Onderzoek en diagnose

Onderzoek en diagnose bij borstkanker

Opslaan

Update 2018: de informatie over borstkanker wordt bijgewerkt. De behandelrichtlijn van borstkanker wordt namelijk herzien. De nieuwe richtlijn komt in verschillende delen uit. Op basis daarvan past kanker.nl de voorlichtingsinformatie aan. In het colofon (over deze informatie) kunt u zien of het artikel al bijgewerkt is.

Veranderingen in of aan de borst kunnen wijzen op een goedaardige aandoening of op kanker. Alleen medisch onderzoek kan uitwijzen of de verandering goed- of kwaadaardig is. Daarom is het verstandig om bij veranderingen naar uw huisarts te gaan.

Uw huisarts zal u lichamelijk onderzoeken. Daarbij bekijkt en bevoelt hij zorgvuldig uw borsten. Ook onderzoekt hij of er opgezette lymfeklieren zitten in uw oksels of hals. Als het nodig is adviseert hij u verder onderzoek. Of hij verwijst u meteen naar een chirurg of een mammapoli.

Mammapoli

Een groot aantal ziekenhuizen heeft een mammapoli. Mamma betekent borst. Een mammapolikliniek is een polikliniek specifiek voor patiënten met verdenking op borstkanker. Op een mammapoli werkt een team van:

  • artsen
  • mammacareverpleegkundigen
  • nurse practitioners mammacare

Het artsenteam bestaat vaak uit een chirurg, plastisch chirurg, radioloog, patholoog, radiotherapeut-oncoloog, internist-oncoloog en nucleair geneeskundige.Op een mammapoli krijgt u een deel van de onderzoeken op 1 dag. Vaak is de uitslag van dat onderzoek nog dezelfde dag bekend.  Dit kunnen de volgende onderzoeken zijn:

Niet kwaadaardig

Wijst onderzoek niet op een kwaadaardige tumor? En is duidelijk wat voor soort afwijking u heeft? Dan bespreekt u met uw arts het vervolg. Vaak hoeft er niets meer te gebeuren. Soms moet u onder controle blijven of is het toch verstandig om de afwijking operatief te verwijderen.

Wel kwaadaardig

Vindt de arts een kwaadaardige tumor, dan is verder onderzoek nodig. Hiermee stelt hij vast hoe groot de tumor is, of er lymfeklieruitzaaiingen in de oksel zijn, wat de kenmerken van de tumor zijn. Bijvoorbeeld hoe kwaadaardig de tumor is. Daarnaast kan de tumor hormoongevoelig zijn en kan hij HER2-receptoren hebben. Deze tumorkenmerken bepalen welke behandeling het meest geschikt is.

Aanvullend beeldvormend onderzoek

Soms is ook aanvullend onderzoek nodig om na te gaan of er uitzaaiingen zijn elders in het lichaam. 

Beeldvormend onderzoek:

  • longfoto of CT-scan van de borstkas (thorax): onderzoek naar uitzaaiingen in de longen of in de lymfeklieren in de borstkas.
  • botscan: onderzoek naar uitzaaiingen in de botten
  • echografie van de lever: onderzoek naar uitzaaiingen in de lever. Wanneer een afwijking in de lever te zien is, wordt er soms nog aanvullend een CT-scan van de buik gemaakt om deze beter in beeld te brengen.
  • MRI: onderzoek met magneetvelden naar exacte plaatsbepaling van de tumor in de borst; onderzoek naar uitzaaiingen in de hersenen of het ruggenmerg.
  • PET-CT scan: onderzoek met een combinatie van een CT-scan en een PET-scan, na toediening van een radioactieve stof, waarmee het hele lichaam onderzocht kan worden op uitzaaiingen.

Vindt de arts bij deze onderzoeken aanwijzingen voor uitzaaiingen, dan volgt een biopsie. Daarmee kan hij bevestigen dat het om een uitzaaiing van borstkanker gaat.

Lymfeklieronderzoek

Vermoedt de arts dat u een kwaadaardige tumor heeft in de borst, dan maakt de radioloog een echografie van de oksel. Worden hierop vergrote of verdachte lymfeklieren gezien, dan moet dat nog worden bewezen met een punctie. Bij een punctie worden de cellen uit de lymfeklier opgezogen. De patholoog onderzoekt deze cellen.

Vindt de patholoog uitzaaiingen, dan bespreekt de arts met u de behandeling van deze lymfeklieren. Vindt hij geen uitzaaiingen, dan krijgt u extra onderzoek om hier zeker van te zijn aangezien er toch nog een kans bestaat dat er uitzaaiingen in de oksel zijn. Dit onderzoek is de schildwachtklierprocedure.

Genprofielentest

Door een bepaalde set van 70 genen te onderzoeken, is de prognose van borstkanker soms beter te voorspellen. Daardoor kan de arts soms een betere uitspraak doen over het risico op uitzaaiingen. Een genprofielentest is vooral behulpzaam voor patiënten met borstkanker in een vroeg stadium. Voorbeelden van genprofielentesten zijn de MammaPrint® en de 21 genentest Oncotype DX z.

Na de diagnose

Na de diagnose breekt er een periode aan waarin steun erg belangrijk is. Goede support vanuit uw thuisomgeving is belangrijk. Het is belangrijk om zoveel mogelijk betrouwbare informatie over de behandeling in te winnen. Misschien weet u nog niet hoe de behandeling eruit gaat zien of hoe lang de behandeling gaat duren. Informatie kan u helpen bij het maken van keuzes.

Over deze pagina

De informatie in de bibliotheek is getoetst door medisch specialisten en andere deskundigen.

Laatste update: april 2015

Dit artikel is geschreven door KWF Kankerbestrijding.

Met medewerking van

Borstkankervereniging Nederland, Dr. Zonderland, H.M. (radioloog)