Behandeling van borstkanker

Bestraling bij borstkanker

Opslaan

Hoe werkt bestraling?

Bestraling is de behandeling van kanker met straling. Het doel is kankercellen te vernietigen en tegelijk gezonde cellen zoveel mogelijk te sparen. Bestraling is een plaatselijke behandeling: het deel van het lichaam waar de tumor zit of eerst zat wordt bestraald.  Een ander woord voor bestraling is radiotherapie.

De straling komt uit een bestralingstoestel. De straling gaat van buitenaf door de huid heen. De radiotherapeut bepaalt nauwkeurig de hoeveelheid straling en de plek waar je wordt bestraald. De radiotherapeutisch laborant voert de bestralingen uit.

Aantal bestralingen bij borstkanker

De bestraling is verdeeld over meerdere sessies. Vroeger kregen borstkankerpatiënten 25 tot 33 bestralingen.

Tegenwoordig is de hoeveelheid bestraling per sessie iets hoger. Dit heet hypofractionering.

Hierdoor krijg je de bestraling in een kleiner aantal sessies: 15 tot 22 keer. Je hoeft daardoor minder vaak naar het ziekenhuis te komen en bent ook eerder klaar met de bestraling.

Bestraling bij uitzaaiingen is meestal korter: één of een paar keer.

Wanneer bestraling bij borstkanker?

Bestraling bij borstkanker krijg je meestal in combinatie met andere behandelingen, zoals een operatie, chemotherapie of hormonale therapie.

Bestraling vindt bijvoorbeeld plaats:

Sommige vrouwen starten de behandeling van borstkanker met chemotherapie en krijgen daarna de operatie en bestraling. De toepassingen van bestraling zijn dan hetzelfde.

Bestraling na een borstsparende operatie

Na een borstsparende operatie krijg je bijna altijd bestraling. Meestal op de gehele borst. Soms krijg je alleen bestraling op het gedeelte van de borst waar de tumor gezeten heeft. Welke behandeling je krijgt, hangt af van verschillende factoren zoals jeleeftijd en kenmerken van de tumor.

Het doel van de bestraling is kankercellen te vernietigen die misschien in de borst zijn achtergebleven. Bestraling verlaagt de kans op terugkeer van de borstkanker aanzienlijk.

Boost-bestraling

Soms krijg je naast bestraling van de hele borst nog een boost-bestraling. Dit is een extra dosis straling op alleen de plek waar de tumor heeft gezeten.

Boost-bestraling zorgt ervoor dat de kans op terugkeer van de kanker nog kleiner wordt. Het levert vooral winst op bij vrouwen jonger dan 50 jaar en bij bepaalde eigenschappen van de tumor.

Hoe wordt boost-bestraling gegeven?

De boost-bestraling kan op 2 manieren worden gegeven. Meestal krijg je de boost-bestraling tegelijk met de bestraling van de hele borst. De bestraling duurt dan 1 tot 1,5 week langer (4 tot 5 weken in totaal).

Je kunt ook inwendige bestraling krijgen met een radioactieve stof. De stof wordt met holle naalden ingebracht op de plaats waar de tumor heeft gezeten. Deze techniek wordt in Nederland zelden gebruikt.

Boost-bestraling van de lymfeklieren

Soms krijg je ook boost-bestraling op de lymfeklieren rondom de borst. De lymfeklieren zitten in de oksel, langs het borstbeen en rondom het sleutelbeen. De radiotherapeut bepaalt welke lymfeklieren een boost-bestraling krijgen, afhankelijk van de plek van de tumor en eventuele uitzaaiingen in de lymfeklieren.

Uiterlijk na boost-bestraling

Door de hoge dosis straling kan een boost-bestraling een minder mooi cosmetisch resultaat geven. In sommige situaties kan een behandeling door de plastisch chirurg verbetering geven.

Bestraling na een borstamputatie

Ook na een borstamputatie kun je soms bestraling krijgen. Bijvoorbeeld als:

Borstreconstructie en bestraling na borstamputatie

Na een borstamputatie kun je een borstreconstructie krijgen. Bij een directe reconstructie met plaatsing van een prothese tijdens de operatie kan de aanvullende bestraling problemen geven.

Bestraling kan namelijk zorgen voor meer kapselvorming rondom de siliconenprothese. Kapselvorming betekent dat zich een laagje bindweefsel rondom de prothese vormt. Dit gebeurt ook in enige mate zonder bestraling. Maar door de bestraling kan de kapselvorming verergeren. Hierdoor kan de borstreconstructie vervormen. Dit kan pijnlijk zijn.

Het risico op veel kapselvorming verschilt per persoon. Factoren die de kapselvorming kunnen verergeren zijn overgewicht en roken.

In overleg met de plastisch chirurg kun je er ook voor kiezen de borstreconstructie niet direct te laten uitvoeren, maar op een later moment na de bestraling. Ook bestaat er de mogelijkheid om een borstreconstructie met lichaamseigen materiaal te laten doen, zoals  spier- en vetweefsel. Deze vorm van reconstructie geeft samen met bestraling vaak een beter resultaat.

Lees verder over bestraling en borstreconstructie.

Breath-hold techniek

Krijg je bestraling op de linkerborst of linkerborstwand? Dan zou het kunnen dat er straling op het hart komt. Het hart ligt dan namelijk vlak achter het gebied waar de straling op gericht wordt.

Straling op het hart kan het hart beschadigen. Om de kans op hartschade zo klein mogelijk te maken, helpt het om tijdens de bestraling diep in te ademen en de adem vast te houden.

Hierdoor komt het hart verder weg van het te bestralen gebied en kan er minder straling op het hart komen.

Deze techniek heet de breath-hold techniek. Hiervoor houd je de adem ongeveer 30 seconden in. Per bestralingssessie doe je dat meestal 3 of 4 keer. Voordat de bestralingsbehandeling start, krijg je oefeningen waarmee je leert je adem 30 seconden in te houden.

Bestraling tijdens een borstsparende operatie (IORT)

De arts kan voorstellen om bestraling te geven tijdens de operatie zelf. Deze techniek heet IORT, dat is de afkorting van Intra-Operatieve RadioTherapie.

Krijg je bestraling tijdens de operatie? Dan is het niet meer nodig daarna nog naar het ziekenhuis te komen voor een bestraling. Ook kun je sneller starten met andere aanvullende behandelingen, zoals hormonale therapie of doelgerichte therapie.

Wanneer IORT bij borstkanker?

Bestraling tijdens de operatie kan geschikt zijn bij borstkanker met een laag risico op terugkeer. Dit is het geval bij vrouwen van 50 jaar en ouder die een kleine tumor hebben zonder uitzaaiingen in de lymfeklieren.

Er zijn nog een aantal andere voorwaarden voor IORT. De arts kan vertellen of je voor deze behandeling in aanmerking komt.

Lees meer over IORT.

Bestraling bij uitzaaiingen in de lymfeklieren

Heb je uitzaaiingen in de lymfeklieren rondom de borst? Dan kan de arts bestraling op de lymfeklieren voorstellen. Lymfeklieren rondom de borst bevinden zich in de oksel, rondom het sleutelbeen en bij het borstbeen. Meestal zaait borstkanker als eerste uit naar de lymfeklieren in de oksel.

Bestraling of een okselkliertoilet

Bij uitzaaiingen in de oksel kun je bestraling krijgen. Een alternatief is het okselkliertoilet. Bestraling geeft minder kans op klachten op de lange termijn dan een okselkliertoilet. De arts bespreekt met je welke van de 2 behandelingen in jouw situatie het meest geschikt is.

Bij uitzaaiingen kleiner dan 2 mm kan de arts een afwachtend beleid voorstellen. Deze kleine uitzaaiingen worden ook micrometastasen genoemd.

Krijg je chemotherapie voorafgaand aan de borstoperatie? Door de chemotherapie kunnen de uitzaaiingen verdwijnen, waardoor een behandeling van de oksel (bestraling of okselkliertoilet) wellicht niet nodig is.

Voor de chemotherapie markeert de arts de lymfeklier waarin de uitzaaiingen zitten. Tijdens de borstoperatie verwijdert de chirurg deze lymfeklier. De patholoog kijkt vervolgens of de uitzaaiing in de oksel nog steeds aanwezig is.

Bestraling bij teruggekeerde borstkanker

Als de borstkanker is teruggekomen, kun je (opnieuw) bestraling krijgen.

Heb je eerder geen bestraling gehad? Dan krijg je nu een hoge dosis straling, meestal na een operatie waarmee de teruggekeerde tumor wordt weggehaald.

Bestraling met hyperthermie

Heb je al eerder bestraling gehad, dan is een tweede keer bestraling mogelijk. Die krijg je vaak samen met hyperthermie.

Hyperthermie is een behandeling waarbij de plek in en rondom de tumor warmer wordt gemaakt. Zo worden de kankercellen gevoeliger voor bestraling. Bespreek met de arts of dit mogelijk is en wat de voor- en nadelen van een tweede keer bestraling zijn.

Lees meer over bestraling met hyperthermie.

Bestraling bij uitgezaaide borstkanker

Bij uitzaaiingen van borstkanker in andere delen van het lichaam kan bestraling helpen. Bestraling kan klachten verminderen en de groei van de uitzaaiingen afremmen. Vooral bij uitzaaiingen in de botten, de wervelkolom en de hersenen wordt bestraling gebruikt.

Bestraling bij uitzaaiingen in de botten

Bij uitzaaiingen in de botten wordt vaak een hoge dosis bestraling gegeven voor 1 tot 3 keer. Meestal neemt de pijn in de botten binnen enkele weken af. Soms verdwijnt de pijn zelfs helemaal.

Bestraling bij uitzaaiingen in de hersenen

Bij uitzaaiingen in de hersenen is het belangrijk om te voorkomen dat lichaamsfuncties uitvallen. De uitzaaiingen kunnen bestraling krijgen, of de gehele hersenen. Dit hangt af van hoe uitgebreid de uitzaaiingen zijn.

Bestraling bij uitzaaiingen in de longen en lever

Soms wordt bestraling gebruikt bij uitzaaiingen in de longen en lever. Dit kan wanneer er maar een paar uitzaaiingen zijn (oligo-uitzaaiingen).

Bestraling bij kanker

Deze video laat zien hoe uitwendige bestraling in zijn werk gaat.

Over deze pagina

De informatie in de bibliotheek is getoetst door medisch specialisten en andere deskundigen.

Laatste update: december 2018

Dit artikel is geschreven door kanker.nl.

Met medewerking van

Borstkankervereniging Nederland