In de wachtkamer van de dood

Vandaag is het de geboortedag van Lief, 73 jaar zou hij zijn geworden. Ook dit jaar ben ik naar Den Haag gegaan, zoals wij al die jaren deden op zijn verjaardag. (In gedachten hoor ik hem zeggen: het is ook onze trouwdag.) Naar het terras van de Wiener Konditorei aan de Korte Poten voor thee met gebak. Dan naar onze favoriete chocolatier De Bonte Koe met het voornemen alleen te kijken. Even later sta ik toch met een zakje chocolade buiten en met de vraag hoe ik ooit de voorraad chocola in huis op moet krijgen. Vervolgens langs de boekwinkel voor ‘Binnenrijm van Bloed’, het net verschenen boek van Antjie Krog, de vrouw die ons jaren geleden tijdens de Nacht van de Poëzie met haar kleine gestalte en stem als een klok omverblies. Dan door naar de kookwinkel in de Passage en daarna lunchen op de Plaats. Daar, na het lezen van de eerste paar bladzijden van het net aangeschafte boek, besluiten dat er toch iets is dat ik nog graag voor mijn dood gedaan wil hebben: dit boek uitlezen. Ik zal er andere dingen voor moeten laten want mijn energie neemt steeds verder af. Dan maar geen krant lezen, daarnaast kan ik de nachtelijke uren die ik wakker lig, aan dit boek besteden. 
Vlak voordat ik ‘s ochtends de deur uitga, belt A, een vriendin van mijn moeder. Ik fleur helemaal op van haar stem die, ongeacht hoe moeilijk zij het heeft, altijd monter klinkt. Er zijn nog twee dierbare negentigplussers, ook vriendinnen van mijn moeder, die betrokken zijn met mijn wel en wee. Hun aandacht en de gesprekken die we hebben, doen mij goed. In hun ogen ben ik een jonkie, te jong om te sterven maar ik heb er vrede mee, ik hoef niet ouder te worden. Mijn leven was overvol en zelfs nu zijn de weinige uren die ik per dag actief kan zijn overvol, terwijl ik snak naar rust. En er is er maar één die hier wat aan kan doen, dat ben ikzelf. Zal mij dit na 65 jaar in de wachtkamer van de dood eindelijk lukken?
Gisteren had ik de zoveelste kip-zonder-kop dag. Ik wil nog zoveel, terwijl ik de warme adem van Magere Hein in mijn nek voel. Ik verlies iedere structuur, begin ergens aan om vervolgens halverwege aan iets anders te beginnen. Dit schiet niet op, maakt de onrust en opgejaagdheid groter. De verpleegkundige van de palliatieve thuiszorg belt en adviseert om prioriteiten te stellen. Ze heeft gelijk maar het is slikken dat ik, die altijd gestructureerd te werk ging en het overzicht hield, dit advies nodig heeft. Prioriteiten stellen dus, én, ook niet onbelangrijk: niet alles zelf willen doen maar om hulp vragen. Er zijn zoveel mensen die hulp aanbieden, waarom maak ik daar geen gebruik van? Die drempel moet ik over. 
Er staat hier bij de voordeur een stapel spullen die ik naar de milieustraat van de gemeente wil brengen. Het betreft etsplaten, zeefdrukramen en andere materialen waarvan ik zeker wil zijn dat ze straks geen tweede leven gaan leiden. Terwijl ik de onklaar gemaakte zeefdrukramen in de auto zet, realiseer ik mij dat ik hartstikke gek ben om dit gesjouw met spullen in mijn eentje te doen en besluit een hulpvraag te sturen aan I, die mij enige tijd geleden zijn hulp aanbood. Een paar minuten later komt zijn reactie, ja natuurlijk wil hij helpen. Weer een les geleerd, durven vragen en niet alles in mijn eentje willen oplossen. 
Naast de spullen die ik ter vernietiging wil afvoeren, ontstaat een stapeltje spullen die ik graag goed onder wil brengen zoals Bruun de beer die ik op mijn tweede verjaardag kreeg en die mijn hele leven met mij is meegereisd. Het is hem aan te zien dat hij haast 64 jaar oud is en in zijn jonge jaren vaak geknuffeld. Er bestaat een foto waarop ik hem op mijn tweede verjaardag vasthoud. Wat moet ik met Bruun? Hij is te oud om nog als speelgoedbeer te dienen, wie wil zich nou ontfermen over zo’n versleten beer? Vragen, vragen, geen antwoord. 
In de wachtkamer van de dood schuw ik ‘laatste keren’ maar vandaag neem ik bewust afscheid van Den Haag, de stad waar Lief en ik zo graag ronddwaalden en waar Harry Jekkers zo heerlijk over kan vertellen. Het voornemen om daarna naar de biologische kwekerij en pluktuin te gaan voor een mooie bos bloemen, laat ik varen. Ik ben gesloopt, het wordt teveel. Wel stop ik onderweg naar huis bij het graf van Lief om verslag uit te brengen van wat ik vandaag gedaan heb. Thuisgekomen duik ik uitgeput in bed. 
In het kader van prioriteiten stellen, zal ik deze week de briefjes die we elkaar in onze beginjaren schreven, verbranden. Ik kan de verleiding niet weerstaan om een enkel briefje te lezen en gek genoeg is het zijn briefje met de tekst ‘Hé lief, d’r is geen patat meer ben ik effe halen’, waarbij mijn tranen beginnen te stromen. Ik zie het beeld voor me van Lief die in de keuken staat te koken als ik van mijn werk kom aanfietsen. Lief die weet dat ik dan zo moe ben dat ik pas aanspreekbaar ben na een kopje thee en een bord eten. Ja, er stromen tranen bij dit grote gemis maar wat ben ik intens dankbaar dat deze man mijn leven is binnengestapt en dat wij zo’n goede tijd samen hebben gehad, ondanks mijn kanker, ondanks zijn hartfalen. Ik had het nooit willen missen. 

6 reacties

20 augustus 2025 om 22.49

Vol bewondering heb ik je blog weer gelezen. Ik vind het mooi dat je ons op deze manier meeneemt op het moeilijke pad dat je aan het bewandelen bent. 
En wat betreft Bruun de beer. Zou hij je niet willen blijven vergezellen straks in de kist? Als hij bijna heel je leven bij is geweest, wil hij dat vast ook graag dat het eind zo vol blijven houden. 
Dikke knuffel van Bianca

Laatst bewerkt: 20/08/2025 - 22:49

Lieve Bianca, 
Ja daar heb ik ook aan gedacht om Bruun mee te nemen mijn kist in. Het punt is echter dat ik de gedachte van Bruun in de kist niet te verdragen vind. Maar wie weet gaat die gedachte wennen, zoals ik inmiddels ook geen moeite meer heb om mijzelf dood in de kist te verbeelden.
Liefs, Josephine

Laatst bewerkt: 21/08/2025 - 08:15

Lieve Josephine

Wat kan jij je gevoelens prachtig verwoorden. 
Het kost geen moeite om je als lezer in te leven in je gedachtengang. 
Wat Bruun betreft, als hij al 64 jaar jouw leven deelt, lijkt het me logisch dat hij ook je leven na de dood deelt, neem hem dus gerust mee. Hij zal je gezelschap houden in je reis naar het hiernamaals. 
Jouw blog geeft me de mogelijkheid om inzicht te krijgen hoe het voor mij zal worden in de komende jaren. Tenminste, ik hoop dat het nog jaren worden, met stadium IV borstkanker, die momenteel wel onder controle wordt gehouden, weet je nooit wanneer de behandeling niet meer zal aanslaan. 
Als happy single had ik nooit het genoegen om een verbintenis te hebben, zoals jij die had met Lief, maar momenteel heeft mijn harige kind mij nog steeds nodig, dus hij zorgt ervoor dat ik blijf doorgaan, zolang het kan. 
Hij is pas vier en ik hoop echt dat ik bij hem mag blijven tot hij van ouderdom dit aardse tranendal verlaat. Zo niet, is er sowieso opvang voor hem voorzien. 😍 Probeer toch nog van de tijd die je rest te genieten, hoewel het ontiegelijk moeilijk moet zijn, zonder de warme aanwezigheid van je betreurde Lief. 
Dikke steunknuffel van Chico en mezelf. 😘

Laatst bewerkt: 21/08/2025 - 15:07