Behandelingen

Hormonale therapie bij prostaatkanker

Opslaan

Hormonale therapie remt de groei van de kankercellen. De prostaat en de prostaatkankercellen groeien door het hormoon testosteron. Hormonale therapie gaat de werking van testosteron op de kankercellen tegen.

De meeste mannen met prostaatkanker krijgen hormonale therapie als de kanker is uitgezaaid. De hormonale therapie is erop gericht om de ziekte te remmen en klachten te verminderen.

Hormonale therapie is soms ook een aanvulling op de behandeling met uitwendige bestraling. Het doel van deze combinatie is om de kans op genezing groter te maken.

Hormonale therapie is eigenlijk een antihormoon therapie. Je krijgt namelijk medicijnen die de aanmaak van hormonen beperken, of die hun invloed verminderen. De behandeling heeft alleen effect bij hormoongevoelige tumoren. Deze groeien onder invloed van hormonen.

De medicijnen verspreiden zich via het bloed door je lichaam. Ze kunnen op bijna alle plaatsen kankercellen bereiken.

Direct starten of afwachten

Na de diagnose uitgezaaide prostaatkanker kan gestart worden met hormonale therapie. Maar dat is niet direct bij iedereen nodig. Als het PSA laag is en er geen klachten zijn, kun je eerst een tijd kijken hoe het gaat. Dan kom je iedere drie tot zes maanden op controle.

Meestal start je pas met hormonale therapie als het PSA snel stijgt of als je klachten krijgt. Het voordeel hiervan is dat je dan nog geen last krijgt van de bijwerkingen van hormonale therapie. Afwachten of direct beginnen met hormonale therapie heeft geen invloed op de overleving.

Vaak kun je in overleg met de arts kiezen uit meerdere soorten hormonale therapie. Bespreek de voordelen en nadelen van de verschillende behandelingen goed met de arts.

Hormonale therapie in combinatie met chemotherapie

In sommige gevallen kan de arts voorstellen de hormonale therapie te combineren met chemotherapie. Soms is een combinatie met nieuwe hormonale medicijnen mogelijk.

Injecties met hormonale therapie

De hormonale therapie bij uitgezaaide prostaatkanker begint vaak met injecties. Deze injecties zorgen ervoor dat de zaadballen minder testosteron maken. De injecties krijg je iedere maand, of iedere drie tot zes maanden.

Er zijn verschillende soorten injecties. Zoals busereline (Suprefact®), gosereline (Zoladex®), leuproreline (Eligard®), triptoreline (Decapeptyl®, Pamorelin®) en degarelix (Firmagon®).

Operatie aan de zaadballen

Soms kan de arts voorstellen om de zaadballen te verwijderen. Zo maakt het lichaam bijna geen testosteron meer aan. Dit heet een castratie.

Een castratie is medisch gezien geen grote ingreep, maar kan emotioneel zwaar zijn. Het voordeel van deze operatie is dat de behandeling in één keer plaatsvindt. Je hoeft niet regelmatig injecties te krijgen.

Als de hormonale therapie niet meer werkt

De meeste prostaatkankers reageren na één tot drie jaar niet meer op de injecties (of de operatie aan de zaadballen). Het PSA gaat dan weer stijgen. De tumor is dan resistent geworden voor de hormonale therapie. Dit heet castratie-resistente prostaatkanker, afgekort CRPC.

In deze fase zijn verschillende medicijnen mogelijk:

Antihormonen

Antihormonen blokkeren de werking van het testosteron op de prostaatkankercellen. Er zijn verschillende antihormonen verkrijgbaar. Zoals bicalutamide (Biluron® of Casodex®), flutamide, nilutamide (Anandron®) en cyproteron (Androcur®).

Dit zijn tabletten die je iedere dag inneemt. Ze kunnen soms ook een vervanger zijn voor de injecties. Een andere naam voor deze soort medicijnen is anti-androgenen.

Nieuwe vormen van hormonale therapie

Er zijn ook twee nieuwe hormonale middelen die werken bij castratie-resistente prostaatkanker. Dit zijn enzalutamide (Xtandi®) en abirateron (Zytiga®). Deze nieuwere medicijnen kunnen soms ook in een eerdere fase van de ziekte helpen.

Kiezen uit behandelingen

Bespreek met de arts welke medicijnen voor jouw situatie het meest geschikt zijn. Bij CRPC zijn ook andere behandelingen mogelijk, zoals chemotherapie en radioactief radium. Er is een keuzehulp beschikbaar die je ondersteunt bij het maken van deze beslissing.

Bijwerkingen van hormonale therapie bij prostaatkanker

Hormonale therapie kan bijwerkingen geven. Bespreek de bijwerkingen van hormonale therapie altijd met de arts of verpleegkundige. Zij kunnen je leefstijladviezen of medicatie geven die de bijwerkingen verminderen.

Veranderingen in uiterlijk

Veel mannen merken veranderingen in hun uiterlijk, zoals minder spieren en toename van het gewicht. Ook kan de lichaamsbeharing minder worden.

Seksuele problemen

Klachten op seksueel gebied komen ook voor. Vaak is de zin in seks minder en kan het lastig zijn om een erectie te krijgen.

Onvruchtbaar

Bij hormonale therapie is de kans groot dat je onvruchtbaar wordt. Hoe groot die kans is, hangt van een aantal dingen af. Zoals de soort hormonale therapie, je leeftijd en eerdere behandelingen.

Heb je een kinderwens, bespreek dit dan met de arts voordat je start met de hormonale therapie.

Klachten die lijken op de overgang

Daarnaast zijn er bijwerkingen van hormonale therapie die ook voorkomen bij vrouwen in de overgang, zoals:

  • opvliegers
  • pijnlijke zwelling van het borstweefsel
  • een neerslachtig gevoel en een wisselend humeur
  • botontkalking (osteoporose)
  • pijn aan de gewrichten
  • hoofdpijn
  • vermoeidheid

Pauze in de behandeling

Soms is het mogelijk een pauze te nemen van de hormonale therapie. Je krijgt dan een tijdje wel en een tijdje geen hormonale therapie. De meeste mannen hebben hierdoor minder last van bijwerkingen. De pauze heeft geen effect op de levensverwachting.

Over deze pagina

De informatie in de bibliotheek is getoetst door medisch specialisten en andere deskundigen.

Laatste update: oktober 2019

Dit artikel is geschreven door kanker.nl.

Met medewerking van

ProstaatKankerStichting.nl