Operatie bij tongkanker

Opslaan

Hoe ingrijpend de operatie zal zijn, hangt af van het stadium van de tongtumor. In elk geval neemt de arts behalve de tumor ook schijnbaar gezond weefsel daaromheen weg. Dit doet hij omdat tijdens de operatie niet te zien is of het weefsel rond de tumor vrij is van kankercellen. Ruim opereren vergroot de kans dat alle kankercellen inderdaad weg zijn.

Weefselonderzoek

Een patholoog onderzoekt het weggehaalde weefsel onder de microscoop. Hij kijkt of er kankercellen aanwezig zijn. De uitslag van dit onderzoek geeft belangrijke informatie over het definitieve stadium van de ziekte. Dit bepaalt mede of u verder behandeld moet worden. 

Is er een risico dat er plaatselijk kankercellen zijn achtergebleven, dan adviseert de arts soms dat u opnieuw moet worden geopereerd of na de operatie wordt bestraald. Dit bepaalt hij samen met de artsen die bij uw behandeling betrokken zijn. Het hangt onder meer af van: 

  • of er kankercellen zitten in de randen van het weefsel dat is weggehaald
  • of er kankercellen in de lymfeklieren zitten
  • of en hoever kankercellen zijn doorgegroeid in het gebied rondom de mond- of keelholte
  • groei van de tumor buiten een lymfeklier
  • groei van de tumor langs de grote zenuwen

Commando-operatie

Bij een tumor die is doorgegroeid in de onderkaak of in het verhemelte is een Commando operatie nodig. Commando staat voor Combined Mandibular Operation. Dit betekent gecombineerde operatie aan het kaakbeen. Dit is een ingrijpende operatie. Hij duurt gemiddeld zo’n 8 à 10 uur. Afhankelijk van de grootte en de plaats van de tumor wordt een deel van de kaak, tong, mondbodem en/of wang weggenomen. Als een groter deel van de tong, wang of mondbodem wordt verwijderd, zal de arts een reconstructie doen.

De operatie heeft belangrijke gevolgen voor uw ademhaling, het spreken en het slikken en voor de voeding. 

Reconstructie

Bij een reconstructie gebruikt de arts een ander stuk huid, spier of bot om de wond dicht te maken. Dit heet een transplantaat. Wanneer er bot nodig om de kaak te herstellen wordt het bot van kuitbeen, bekken kam, of schouderblad hiervoor gebruikt. Vaak hoeven alleen spier en/of huid te worden gebruikt en dan wordt dit meestal genomen van de borst, de onder- of bovenarm, het bovenbeen of de buik.

Bij deze operatie werken vaak verschillende artsen nauw samen: 

  • een KNO-arts/hoofd-hals-chirurg
  • een kaakchirurg
  • een reconstructief chirurg

Samen zorgen zij ervoor dat het resultaat er zo goed mogelijk uitziet. En dat de operatie zo min mogelijk gevolgen heeft voor het spreken en slikken.

Heeft de arts tijdelijk de kaak door moeten zagen of is er een reconstructie verricht? Dan gebruikt hij vaak een metalen plaatje om het bot vast te zetten.

Heeft de arts een stukje weefsel en bot uit het been of heup voor de reconstructie van een kaak gebruikt? Dan kan dit klachten geven in uw been of heup. De fysiotherapeut kan u helpen met oefeningen daarvoor.

Littekens

Na een operatie kunnen littekens achterblijven. De littekens kunnen pijnlijk zijn, jeuken, dikker worden, verharden of verkleefd raken aan het onderliggende weefsel.

Een huidtherapeut kan met littekenmassage de doorbloeding en de stofwisseling in de directe omgeving van het litteken verbeteren. Het litteken kan zo van de onderhuid losgemaakt kan worden. Het litteken kan hierdoor dunner, soepeler en minder zichtbaar gemaakt worden. Er zijn ook speciale producten, zoals siliconenpleisters, die dit proces kunnen versnellen. Ook is litteken tatoeage (dermatografie) soms mogelijk.

Laserbehandeling

Is de tumor klein of groeit hij oppervlakkig? Dan is soms een laserbehandeling mogelijk. Het laserlicht werkt als een mes, dat het weefsel rond de tumor als het ware laagje voor laagje wegsnijdt. 

Robot-chirurgie

In enkele centra in Nederland gebruikt de arts de operatie robot (DaVinci) voor tongbasis tumoren. Het voordeel is dat de arts hiermee door de mondopening, om de hoek kan werken. Hij kan dan tumoren achter in de mond soms zonder grote operatie of bestraling verwijderen.

Verwijdering halslymfeklieren

Soms verwijdert de arts in dezelfde operatie ook (een deel van) de lymfeklieren uit de hals. Dit heet een halsklierdissectie. Dit gebeurt als de arts een verdachte klier ziet, of uit voorzorg. Want deze tumoren kunnen verspreiden naar de lymfeklieren van de hals. 

U kunt verschillende klachten krijgen na deze ingreep. Deze hangen af van de plaats en de hoeveelheid weggenomen lymfeklieren. U kunt bijvoorbeeld last hebben van een stijve en minder krachtige schouder. Of u kunt gevoelloze of juist hele gevoelige plekken in het gebied rondom de snedes krijgen. Ook is het mogelijk dat het lymfevocht moeilijk uit uw gezicht weg kan en zich daar ophoopt. Lymfedrainage kan nuttig zijn. Dit is een vorm van fysiotherapie.

Sondevoeding 

Kunt u tijdens en na de behandeling kort of voor langere tijd niet eten? Bijvoorbeeld vanwege operatiewond in de mond- of keelholte of door de bijwerkingen van de bestraling of chemoradiatie. Dan krijgt u tijdelijk sondevoeding.

Over deze pagina

De informatie in de bibliotheek is getoetst door medisch specialisten en andere deskundigen.

Laatste update: januari 2015

Dit artikel is geschreven door KWF Kankerbestrijding.

Met medewerking van

Prof. dr. Brekel, M. van den (KNO-arts), Otto (ervaringsdeskundige)