel anti-hormonale therapie wilt, vertel dit dan aan je arts. Samen kunnen jullie dan besluiten wat in jouw situatie de beste keuze is. Meer informatie over wat je kunt doen als je twijfelt lees je in het artikel  Als je twijfelt over een behandeling.

    Colofon

    Met medewerking van:

    Logo BVN

    Borstkankervereniging Nederland

    Patiëntenorganisatie

    Website

    Foto Aafke Honkoop

    Dr. Aafke Honkoop

    Internist-oncoloog, Isala

    Foto Rhodé Bijlsma

    Dr. Rhodé Bijlsma

    Internist-oncoloog, UMC Utrecht

    LinkedIn

    illustratie-ervaringsdeskundigen-vrouwen

    Vrouwen die borstkanker hebben (gehad)

    Logo NABON

    Werkgroep Voorlichting, Nationaal Borstkanker Overleg Nederland (NABON)

    Gemaakt door de redactie van kanker.nl

    Laatste update: september 2022