Zit het non-hodgkinlymfoom in de borstkas? En stelt de arts bestraling voor om te genezen van de ziekte? Dan is soms ook protonentherapie mogelijk.
Bij protonentherapie gebruikt de arts een speciaal soort straling met protonen. Een proton is een heel klein natuurkundig deeltje dat straling afgeeft. De straling maakt de kankercellen kapot.
Met protonentherapie komt er mogelijk minder straling op de gezonde weefsels rondom de tumor. Daarom is de kans op bijwerkingen na protonentherapie kleiner dan bij de ‘gewone’ uitwendige bestraling. Die bestraling is met fotonen.
Kom ik in aanmerking voor protonentherapie?
Of je met protonentherapie minder kans hebt op bijwerkingen van de bestraling, verschilt per persoon. Het heeft vooral te maken met de plek van het lymfoom. En met hoeveel bestraling er op het gezonde weefsel komt.
Om dit te bepalen, maakt de arts een planningsvergelijking. Hiermee vergelijkt de arts het bestralingsplan van de protonentherapie met het bestralingsplan van de bestraling met fotonen. Zo kan de arts nagaan of protonentherapie bij jou minder schade geeft aan de gezonde weefsels die om de tumor heen liggen.
Het voordeel van protonentherapie in vergelijking met de fotonenbestraling moet groot genoeg zijn. Dat staat zo aangegeven in de landelijke richtlijn. Als dat zo is, kom je in aanmerking voor een behandeling met protonentherapie.