Stadium-indeling bij prostaatkanker

Tmc over deze informatie

Aan de hand van de stadium-indeling bepalen de artsen welke vervolgonderzoeken en behandelingen nodig zijn en schatten zij de vooruitzichten in.

Om de stadium-indeling van prostaatkanker vast te stellen zijn een aantal gegevens nodig:

  • de hoeveelheid PSA in uw bloed
  • het TNM-stadium van de ziekte
  • de Gleason-score

TNM-indeling

De arts stelt u een behandeling voor. Hiervoor moet hij weten:

  • uit welke soort cellen de tumor is ontstaan
  • hoe kwaadaardig deze cellen zijn
  • wat het stadium van de ziekte is

Het stadium geeft aan hoever de ziekte zich in het lichaam heeft uitgebreid. De arts stelt het stadium vast. Hij doet onderzoek om de TNM-indeling
te bepalen:
  • T van tumor: de grootte van de tumor en/of hoever de tumor is doorgegroeid in het weefsel eromheen
  • N van node dat Engels is voor lymfeklier: of er uitzaaiingen zijn in de lymfeklieren en in hoeveel
  • M van metastase of uitzaaiingen: of er uitzaaiingen zijn in organen ergens anders in het lichaam

Elke kankersoort heeft een eigen TNM-indeling. De letters worden met cijfers onderverdeeld. Bijvoorbeeld T1, waarbij de tumor een bepaalde grootte heeft maar niet is doorgegroeid in ander weefsel. Of N0 wat betekent dat er geen uitzaaiingen in de lymfeklieren zijn gevonden.

Met de TNM-indeling bepaalt de arts in welk stadium de ziekte bij u is. Hiermee schat de arts de vooruitzichten in en bepaalt hij de behandeling.

Als u meer wilt weten over de stadium- en TNM-indeling in uw situatie, bespreek dit dan met uw arts.

TNM-indeling bij prostaatkanker

T: tumor

  • Tx: de tumor in de prostaat kan niet worden vastgesteld
  • T0: er is geen bewijs dat er een tumor in de prostaat aanwezig is
  • T1: de tumor is erg klein, niet te voelen en niet te zien op röntgenfoto’s, scans of echografie
    - T1a: minder dan 5% van het verwijderde weefsel bevat tumorcellen
    - T1b: meer dan 5% van het verwijderde weefsel bevat tumorcellen
    - T1c: het verwijderde weefsel van 1 biopt bestaat uit tumorcellen
  • T2 De tumor zit alleen in de prostaat
    - T2a: de tumor is kleiner dan de helft van een prostaatkwab
    - T2b: de tumor is groter dan de helft van een prostaatkwab
    - T2c: de tumor zit in beide prostaatkwabben
  • T3: de tumor groeit ook buiten de prostaat
    - T3a: de tumor groeit door het kapsel van de prostaat heen en ook in de blaas
    - T3b: de tumor groeit door het kapsel van de prostaat heen en ook in de zaadblaasjes
  • T4: de tumor groeit door in omliggende weefsels: endeldarm, kringspier, bekkenbodemspieren, bekkenwand

N: lymfeklieren in het gebied rondom de prostaat

  • Nx: uitzaaiingen in de lymfeklieren kunnen niet worden bepaald
  • N0: er zijn geen uitzaaiingen in de nabijgelegen lymfeklieren
  • N1: er zijn uitzaaiingen in de nabijgelegen lymfeklieren

M: uitzaaiingen op afstand

  • M0: er zijn geen uitzaaiingen in andere organen en weefsels
  • M1: er zijn uitzaaiingen in andere organen en weefsel
    - M1a: er zijn uitzaaiingen in andere lymfeklieren dan de lymfeklieren in het gebied van de prostaat
    - M1b: er zijn uitzaaiingen in de botten
    - M1c: er zijn uitzaaiingen op andere plaatsen

Voorbeeld: T2aN0M0 betekent dat de tumor alleen in de helft van een prostaatkwab groeit. De lymfeklieren zijn schoon en er zijn geen uitzaaiingen in andere organen of weefsels.

Gleason-score

Hoe agressief de kankercellen zijn, wordt gradering genoemd. Bij prostaatkanker wordt dit met de Gleason-score uitgedrukt. Deze score is een getal tussen 6 en 10. Hoe minder de kankercellen lijken op normaal prostaatweefsel, hoe hoger dit getal. En hoe kwaadaardiger de tumor.

Optelsom

De Gleason-score bestaat uit een optelsom van 2 getallen. Vaak is niet al het prostaatkankerweefsel even agressief. De meest agressieve kankercellen krijgen de maximale score 5. De minst agressieve krijgen de minimale score 3.

De patholoog bekijkt het weefsel onder de microscoop en kijkt welke score het meeste voorkomt. Dit noteert hij als het eerste getal van de optelsom. De score die daarna het meeste voorkomt, is het tweede getal. De uiteindelijke Gleason-score is dan bijvoorbeeld 3+4=7 of 5+3=8 .

Als u meer wilt weten over de stadium-indeling in uw situatie, bespreek dit dan met uw arts.