Behandeling en bijwerkingen

Transarteriële chemo-embolisatie bij leverkanker

Opslaan

Mensen met een levertumor groter dan 5 cm die geen operatie kunnen krijgen, komen mogelijk in aanmerking voor transarteriële chemo-embolisatie (TACE). Dat geldt ook voor patiënten die meer dan drie tumoren hebben.

TACE is bij leverkanker vaak een palliatieve behandeling. Het doel van een palliatieve behandeling is het remmen van de ziekte en/of het verminderen of voorkomen van klachten.

Soms wordt TACE ook ingezet ter overbrugging voor een levertransplantatie. Het doel van TACE is dan de levertumor(en) zo klein mogelijk te maken of te houden.

Werking TACE

TACE is een techniek waarbij de arts de bloedtoevoer naar de levertumor afsluit én direct in de tumor chemotherapie toedient.

  • transarterieel betekent: via de slagader
  • chemo betekent: chemotherapie
  • embolisatie betekent: het dichtmaken of afsluiten van een bloedvat

De arts geeft je een injectie die kleine bolletjes met chemotherapie bevat. De bolletjes blijven steken in de kleine bloedvaten van de tumor. Daardoor krijgen de kankercellen geen zuurstof en voedingsstoffen meer. Ook komt de chemotherapie langzaam vrij uit de bolletjes om de kankercellen te vernietigen.

TACE in combinatie met RFA

Soms wordt TACE toegepast in combinatie met radiofrequente ablatie (RFA).

Werking transarteriële chemo-embolisatie en radio-embolisatie

In deze video legt dr. Mark Burgmans (radioloog) uit hoe transarteriële chemo-embolisatie en radio-embolisatie werken.

Hoe gaat een behandeling met transarteriële chemo-embolisatie

Voorafgaand aan een behandeling met transarteriële chemo-embolisatie mag je een paar uur niets eten of drinken. In het ziekenhuis krijg je een infuus voor vocht- en medicijntoediening. Daarna word je plaatselijk verdoofd in de lies.

Bolletjes met chemotherapie inspuiten

Na de verdoving prikt de arts de liesslagader aan. Daarna schuift hij een dun slangetje (katheter) tot in de leverslagader. Hij controleert de positie van het slangetje met contrastvloeistof en röntgendoorlichting.

Is de katheter vlakbij de levertumor geplaatst, dan injecteert de arts de bolletjes die met chemotherapie zijn gevuld.

Zijn er voldoende bolletjes geïnjecteerd, dan verwijdert de arts de katheter. Hij maakt de opening in de lies dicht. Dit kan met een drukverband of met een vaatplugje. Het vaatplugje sluit het gaatje in de slagader af en lost vanzelf op. Het plaatsen van het plugje kan even gevoelig zijn.

De behandeling duurt 1,5 tot 3 uur.

Hoe lang in het ziekenhuis?

Je moet na de behandeling nog 1 à 3 dagen in het ziekenhuis blijven, vooral voor pijnbestrijding, omdat de procedure pijnlijk kan zijn.

Leefregels

Eenmaal thuis moet je de eerste 24 uur rustig aan doen. Je mag je lies niet te veel belasten. Dit betekent: zo min mogelijk de trap op- en afgaan, niet zwaar tillen, niet sporten en niet bukken. Na het onderzoek mag je wel weer gewoon eten en drinken. Het is belangrijk dat je goed drinkt. Dan kunnen je nieren de contrastvloeistof zo snel mogelijk weer uitscheiden.

Nacontrole

Na 1 maand krijg je meestal een CT-scan om het effect van de behandeling te beoordelen.

Bijwerkingen transarteriële chemo-embolisatie

Transarteriële chemo-embolisatie heeft een aantal bijwerkingen. Patiënten ervaren na de behandeling:

  • een zeurend gevoel in de bovenbuik
  • misselijkheid

Post-embolisatiesyndroom

Sommige patiënten hebben meer last van bijwerkingen doordat ze het post-embolisatiesyndroom ontwikkelen. Dat geeft de volgende klachten:

  • buikpijn
  • koorts
  • misselijkheid
  • een daling van het aantal witte bloedlichaampjes

Deze bijwerkingen zijn meestal tijdelijk. Ze zijn met medicijnen te behandelen.

Wanneer contact opnemen met je arts?

Heb je last van een bijwerking? Neem dan contact op met je arts of verpleegkundige. Bijwerkingen zijn zelden levensbedreigend. Toch is het belangrijk om je arts zo snel mogelijk op de hoogte te brengen van ongewenste reacties. De arts kan je misschien geneesmiddelen voorschrijven om je klachten te verlichten.

Over deze pagina

De informatie in de bibliotheek is getoetst door medisch specialisten en andere deskundigen.

Laatste update: december 2016

Dit artikel is geschreven door kanker.nl.

Met medewerking van

Dr. Burgmans, M.C. (radioloog), Dr. Klümpen. H.J. (medisch oncoloog), Prof. dr. Verhoef, C. (chirurg), Dr. Meijerink, M.R. (radioloog), Dr. Prevoo, W. (radioloog), Drs. Schapers, G. (ervaringsdeskundige), Dr. Snijders. A. (overige deskundige)