Veel mensen met MPN krijgen medicijnen tegen trombose: bloedverdunners. Die zorgen ervoor dat er geen bloedpropjes in je bloedvaten ontstaan. Hierdoor is je kans op trombose kleiner.
Je slikt de bloedverdunners voor de rest van je leven. Er zijn verschillende bloedverdunners. Je hoort van je arts welke bloedverdunner je krijgt.
Bijwerkingen van bloedverdunners
Bloedverdunners kunnen bijwerkingen geven. Je arts of verpleegkundige bespreekt welke bijwerkingen je kunt krijgen. En hoe je hier het best mee omgaat.
Deze klachten kun je krijgen door de medicijnen:
- meer kans op bloedingen
- sneller blauwe plekken
- last van je maag
Heb je bijwerkingen? Vertel het aan je arts of verpleegkundige. Dan kunnen jullie samen kijken of er een alternatief is.