Bevolkingsonderzoek baarmoederhalskanker

Opslaan

Alle vrouwen in Nederland in de leeftijd van 30 tot 60 jaar krijgen elke 5 jaar een uitnodiging voor het bevolkingsonderzoek baarmoederhalskanker. 

Bij dit bevolkingsonderzoek neemt de huisarts of assistent cellen af van het slijmvlies van de baarmoederhals. Dit heet een uitstrijkje

Zie je erg op tegen het uitstrijkje, dan kun je een zelfanamneseset aanvragen en zo thuis zelf slijm uit je vagina wegnemen. Zo doe je toch mee aan het bevolkingsonderzoek baarmoederhalskanker. 

Met het bevolkingsonderzoek kan al vroeg worden ontdekt of je afwijkende cellen in je baarmoederhals hebt: CIN. Soms is dan behandeling nodig. Hiermee voorkom je dat de afwijkende cellen na vele jaren baarmoederhalskanker worden.

Bekijk de infographic Hoe gaat het onderzoek van het RIVM.

Onderzoek en uitslag van het uitstrijkje 

In het uitstrijkje wordt eerst gekeken of het humaan papillomavirus (HPV) aanwezig is. HPV is het virus dat op lange termijn baarmoederhalskanker kan veroorzaken. Lees verder over HPV.

Er zijn 2 uitslagen mogelijk:

Geen HPV 

Is het virus niet aanwezig (HPV-negatief)? Dan heb je een goede uitslag van het bevolkingsonderzoek. Je hoeft geen verdere onderzoeken en krijgt over 5 jaar weer een oproep. Ongeveer 98 op de 100 vrouwen krijgen deze uitslag. 

Wel HPV

Bij ongeveer 2 op de 100 vrouwen blijkt er wel HPV in het uitstrijkje te zitten. Dan wordt ook meteen gekeken of er afwijkende cellen in het uitstrijkje zitten. Via de huisarts krijg je dan nog een andere uitslag: de Pap-uitslag. 

  • Pap 1 betekent: er zijn geen afwijkende cellen. Verder onderzoek is niet nodig. Je krijgt na 6 maanden weer een uitstrijkje.
  • Pap 2 of hoger betekent: er zijn afwijkende cellen. De huisarts stuurt je dan altijd door naar de gynaecoloog. De gynaecoloog bekijkt of de afwijking nog vanzelf kan herstellen of dat behandeling nodig is. 

Over deze pagina

De informatie in de bibliotheek is getoetst door medisch specialisten en andere deskundigen.

Laatste update: januari 2017

Dit artikel is geschreven door kanker.nl.

Met medewerking van

Dr. Cor de Kroon, gynaecoloog-oncoloog, LUMC, Dr. Ramon Smolders, gynaecoloog-oncoloog, Erasmus MC