Het verschil tussen een goedaardige en kwaadaardige tumor
Deze informatie is gecontroleerd door deskundigen.
Naar colofonEen tumor is een gezwel: een groepje cellen in je lichaam. Zo’n gezwel kan goedaardig of kwaadaardig zijn. Een kwaadaardige tumor is kanker. Een goedaardige tumor is geen kanker. Heel soms kan een goedaardige tumor kwaadaardig worden.
Lees op deze pagina over:
- Wat is een tumor?
- Hoe ziet een tumor eruit?
- Goedaardige tumoren
- Borderline-tumoren
- Kwaadaardige tumoren
- Waar ontstaat kanker?
Wat is een tumor?
Een tumor is een groepje cellen in of op je lichaam. Een tumor ontstaat doordat een zieke cel sneller groeit en deelt, dan een gezonde cel. Hierdoor komen er steeds meer tumorcellen bij. Zo groeit de tumor.
Een tumor kan goedaardig of kwaadaardig zijn.
Hoe ziet een tumor eruit?
Een tumor kan er verschillend uitzien. Meestal begint een tumor als een plekje of een knobbeltje. Dat wordt steeds groter. Soms groeit de tumor door in het weefsel eromheen, zoals spieren, vet, huid of organen.
Een tumor kan in je lichaam zitten of op je huid.
Goedaardige tumoren
Een tumor kan goedaardig zijn. Een goedaardige tumor is geen kanker. De tumor kan groeien, maar groeit niet in het weefsel eromheen. Een goedaardige tumor zaait ook niet uit naar andere delen van het lichaam.
Een goedaardige tumor kan wel tegen organen of ander weefsel drukken. Zo ontstaan klachten. Soms is dit een reden om de tumor weg te halen.
De medische naam voor een goedaardige tumor is: een benigne tumor.
Voorbeelden van goedaardige tumoren
Voorbeelden van goedaardige tumoren zijn:
- een wrat
- een poliep (een gezwel op een steeltje)
- een vleesboom in de baarmoeder
- een knobbel van vetweefsel (lipoom)
Kan een goedaardige tumor kwaadaardig worden?
Soms kan een goedaardige tumor kwaadaardig worden. Dat gebeurt als de cellen steeds meer veranderen en ongecontroleerd gaan delen.
Met controles houdt de arts de afwijkende cellen in de gaten. Veranderen de cellen en wijken ze te sterk af van normale cellen? Dan is een behandeling nodig.
Borderline-tumoren
Een borderline-tumor is een tumor die niet duidelijk goedaardig of kwaadaardig is. De cellen zijn afwijkend en kunnen zich blijven delen en groeien, maar ze groeien meestal niet door in het weefsel om de tumor heen. Een borderline-tumor zaait meestal ook niet uit naar andere plekken in het lichaam. Borderline-tumoren komen het vaakst voor in de eierstokken.
Kwaadaardige tumoren
Bij een kwaadaardige tumor gaat het om kanker. Een kwaadaardige tumor kan doorgroeien in het weefsel en de organen eromheen.
Kankercellen kunnen losraken van de tumor. Ze kunnen via het bloed of de lymfe op een andere plek in het lichaam terechtkomen. Daar kunnen ze zich vastzetten en uitgroeien tot nieuwe tumoren. Dat heet uitzaaiingen. Een ander woord voor uitzaaiingen is metastasen. Lees verder over uitzaaiingen bij kanker.
Het medische woord voor kwaadaardig is maligne. Een maligniteit is een kwaadaardige afwijking.
Voorbeelden van kwaadaardige tumoren
Voorbeelden van kwaadaardige tumoren zijn borstkanker, prostaatkanker en longkanker. Maar er zijn nog veel meer kwaadaardige tumoren. Bekijk een overzicht van kwaadaardige tumoren.
Verschil tussen kankercellen en normale cellen
Kankercellen gedragen zich anders dan normale cellen:
- Ze blijven maar delen. En ze negeren signalen om te stoppen met delen en af te sterven.
- Ze kunnen het afweersysteem ontwijken. Het afweersysteem ruimt normaal gesproken afwijkende en beschadigde cellen op. Maar kankercellen ontsnappen hier vaak aan.
Waar ontstaat kanker?
Kanker kan overal in het lichaam ontstaan. Meestal ontstaat kanker in een orgaan of weefsel. Bijvoorbeeld in de borst, de longen of in de huid.
Als kanker ontstaat in een orgaan of weefsel, dan groeit daar een groepje kwaadaardige cellen: een kwaadaardige tumor. Dit heet een solide tumor. Solide betekent: vast, bij elkaar.
Kanker kan ook in het bloed of in de lymfe ontstaan. Lymfe is een lichaamsvloeistof die door de lymfevaten stroomt. In dit geval gaat het vaak om losse kankercellen. Die verdringen de gezonde cellen en vormen geen vaste tumor. Dit heet niet-solide kanker. Leukemie (bloedkanker) is een voorbeeld van niet-solide kanker.