Behandeling van pijn

Behandeling van pijn met pijnstillers

Opslaan

Er zijn 3 soorten pijnstillers:

  • niet‐opioïden: paracetamol en NSAID´s (ontstekingsremmende pijnstillers, bijvoorbeeld ibuprofen of diclofenac)
  • zwak werkende opioïden (codeïne, tramadol)
  • sterk werkende opioïden. Dit zijn morfine en daarvan afgeleide stoffen zoals oxycodon, fentanyl, buprenorfine, hydromorfon, tapentadol en methadon

Bij de behandeling van matige ernstige pijn schrijft de arts meestal eerst paracetamol voor. Helpt dit middel onvoldoende, dan kan hij daarnaast NSAID´s voorschrijven. Hierbij weegt de arts de risico´s van deze NSAID´s (vooral maagschade) af tegen de mogelijke baten.

Heeft een optimale dosering van paracetamol en/of NSAID´s onvoldoende effect, dan kan de arts een sterk werkend opioïd voorschrijven.

Start u met een opioïd, dan kunt u daarnaast paracetamol nemen. Als u al eerder paracetamol gebruikte, kunt u daarmee doorgaan. Na enkele dagen kunt u kijken of het pijnstillend effect dat u van paracetamol ervaart, voldoende is om daarmee door te gaan.

De arts schrijft bij voorkeur geen zwak werkende opioïden (codeïne, tramadol) voor bij pijn bij patiënten met kanker.

Een pijnstiller moet uw pijn zo goed mogelijk onderdrukken en zo min mogelijk bijwerkingen geven. Zolang de pijnstiller werkt, wordt de pijn minder gevoeld. Zodra de pijnstiller is uitgewerkt, komt de pijn terug. Dit komt doordat een pijnstiller niets verandert aan de oorzaak van de pijn.

De ideale pijnstiller bestaat niet. Ieder mens reageert verschillend op medicijnen. Er kunnen bijwerkingen optreden, maar deze zijn meestal tijdelijk.

Pijnstillers innemen

Het is belangrijk dat u de pijnstillers volgens voorschrift van uw arts inneemt. Pijnstillers werken het beste wanneer hiervan steeds een bepaalde hoeveelheid in het lichaam aanwezig is.

Dit wordt bereikt door een pijnstiller op vaste tijden in te nemen. Soms is het verstandig om de wekker te zetten, zodat u ’s ochtends op tijd een pijnstiller inneemt. Wacht dus niet totdat u weer pijn voelt. Dan bent u steeds net te laat.

Door een pijnstiller pas in te nemen als de pijn hevig wordt, lijkt de tijd die nodig is voor het gewenste effect heel lang. Daardoor kan ten onrechte het idee ontstaan dat de pijnstiller niet werkt.

Uw arts kan u vertellen hoelang de pijnstiller werkzaam is. Vertel hem uw ervaring met de pijnstiller, om samen de voor uw situatie beste pijnstiller(s), dosering tijdstip van inname te kunnen vinden.

Als u weet dat u iets gaat doen dat de pijn zou kunnen doen verergeren, kunt u van te voren een extra snel werkende pijnstiller innemen (zie onder ‘Behandeling van doorbraakpijn’).

Gebruik van andere medicijnen

Gebruik van pijnstillers kan invloed hebben op de werking van andere medicijnen. Omgekeerd kunnen andere medicijnen ook invloed hebben op de werking van de pijnstillers.

Niet altijd worden al uw medicijnen door één arts voorgeschreven. Uw arts(en) en uw apotheek zullen in de gaten houden of bepaalde medicijnen beter niet kunnen worden gecombineerd.

Overleg altijd met een arts wanneer er iets in uw medicatie wordt veranderd. Het is goed als u altijd een overzicht bij u heeft van de medicijnen die u op dat ogenblijk gebruikt.

Pijnstilling bij patiënten met kanker en nierfunctiestoornissen

Nierfunctiestoornissen komen vaak voor bij patiënten met kanker. Een nierfunctiestoornis kan gevolgen hebben voor de behandeling van pijn met medicijnen. Bij de keuze voor het medicijn en de dosering houdt de arts rekening met de vraag in welke mate de werkzame stof in het medicijn door de nieren wordt uitgescheiden (klaring), of deze stof schadelijk is voor de nieren en/of de werkzame stof bij dialyse wordt verwijderd.

Bij lichte pijnklachten en een ernstig gestoorde nierfunctie kan de patiënt maximaal 3 keer per dag 500 mg paracetamol krijgen.

Patiënten met kanker en nierfunctiestoornissen mogen geen NSAID’s gebruiken tenzij er sprake is van dialyse.

Bij patiënten met een ernstig gestoorde nierfunctie kan morfine beter niet als onderhoudsbehandeling worden voorgeschreven. Bij deze patiënten schrijft de arts bij voorkeur fentanyl of hydromorfon voor. De arts kan ook kiezen voor methadon als hij ervaring heeft met dit middel of kan overleggen met een arts die ervaring heeft met dit middel.

Patiënten met kanker die dialyse ondergaan, moeten bij gebruik van pijnstillende medicatie die dialyseerbaar zijn, zoals paracetamol en hydromorfon, rekening houden met toename van pijn aan het eind van de dialyse. Na de dialyse kan de arts extra pijnstilling toedienen.

Over deze pagina

De informatie in de bibliotheek is getoetst door medisch specialisten en andere deskundigen.

Laatste update: juni 2016

Dit artikel is geschreven door kanker.nl.

Met medewerking van

Dr. Graeff, A. de (medisch oncoloog), Dr. Wagemans, M.F.M. (anesthesioloog)