Samen

Daar lig ik dan. Op m’n oude slaapkamer waar nu de kast met speelgoed voor de kleinkinderen staat. Lego en knutselspullen. 
Ik hoor t slaapapneu-apparaat van papa en hoor hoe mama ligt te woelen. 
Het gaat niet goed met papa. Eigenlijk gaat t erg slecht. De meiden van de wijkverpleging zijn zich rot geschrokken. Maandag zat papa nog met ze aan tafel om te praten over de invulling van de zorg en sinds vandaag ligt hij op bed en kan hij bijna niets meer. De uitzaaiingen in zijn lymfeklieren zorgen voor dikke benen vol vocht en een buik waar je u tegen zegt. De uitzaaiingen in zijn botten spelen ook erg op. Hij heeft nog steeds last van z’n gebroken schouder en ook in zijn heup zit iets niet goed. Opstaan lukt niet meer. 
Papa sluimert soms weg en dan ineens is hij er weer. Helemaal helder en betrokken. We staan om hem heen en dat vindt hij fijn. We bekijken t van scan naar scan is van bloedwaarde naar bloedwaarde, naar week tot week, naar dag voor dag, naar uur voor uur gegaan. Ik wil m’n vader nog niet kwijt. Maar dit is ondraaglijk voor m. Van uur tot uur. Van ademhaling tot ademhaling. Van hart tot hart.

2 reacties