Na de behandeling van speekselklierkanker kom je regelmatig op controle. De arts kijkt dan of de behandeling effect heeft gehad en of de kanker wegblijft. De arts onderzoekt de speekselklieren, mond en keel.
Ook zal de arts regelmatig de lymfeklieren in de hals onderzoeken. Dat kan door de klieren in de hals met de hand te voelen, of met een echografie van de hals. Soms krijg je ook andere onderzoeken tijdens de controle, maar die zijn niet standaard.
Andere woorden voor controle zijn: nacontrole of follow-up.
Gevolgen van de behandeling bespreken
Op de controle-afspraak kun je bespreken of je last hebt van de gevolgen van de behandeling. De arts en verpleegkundige informeren je wat hieraan te doen valt.
Zij kunnen je verwijzen naar andere zorgverleners die je met de klacht(en) kunnen helpen helpen. Zoals een logopedist, diëtist, fysiotherapeut of psycholoog.