Gevolgen van een vroege overgang bij kanker

Deze informatie is gecontroleerd door deskundigen.

Naar colofon
Opslaan

Door de behandeling van kanker kun je al op jonge leeftijd overgangsklachten krijgen. Je kunt ook onvruchtbaar worden. Lees de tips en adviezen.

Op deze pagina lees je informatie over deze gevolgen:

Eerder onvruchtbaar worden door een vroege overgang

Als je door de behandeling tegen kanker vervroegd in de overgang komt, maken je eierstokken geen vrouwelijke hormonen meer aan. Hierdoor houdt je maandelijkse cyclus op en word je onvruchtbaar.

Zijn je beide eierstokken verwijderd of bestraald, dan ben je helaas meteen onvruchtbaar.

Belangrijk: moet je nog beginnen aan je kankerbehandeling, bespreek dan met je arts of je een behandeling kunt krijgen om vruchtbaar te blijven (bijvoorbeeld eicellen invriezen). Dan heb je na je behandeling nog een kans om zwanger te worden via IVF. 

Lees meer over behandelingen om je vruchtbaarheid te behouden.

vruchtbaarheid

Omgaan met verlies van vruchtbaarheid

Als je niet meer vruchtbaar bent, kan dit als een groot verlies voelen. Ook als je geen kinderwens (meer) hebt, kan het voelen alsof er iets van je wordt afgenomen. Daar kun je het moeilijk mee hebben. 

Wat kun je doen?

  • Het kan helpen om over je gevoelens te praten met je partner, familie of vrienden. Of om je gevoelens op te schrijven.
  • Misschien vind je het fijn om met lotgenoten te praten. Lotgenoten vind je via de patiëntenorganisatie voor jouw ziekte, de community van kanker.nl en Stichting Freya.
  • Je kunt je gevoelens ook bespreken met je (huis)arts of verpleegkundige, of met een overgangsconsulent. Als je dat wilt, kunnen zij je verwijzen naar een gespecialiseerd hulpverlener.

Meer over omgaan met onvruchtbaarheid door kanker.

Veranderingen in je seksleven door een vervroegde overgang

Door de overgang maakt je lichaam minder geslachtshormonen aan. Dat kan ervoor zorgen dat je minder zin hebt in seks, dat je vagina minder vochtig en stugger wordt en dat het meer tijd kost om opgewonden te raken.

Minder zin in seks kan ook een gevolg zijn van andere overgangsklachten, zoals slapeloosheid, pijn in spieren en gewrichten, vermoeidheid en stemmingswisselingen. 

Wat kun je doen?

  • Glijmiddel kan een goede oplossing zijn als je pijn hebt bij het vrijen. Dit koop je bij de apotheek of de drogist. 
  • Praat met je partner over de seksuele veranderingen. Er is veel wat je samen kunt doen om het weer leuk te maken. 
  • Vraag advies aan een overgangsconsulent
  • Je kunt met je arts bespreken of hormonen in jouw situatie mogelijk zijn. Bespreek ook de nadelen en risico’s van het slikken van (extra) hormonen. 
  • Je kunt je arts vragen om een verwijzing naar een seksuoloog.

Lees ook: tips en adviezen bij minder zin in seks en tips en adviezen bij pijn bij het vrijen.

Meer lezen? Bekijk de informatie op sickandsex.nl en fijnvrijen.nl.

seksualiteit

Gevoelens en emoties

Vervroegd in de overgang komen kan veel gevoelens oproepen: ongeloof, boosheid, verdriet, schaamte, jaloezie. 

Je lichaam is vroeg oud. Daardoor kun je je ook ‘oud’ voelen. Het kost tijd om daarmee om te leren gaan.

De overgangsklachten ontstaan vrij snel tijdens de behandeling. Vaak heb je dan al een heftige behandeling achter de rug. Hierdoor kun je het gevoel hebben dat de overgang je overvalt. Dat kan het extra zwaar maken.

Wat kun je doen?

  • Lichamelijk en psychisch gebeurt er van alles met je. Het kan helpen als je begrijpt waarom dat zo is. Vraag je gynaecoloog of verpleegkundig specialist om uitleg. Er zijn ook veel goede boeken en websites over de overgang.
  • Praat over je gevoelens en emoties met mensen die dichtbij je staan, met je (huis)arts, verpleegkundige of met een overgangsconsulent
  • Het kan ook helpen om je gevoelens op te schrijven.
  • Heb je veel last van overgangsklachten? Bespreek dan met je huisarts of behandelend arts of je daar een behandeling voor kunt krijgen. Lees meer over de behandeling van overgangsklachten.

Problemen met werken door overgangsklachten

Als je na je behandeling van kanker nog last hebt van lichamelijke en/of psychische klachten, lukt werken misschien niet zo goed als je zou willen. Als je ook nog overgangsklachten hebt, kan werken extra zwaar worden. Het is belangrijk om dit te bespreken met je leidinggevende en tijdig hulp te zoeken als dat nodig is. Zo voorkom je oververmoeidheid of een burnout.

Wat kun je doen?

  • Bespreek je situatie met je leidinggevende en/of de bedrijfsarts. Misschien kun je tijdelijk minder uren werken of minder zwaar werk doen.
  • Informeer je collega’s: als zij weten wat er speelt, kunnen ze daar rekening mee houden.
  • Je werkgever of jij kunnen ook advies vragen aan een bedrijfsarts consulent oncologie (baco). Dat is een bedrijfsarts met kennis van kanker. Die kan je een advies op maat geven.
  • Vraag eventueel advies aan een bureau dat gespecialiseerd is in de re-integratie van mensen met kanker. 
  • Je kunt ook advies vragen van een overgangsconsulent.
  • Je kunt je huisarts, behandelend arts of verpleegkundig specialist vragen om een verwijzing naar een overgangspoli (menopauzepoli). 

Lees wat je nog meer kunt doen als werken na kanker niet goed (meer) lukt.

Vervroegde overgang en sociale contacten

Als je op jonge leeftijd in de overgang komt, kan het lastig zijn om je ervaringen met leeftijdsgenoten te delen. Je kunt een gevoel van schaamte of onbegrip hebben of je ‘oud’ voelen.  

Wat kun je doen?

  • Het kan helpen om uit te leggen wat voor klachten je hebt, en welke invloed die klachten hebben op je dagelijkse leven. Vaak ontstaat er dan meer begrip, en houden mensen meer rekening met je.
  • Ga op zoek naar vrouwen die ook vroeg in de overgang zijn. Er zijn diverse (online) lotgenotengroepen. Ook via kanker.nl kun je lotgenoten vinden.
  • Praat erover met je arts, een overgangsconsulent, een gynaecoloog of een psycholoog.

sociale contacten

Andere gevolgen van vervroegde overgang

Als je vroeg in de overgang komt, heeft dat ook andere gevolgen:

  • Je hebt een grotere kans op botontkalking. 
  • Je hebt een grotere kans op hart- en vaatziekten.

Wat kun je doen?

Je kunt zelf een aantal dingen doen om de kans op botontkalking en hart- en vaatziekten te verminderen:

  • Zorg voor een gezonde leefstijl: voldoende bewegen, gezond eten, niet roken en geen alcohol drinken. Hiermee kun je de kans op botontkalking en hart- en vaatziekten kleiner maken. 
  • Vraag je (huis)arts of je eventueel extra hormonen kunt krijgen. Meestal kan dat, behalve als je borstkanker of baarmoederkanker hebt. Dan zijn aanvullende hormonen niet geschikt. 

Ben je langer dan 5 jaar in de overgang, laat dan onderzoek doen naar je botdichtheid: hoe stevig of broos je botten zijn. Als de botdichtheid onvoldoende is, kun je daar eventueel tijdig een behandeling voor krijgen.

Zoek op tijd professionele hulp

Heb je veel last van lichamelijke en/of psychische klachten, blijf er niet mee rondlopen. Er zijn verschillende zorgverleners die je kunnen helpen. 

Je kunt bijvoorbeeld een afspraak maken met een overgangsconsulent. Zij kan je een advies op maat geven. Als je een aanvullende zorgverzekering hebt, betaalt je zorgverzekeraar de kosten van een consult. Je hebt hiervoor geen verwijzing van je huisarts nodig.

Een oplossing kan zijn om (langere tijd) hormonen te gebruiken. Daardoor heb je minder klachten en voel je je beter. Lees meer over de behandeling van overgangsklachten met hormonen.

Colofon

Met medewerking van:

Ankie Krol-Veraar

Ankie Krol-Veraar

MANP, verpleegkundig specialist gynaecologische oncologie, UMC Utrecht

Logo BVN

Borstkankervereniging Nederland

Patiëntenorganisatie

Website

foto-monique-brood-van-zanten

Drs. Monique Brood-van Zanten

Arts afd. gynaecologie Antoni van Leeuwenhoek en Amsterdam UMC

Logo Stichting Olijf

Olijf

Patiëntenvereniging

Website

Vereniging Verpleegkundig Overgangsconsulenten (VVOC)

Gemaakt door de redactie van kanker.nl

Laatste update: augustus 2021