Rode bloedcellen brengen zuurstof naar alle delen van je lichaam. Zonder zuurstof kan je lichaam niet werken. In de rode bloedcellen zit een eiwit: hemoglobine. De zuurstof plakt daaraan vast. Zo vervoert hemoglobine de zuurstof. De afkorting van hemoglobine is Hb.
Een ander woord voor rode bloedcellen is erytrocyten.
Rode bloedcellen en MPN
Het is belangrijk dat je voldoende rode bloedcellen hebt: niet te veel en niet te weinig.
Te veel rode bloedcellen maakt je bloed stroperig. Stroperig bloed stroomt langzamer door de kleine bloedvaatjes. Daardoor ontstaan sneller bloedpropjes. De bloedpropjes kunnen bloedvaten verstoppen, dit heet trombose. Bij trombose heb je sneller problemen met je hart of bloedvaten.
Te weinig rode bloedcellen, of te weinig hemoglobine in de rode bloedcellen, zorgt voor bloedarmoede. Dan word je moe en kun je kortademig of duizelig zijn. Een ander woord voor bloedarmoede is anemie.