Om de halsklieren bij de operatie weg te halen maakt de arts een snee in je hals. Daarna haalt de arts (een deel van) de lymfeklieren uit je hals weg. De arts kan de lymfeklieren aan 1 kant van je hals weghalen (links of rechts), of aan beide kanten. Dit hangt af van de plek van de tumor. En van hoe groot de tumor is.
Een operatie om de halsklieren weg te halen kan ook tijdens de operatie van de tumor. Bijvoorbeeld tijdens een commando-operatie of een totale laryngectomie.
De patholoog onderzoekt in het laboratorium of er kankercellen in het weefsel van de lymfeklieren zitten.
Risico’s en complicaties bij een halsklierdissectie
Bij elke operatie is er kans op complicaties. Bijvoorbeeld een nabloeding, wondinfectie, trombose of longontsteking.
Ook kunnen bepaalde zenuwen tijdens de operatie beschadigen. Daardoor kun je bijvoorbeeld je schouder niet meer goed bewegen of je mondhoek of tong. Je arts bespreekt dit risico vooraf met je, en je kunt er ook zelf naar vragen.
Na de operatie word je goed in de gaten gehouden door je arts en verpleegkundigen. Zij vertellen je ook bij welke klachten je het ziekenhuis moet bellen als je weer thuis bent.
Blijvende klachten na een halsklierdissectie
Na de operatie aan je lymfeklieren kun je verschillende klachten krijgen. Zoals een stijve of pijnlijke schouder. Ook kan de huid in je hals of oorlel gevoelloos worden. Dat heet neuropathie. Soms komt het gevoel weer terug, maar dat gebeurt niet altijd.
Als de lymfeklieren zijn weggehaald, kan het lymfevocht niet meer goed wegstromen uit je hoofd. Het lymfevocht hoopt dan op. Zo ontstaat een dikke plek of zwelling in je gezicht en/of je hals. Dit heet lymfoedeem.
Lees verder over de gevolgen van keelkanker, bijvoorbeeld over lymfoedeem.