Behandeling en bijwerkingen

Operatie bij maagkanker

Opslaan

Afhankelijk van de plaats en grootte van de tumor zijn de volgende operaties mogelijk:

  • buismaagoperatie: bij een tumor in het bovenste deel van de maag
  • maagresectie: totale of gedeeltelijke verwijdering van de maag
  • endoscopische resectie: heel soms bij een tumor in de meest oppervlakkige laag van de maagwand waarbij geen uitzaaiingen worden gevonden
  • bypassoperatie: dit is een palliatieve behandeling

Voorafgaand aan de operatie krijg je meestal ook chemotherapie. Na de operatie kun je nog een aanvullende behandeling krijgen met chemotherapie of chemoradiatie. Bij chemoradiatie krijg je gelijktijdig chemotherapie en bestraling.

Buismaagoperatie

De buismaagoperatie is een in opzet genezende behandeling. Bij deze operatie verwijdert de chirurg het bovenste deel van de maag of maagingang samen met (een deel van) de slokdarm.

Daarna maakt hij een ‘buis’ van de buitenbocht van de maag. Deze maakt hij vast aan het bovenste deel van de slokdarm. Zo wordt het spijsverteringskanaal weer hersteld.
Een andere naam voor buismaagoperatie is oesofagus-cardiaresectie.

Buismaag

Een buismaag vervangt de maag of slokdarm als die is verwijderd bij de operatie. Een buismaag wordt gemaakt van (een stuk van) de maag.

1: slokdarm, 2: overgang slokdarm en maag, 3: buismaag, 4: oorspronkelijke maag, 5: dunne darm, 6: dikke darm

Maagresectie

Bij een maagresectie verwijdert de chirurg de tumor met een deel van het gezonde maagweefsel dat eromheen ligt. Dit is een opzet genezende behandeling.

Je kunt 2 typen operaties krijgen. Dit hangt af van de plaats van de tumor en hoe uitgebreid de tumor is:

  • Partiële maagresectie: de chirurg verwijdert een deel van de maag. Partiëel betekent gedeeltelijk. 
  • Totale maagresectie: de arts verwijdert de hele maag. Bij maagkanker van het diffuse type wordt vaak een totale maagresectie gedaan.

Partiële maagresectie

Meestal krijg je deze operatie als de tumor in het onderste deel van de maag zit. Bij een partiële maagresectie verwijdert de chirurg:

  • een deel van de maag:
    - subtotale maagresectie: de chirurg verwijdert ongeveer twee derde van de maag
    - distale maagresectie: de chirurg haalt alleen het onderste deel van de maag weg.
  • de maaguitgang
  • het begin van de twaalfvingerige darm
  • een aantal omliggende lymfeklieren en het vetschort

Hij verbindt het overgebleven bovenste deel van de maag met de dunne darm. Meestal doet hij dit met een Roux-Y reconstructie.

Blijkt bij de partiële maagresectie dat de Helicobacter pylori bacterie zich in de maag bevindt? Dan krijg je hier een behandeling voor. Zo wordt het risico op complicaties zo klein mogelijk gemaakt.

Na een partiële maagresectie kan gal soms moeilijk naar de dunne darm afvloeien. Hierdoor kun je na de maaltijd last hebben van:

  • krampen in de bovenbuik
  • een opgezet gevoel
  • overgeven van gal 

Het afvloeien van gal kun je bevorderen door:

  • vaak een kleine maaltijd te eten
  • na de maaltijd op de linkerzij te gaan liggen

Totale maagresectie

Bij een totale maagresectie verwijdert de chirurg:

  • de gehele maag
  • de maaguitgang
  • het begin van de twaalfvingerige darm
  • een aantal omliggende lymfeklieren en het vetschort

Hij maakt een nieuwe verbinding tussen de slokdarm en een stuk dunne darm dat verder ligt. Dit heet een Roux-Y reconstructie. Doordat de hele maag is verwijderd, vormen slokdarm en dunne darm na de operatie een doorlopende buis.

Is de tumor doorgegroeid in een ander orgaan, zoals de milt, alvleesklier, lever of dikke darm? Dan verwijdert de chirurg ook deze voor een deel of helemaal. Bij ingroei in de alvleesklier, lever of dikke darm wordt tijdens de operatie beoordeeld of het zinvol is een deel te verwijderen.

Bij ingroei in de milt wordt dit orgaan in z’n geheel weggenomen. De milt speelt een belangrijke rol bij de afweer. Door de verwijdering ervan wordt de weerstand minder. Je krijgt daarom regelmatig vaccinaties.

Voor de operatie is niet altijd zeker of de ingreep in opzet genezend zal zijn. Soms stelt de chirurg tijdens de operatie vast dat de tumor niet (geheel) te verwijderen is. Of dat er uitzaaiingen zijn. Vaak besluit de arts dan tijdens de operatie om een palliatieve ingreep te doen. Deze heeft als doel de klachten te verminderen en de kwaliteit van leven te verbeteren. Deze operatie is dan meestal minder uitgebreid.

Operatie bij maagkanker (gedeeltelijke resectie)

1: maag, 2: alvleesklier, 3: galblaas, 4: twaalfvingerige darm, 5: dunne darm, 6: te verwijderen deel van de darm, 7: overgebleven deel van de maag

Operatie bij maagkanker (totale resectie)

1: maag, 2: alvleesklier, 3: galblaas, 4: twaalfvingerige darm, 5: dunne darm, 6: te verwijderen deel van de darm

Endoscopische resectie

Zit de maagtumor alleen in de bovenste slijmvlieslaag en zijn er geen uitzaaiingen gevonden? Dan kan de tumor verwijderd worden met een endoscopische resectie. Endoscopisch wil zeggen: gebruik maken van de endoscoop. Resectie betekent verwijderen.

Een endoscopische resectie wordt alleen uitgevoerd bij de diagnose vroegcarcinoom. Bij vroegcarcinoom gaat het om T-stadium 1. De tumor groeit dan alleen in de oppervlakkige laag van de maagwand.

Verloop van de behandeling

Een endoscoop is een dunne buis of slang, met aan het eind een lampje en een camera. De arts schuift de endoscoop via uw mond en slokdarm in de maag. Via de endoscoop kan de arts instrumenten inbrengen. Hiermee kan hij de tumor verwijderen. Een patholoog onderzoekt het weggenomen weefsel onder de microscoop.

Voor de behandeling krijgt u een roesje, waardoor uw bewustzijn wordt verminderd. Met dit roesje kunt u na de behandeling rustig uitslapen. Hierna mag u weer naar huis. Als u een roesje heeft gehad, mag u 24 uur erna niet autorijden of grote machines bedienen.

Een mogelijke complicatie van deze behandeling is een bloeding. Heel soms ontstaat er een gaatje in de maag. Als dit gebeurt, wordt u opgenomen in het ziekenhuis. Soms is dan een operatie nodig.

Heeft een infectie met de Helicobacter pylori bacterie en komt u in aanmerking voor een endoscopische resectie? Dan krijgt u eerst een behandeling om deze bacterie te verwijderen. Als dat niet gebeurt, neemt de kans op complicaties na de operatie toe.

Bypassoperatie bij maagkanker

Heeft u uitzaaiingen van de maagkanker in andere organen? Dan is het niet meer mogelijk om genezing te bereiken. Wel kunt u een palliatieve behandeling krijgen. Doel van een palliatieve behandeling is het verminderen van klachten en eventueel het remmen van de ziekte.

Palliatieve partiële maagresectie

Een partiële maagresectie kan de kwaliteit van leven verbeteren als genezing niet meer mogelijk is. Hoe deze operatie in z’n werk gaat, leest u hierboven onder ‘maagresectie’.

Bypassoperatie bij maagkanker

Blokkeert de tumor de uitgang van de maag? Dan kan de chirurg soms een verbinding maken tussen het middelste deel van de maag en een stuk van de dunne darm. De verbinding zorgt ervoor dat het voedsel via een omweg (bypass) de darmen kan bereiken. Een ander woord voor zo’n verbinding is een overloopje, bypassoperatie of gastro-enterostomie .

Een andere manier om een blokkade te behandelen is door het plaatsen van een stent. Als er sprake is van maagbloedingen, kan uw arts ook bestraling voorstellen.

Meer informatie over voeding voor en na de operatie.

Complicaties en gevolgen van operatie bij maagkanker

Risico’s bij iedere operatie zijn trombose, nabloeding en wondinfecties. Dat geldt ook voor een maagoperatie.

Daarnaast kunnen bij een operatie voor maagkanker nog enkele specifieke risico’s optreden:

  • naadlekkage. Soms is de nieuwe verbinding tussen de maag en darmen nog niet waterdicht. Hierdoor kunnen maag- of darmsappen in de buikholte komen. Dit veroorzaakt een buikvliesontsteking. Je hebt dan hoge koorts en een ziek gevoel. De ontsteking kan vaak worden behandeld met een drain. Helpt dit niet, dan is een tweede operatie noodzakelijk.
  • maagverlamming (gastroparese). Na de operatie kan het voorkomen dat voedsel zeer langzaam of niet door het spijsverteringskanaal gaat.

 

Na de operatie kun je klachten krijgen of problemen met eten. Welke klachten je krijgt, hangt onder andere af van het soort operatie. De meest voorkomende klachten zijn:

Vaak past het lichaam zich aan en worden de klachten na verloop van tijd minder.

Veel mensen krijgen na een verwijdering van (een deel van) de maag een tekort van vitamine B12.

Over deze pagina

De informatie in de bibliotheek is getoetst door medisch specialisten en andere deskundigen.

Laatste update: juni 2017

Dit artikel is geschreven door KWF Kankerbestrijding, kanker.nl, Stichting Patiënten Kanker Spijsverteringskanaal.

Met medewerking van

Dr. Bisseling, T.M. (MDL-arts), Dr. Hartgrink, H.H. (chirurg-oncoloog), Prof. Dr. Hillegersberg, R. (chirurg), Dr. Jansen, E.P.M. (radiotherapeut), Landelijke Werkgroep Diëtisten Oncologie (LWDO) (diëtist), Leemhuis, J. (ervaringsdeskundige), Dr. Sandick, J.W. van (chirurg)