De la misère (ellende)
Er zit weer een bobbeltje in mijn borst, half onder de prothese tegen mijn ribbenkast aan. Een week lang houd ik het voor me in de hoop dat ik me vergist heb of dat het vanzelf weer weg zal gaan, maar ondertussen zit ik er zo vaak aan te voelen en op te drukken dat ik denk dat het pijn begint te doen. Ik word strontchagrijnig, zoek ruzie met mijn man en als ik dat dan uiteindelijk ook krijg, gooi ik het eruit. Als ik zijn reactie zie, heb ik spijt van deze tactloze aanpak.
'Bel de heks', zegt hij. Ik bel het ziekenhuis, maar ze blijkt deze week op vakantie. De secretaresse belooft dat ze haar een mailtje zal sturen dat ik gebeld heb. Ik bedank de secretaresse en hang op. 'Wat doe je nou?', vraagt mij man, 'er lopen daar toch meer oncologen rond? Vraag of je een andere kunt spreken'. Maar ik wil geen andere, ik wil de mijne, die beloofd had dat ze me zou genezen.
'Je moet een mammografie', schiet mijn man in de regelstand, 'dat is toch het eerste wat ze zal zeggen volgende week, dus dat gaan we vast doen'. En dan nu een applausje voor de Franse gezondheidszorg, want in Frankrijk hebben we een app waarmee je medische afspraken in priveklinieken boekt. Je kunt erop zien wanneer welke arts waarvoor beschikbaar is; ze zetten als het ware hun agenda online. Dat werkt fantastisch. Binnen een minuut hebben we gezien dat mijn radioloog aanstaande vrijdag nog een gaatje heeft. Direct reserveren en dan snel in de auto naar de huisarts voor de verwijzing, die je uiteraard ook in Frankrijk wel moet kunnen overleggen. De huisarts maakt hem meteen, 'Want', zegt ze, 'ik voel ook iets in je oksel'.
Deze opmerking geeft een extra dimensie aan de rampscenarios die we de dagen erop bij elkaar verzinnen. Bij mijn eerste borstkanker diagnose waren er geen lymfeklieren aangetast. Dus als de kanker nu alweer terug is en ook al in de lymfeklieren zit, dan heeft hij er deze keer echt zin in.
Vrijdagmiddag in de privekliniek. 'Zit er borstkanker bij u in de familie?', werkt de piepjonge verpleegkundige braaf haar intake lijstje af. 'Denk je dat dat nog wat uitmaakt?', snauw ik terug. Mijn vertrouwen in haar is volledig verdwenen. 'Weet je zeker dat je mijn prothese in dat apparaat mag pletten?', vraag ik. Ik zie haar aarzelen. 'Ga het maar even aan de dokter vragen', commandeer ik. Ze doet het nog ook. Even later komt ze terug met een oudere collega die wel begrijpt hoe bang ik ben. De vrouw vouwt me teder om het apparaat en schroeft voorzichtig de platen aan.
'Fin de la misère (klaar met alle ellende)', neuriet de radioloog als hij even later de onderzoeksruimte binnenloopt. Het is een vetbobbeltje, dat heb je wel eens na een lipomodelage. Hij is de radioloog die destijds mijn borstkanker ontdekte, hij kent mijn binnenkant inmiddels als zijn broekzak. Ik heb geen enkele reden om te twijfelen. Opgelucht ga ik weer naar huis en ik mail direct de secretaresse dat de oncologe niet hoeft terug te bellen.
12 reacties
Oefff....
Pfffff.
Veren schudden en door.
Pfffff!
Jullie hebben daar wel een goed systeem hoor!
Gelukkig maar, je hebt genoeg misère gehad.
pffffff
Oh lieve lieve Niene.. wat leef ik met jou mee.
Ik hoop dat je snel weer kan schakelen, want dit zal wel even binnengekomen zijn!
Dikke knuffel voor jou en jouw man.
Jeetje Niene wat een schrik! Ik kan me voorstellen dat die angst niet zo maar weer weg is. Fijn dat je zo snel duidelijkheid hebt en dat je niet terug hoeft naar de 'heks'. Nu ik Eric ontmoet heb kan ik me helemaal voorstellen hoe hij dat gezegd moet hebben🤭. Une étreinte voor de schrik🥰
Fieuwww, dat was even schrikken!
Ugh...die angst! Zo herkenbaar. Wat fijn dat het goed nieuws is.
Morgen mag ik weer naar mijn oncologe en ik heb er ook buikpijn van. Steken en pijn in mijn overgebleven borst.
Duizend bommen en granaten! Wat een opluchting.
Ik kreeg het al spaans benauwd bij het lezen!
Gelukkig geen slecht nieuws…
Pffff, gelukkig! Ik snap heel goed dat je hoofd alle kanten op ging.