Wat is…?

Symptomen bij hersentumoren

Opslaan

De klachten van een hersentumor hangen sterk af van:

  • de grootte van de tumor
  • de groeisnelheid
  • de plaats van de tumor in de hersenen

De symptomen zijn in 4 groepen te verdelen:

  • aanhoudende hoofdpijn
  • verandering in verstandelijk vermogen en gedrag
  • uitvalsverschijnselen
  • epileptische aanvallen

U kunt deze klachten ook hebben bij andere aandoeningen dan een hersentumor. Ga daarom met klachten naar uw huisarts. Hij kan onderzoeken waardoor de klachten komen.

Aanhoudende hoofdpijn

Een snelgroeiende of grote tumor veroorzaakt drukverhoging in de hersenen. Een gevolg van drukverhoging kan hoofdpijn zijn. Dit krijgt u vooral bij activiteiten die zelf ook de druk laten toenemen, zoals bukken, niezen of persen. Soms gaat de hoofdpijn samen met misselijkheid en overgeven, vaak vroeg in de ochtend. Maar: een klacht als hoofdpijn komt veel voor en komt meestal niet door een hersentumor.

Drukverhoging in de hersenen door een hersentumor kan 3 oorzaken hebben:

  • De tumor neemt extra ruimte in.
  • Er hoopt zich vocht op in het hersenweefsel rond de tumor. Dit heet hersenoedeem.
  • De tumor blokkeert de doorstroming van het hersenvocht.

Neemt de druk sterk toe, dan kunt u ook suf worden.

Door langdurige drukverhoging in de hersenen kunt u minder goed gaan zien. Dit komt door druk op de oogzenuwen. U ziet dan wazig of dubbel.

Verandering in verstandelijk vermogen en gedrag

Een hersentumor kan een tijd onopgemerkt groeien. Hij zit dan in een deel van de hersenen waar uitval van functie niet snel opvalt. Dit heet een neurologisch ‘stil’ gebied. Er kunnen dan veranderingen in de verstandelijke vermogens (cognitie) optreden. Bijvoorbeeld geheugenproblemen of trager denken. Ook kan het leiden tot psychische veranderingen, zoals minder geremd zijn. Deze veranderingen vallen minder snel op dan hoofdpijn of uitvalsverschijnselen.

Uitvalsverschijnselen

Beschadigt een tumor het hersenweefsel of drukt het erop? Dan kan dit weefsel minder goed functioneren. Daardoor krijgt u uitvalsverschijnselen, waardoor u iets niet meer kunt.

Uitvalsverschijnselen zijn:

Verlamming

Een tumor in de buurt van zenuwcellen die de bewegingen sturen, kan verlamming veroorzaken. Bij een verlamming verliezen spieren hun kracht. Gedeeltelijk of helemaal. Soms is dat zo mild dat u dat misschien niet meteen als verlamming ervaart. U merkt bijvoorbeeld alleen dat u moeite heeft om uw vork goed te gebruiken. Of om de knoopjes van uw overhemd dicht te doen. Door krachtverlies kunt u ook ongewoon vaak dingen laten vallen, steeds uit dezelfde hand. Ook kan een been gaan slepen.

Taalproblemen

Bij de meeste mensen liggen de centra voor taal en spraak in de linker grote hersenhelft. Een tumor in deze hersenhelft kan dan als eerste klacht taalproblemen geven. U merkt dat u niet op bepaalde woorden kan komen, bepaalde woorden verkeerd uitspreekt of anderen niet meer goed begrijpt.

Problemen met zien

Een tumor meer achter in de hersenen kan problemen veroorzaken met zien. U ziet bijvoorbeeld obstakels niet. Dat is dan steeds in hetzelfde deel van het gezichtsveld. Minder scherp zien of dubbelzien kan een teken zijn van algemene druktoename binnen de schedel. Maar kan ook veroorzaakt worden door een tumor die op bepaalde hersenzenuwen drukt

Problemen met horen

Bij een tumor die tegen de hersenstam drukt of bij een tumor in de kleine hersenen kan slechter horen of duizeligheid een eerste symptoom zijn.

Gedragsveranderingen

Gedragsveranderingen komen vooral voor bij mensen met een tumor in het voorste deel van de hersenen. Maar ze kunnen ook bij tumoren op andere plaatsen in de hersenen ontstaan. Mensen reageren soms minder spontaan en/of trager, tonen minder emoties en kunnen passiever worden. Anderen zijn juist druk, snel geïrriteerd, chaotisch en rusteloos. Bij weer andere mensen zijn gedrag en emoties wisselend, zonder dat ze hier grip op hebben. Soms weet iemand dit van zichzelf, soms niet.

Vaak merken partners en andere mensen uit de directe omgeving deze gedragsveranderingen eerder op dan de persoon zelf. Het kan voor hen heel moeilijk zijn om hiermee om te gaan.

Epilepsie

Epileptische aanvallen komen door irritatie van het hersenweefsel. Hierdoor ontstaat een soort kortsluiting. Epilepsie heeft vele mogelijke oorzaken, niet alleen hersentumoren.

Heeft u als volwassene nooit eerder een epileptische aanval gehad? Dan kan dit het eerste symptoom zijn van een hersentumor.

Er bestaan verschillende soorten epileptische aanvallen. Soms blijft een aanval beperkt tot schokjes in een hand of tot een korte ‘afwezigheid’. Maar iemand kan ook plotseling vallen en bewusteloos raken. En onmiddellijk daarna strekken en heftig schokken met armen en benen. Vaak laat iemand dan de urine lopen.

Door het aanspannen van de kaakspieren kan iemand hard op zijn tong bijten. Hierdoor bloedt deze even. Zo’n tongbeet is niet gevaarlijk. Het is daarom niet nodig om te proberen dit te voorkomen.

Om epileptische aanvallen te voorkomen krijgt u medicijnen. Bij ongeveer de helft van de patiënten lukt het niet om alle aanvallen te onderdrukken. Ook niet met medicijnen.

Er zijn factoren die een aanval kunnen uitlokken, bijvoorbeeld:

  • spanning
  • (te veel) alcoholgebruik
  • te weinig nachtrust
  • ziektes met koorts, zoals griep

Een epileptische aanval is altijd eng. Zowel voor de persoon die het overkomt als de mensen die erbij aanwezig zijn. Meestal gaat een epileptische aanval vanzelf over. Houdt de aanval langer dan 5 minuten aan? Of volgt op een aanval meteen een volgende? Dan moet een arts worden gewaarschuwd. Meer informatie over epilepsie kunt u krijgen bij het Nationaal Epilepsie Fonds.

Over deze pagina

De informatie in de bibliotheek is getoetst door medisch specialisten en andere deskundigen.

Laatste update: juli 2017

Dit artikel is geschreven door KWF Kankerbestrijding, kanker.nl.

Met medewerking van

Stichting Hersentumor.nl