Wat is…?

Chronische vermoeidheid bij kanker

Opslaan

Bent u 6 maanden na de behandeling nog steeds erg moe? Dan kan er sprake zijn van chronische vermoeidheid. Die kan minder worden naarmate uw herstel vordert, maar de vermoeidheid kan ook nog lang aanhouden. Maanden of jaren.

Chronische vermoeidheid na de behandeling komt vaak voor: 20 tot 40% van de mensen die behandeld zijn voor kanker heeft er last van.

Kenmerken van chronische vermoeidheid

  • U bent vaak (erg) moe.
  • De ernst van de vermoeidheid staat niet in verhouding tot uw activiteit of inspanning. Van een eenvoudig klusje kunt u al uitgeput zijn.
  • De vermoeidheid kan u overvallen. 
  • De vermoeidheid duikt vaak op de vreemdste momenten van de dag op; bijvoorbeeld vlak nadat u opstaat, zelfs nadat u goed heeft geslapen. 
  • U kunt gedurende de dag een grote behoefte hebben om te slapen.
  • Als u rust neemt, gaat de vermoeidheid niet over.
  • Er is geen lichamelijke verklaring voor de vermoeidheid 
  • De vermoeidheid hindert u in uw functioneren, u kunt minder doen dan u gewend bent

Niet iedereen heeft op dezelfde manier last van chronische vermoeidheid. De een heeft er soms weken of maanden veel last van, en heeft daarna weer periode met meer energie. De ander heeft een constant gebrek aan energie.

Andere klachten

U kunt tegelijk met de vermoeidheid ook andere klachten hebben, zoals:

  • een minder goede concentratie
  • niet helder kunnen denken
  • prikkelbaarheid 
  • vergeetachtigheid
  • duizeligheid
  • hoofdpijn
  • gewrichtspijnen
  • spierpijn of spiergevoeligheid

Bespreek uw klachten met uw arts

Een lichamelijke oorzaak kan soms een rol spelen bij uw vermoeidheid. Bijvoorbeeld complicaties van de behandeling, een infectie of bloedarmoede. Bespreek uw klachten daarom altijd met uw arts. Hij kan onderzoeken of uw vermoeidheid een lichamelijke oorzaak heeft en u zo nodig daarvoor behandelen.

Vindt de arts geen lichamelijke verklaring voor uw vermoeidheid? En vermoedt hij dat andere factoren een rol spelen bij uw vermoeidheid, zoals te weinig lichamelijke activiteit of psychische klachten? Dan kan hij u doorverwijzen naar iemand die u professionele hulp kan bieden: een psycholoog of een psychotherapeut.

Over deze pagina

De informatie in de bibliotheek is getoetst door medisch specialisten en andere deskundigen.

Laatste update: september 2017

Dit artikel is geschreven door kanker.nl.

Met medewerking van

Drs. Abrahams, H. (overige deskundige), Dr. Brouwer-Dudok de Wit, A.C. (klinisch psycholoog), IJsseldijk, G. van (ervaringsdeskundige), Prof. dr. Knoop, J.A. (klinisch psycholoog), Prof. dr. Prins, J.B. (klinisch psycholoog)