Koude Cappuccino

Het gebeurt dus meer. Zo in die donkere nachtelijke uurtjes, dat ik stilletjes zit te mijmeren achter mijn PC, de onafscheidelijke mok cappuccino naast mij.

Soms niet eens met een groot thema of een diep plan, maar gewoon… zitten. Naar buiten kijken alsof daar ergens nog een handleiding voor het leven hangt die ik over het hoofd heb gezien. De cappuccino koud laten worden. Half vergeten opnieuw op te warmen. En dan ineens beseffen dat er iets veranderd is, zonder trompetten, zonder drama, zonder dat iemand het officieel kwam melden.

In het begin van mijn carrière als professioneel kankerlijer liep ik er altijd wat grollend en grappend bij. Altijd wel een mop klaar. Liefst eentje die een beetje schuurde. Iets met impotentie, slappe toestanden of lichaamsdelen die vroeger enthousiast deelnamen aan het maatschappelijk leven en nu vooral nog decoratie zijn. Ik genoot daar eigenlijk van, van dat licht ongemakkelijke moment waarop mede kankerlijers, moderatoren of community managers niet goed wisten of ze moesten lachen of klacht indienen. Humor als camouflagevest. Of als ducttape rond een mens die anders uiteenvalt.

Het was mijn manier om te overleven, denk ik. Om te zeggen: kijk, ik lig niet plat, ik ben er nog. Al was het maar met een grap over iets dat eigenlijk helemaal niet om te lachen is.

Want ja, prostaatkanker. Dat betekent dingen missen. Niet een beetje, maar fundamenteel. Je bent erectieloos, impotent, seksueel ongeveer zo actief als die overbekende dooie goudvis. En dat schuurt. Dat mis je. Niet alleen het lichaam, maar ook wat er rond hangt: begeerd worden, verlangen, die stille bevestiging dat je nog meetelt in dat domein waar het leven zich zo hardnekkig voortplant.

Dus maakte ik er maar grappen over. Alsof ge iets kapot kunt lachen zolang ge maar hard genoeg blijft zeveren. Door het pijnlijke om te bouwen tot iets luchtigs. Door iets droevigs te kneden tot iets grappigs, zodat het minder snijdt.

Die grappen waren geen frivoliteit. Ze waren gereedschap. Onderhoud. Zoals olie op een piepende scharnier. Zolang ik erover kon lachen, had het gemis nog een vorm, nog een rand die ik kon vastpakken. Dan kon ik thuiskomen van een controle, in de zetel ploffen en denken: allez vooruit, we maken er nog iets smerig-grappigs van voor het forum. Dan leefde dat onderwerp nog. Dan beet het nog een beetje.

Maar dan, na jaren, gebeurt er iets raars. Zonder aankondiging. Dat seksuele gemis ebt weg. Niet omdat het weg is, maar omdat een mens blijkbaar aan alles went. Het verlangen dooft niet met een knal, maar met een zacht sisje.

En met dat verdwijnen van het gemis verdween ook de nood om er grappen over te maken. De moppen drogen op. Niet bewust, niet beslist. Ze lossen gewoon op.

En dus verdwijnt ook een stukje van Mr willy. Dat deel dat graag wat gekke, licht schunnige, bevrijdende grappen vertelde. Heel geleidelijk. Zo geleidelijk dat je het pas merkt wanneer het al weg is.

En dan zit je daar dus weer stilletjes achter je PC te mijmeren. Cappuccino intussen ijskoud. En dan komt er iets wat lijkt op droefenis. Niet groot, niet dramatisch. Meer een stille rouw om iets waarvan je niet eens wist dat je het ooit zou moeten begraven. Niet alleen het seksleven dat verdwenen is, maar ook de versie van jezelf die er nog tegenin schopte met humor en bravoure.

Het is vreemd: je verliest eerst iets, en jaren later verlies je de reactie daarop. Alsof zelfs het verzet moe wordt. Alsof de clown zijn schmink afwrijft en merkt dat hij daaronder ook maar een man is die ouder wordt, stiller, zachter misschien, maar ook leger op een manier die hij niet had voorzien.

Ik weet niet of dit vooruitgang is. Of aanvaarding. Of gewoon slijtage. Ik weet alleen dat ik het merk. Dat ik hier zit, wat zit te dubben, en denk: kijk, dát is dus ook weg. En dat doet pijn op een heel andere, stillere manier.

Vroeger maakte ik daar nog een vuile mop over. Nu drink ik gewoon mijn koude cappuccino uit.

5 reacties

Daar zeg je zoiets... Als het, zoals bij velen onder ons, lang duurt, dan lijken we wel steeds stiller te worden. Allez, jij ervaart het en toen besefte ik bij het lezen van je blog: he, ik ook. Geen over the top positieverig gedoe, geen grapjes... Gewoon doorslepen. Misschien inderdaad omdat we dingen hebben geaccepteerd. Of omdat de energie er niet meer is om dat extra sausje over alles te gieten. Of... wie zal het zeggen. Maar door jouw woorden te lezen, besefte ik dat ik hier ook stiller aan het worden ben. En vraag me af of dit algemeen zo is...

Laatst bewerkt: 15/05/2026 - 09:05

Inderdaad, Willy, het komt steeds vaker voor: “Oh, en dat kan ik dus ook niet meer.” Maar waar ik het meeste moeite mee heb is, dat daardoor steeds meer door mijn vrouw gedaan moet worden. En dat doet pijn. Pijn omdat zij daar niet voor gekozen heeft. Men zegt dan ook niet voor niets: “Kanker heb je met z’n tweeën.” ‘t Is zoals het is.

Laatst bewerkt: 16/05/2026 - 12:55

Ja, het onophoudelijke gevecht tegen die tyfus ziekte met daarbij dat gepieker de hele dag, NEVER NOOIT kun je het loslaten, heel misschien even dan......

Ik merk ook na bijna 6 jaar geleden gediagnosticeerd te zijn dat het langzaam wat minder gaat, ook een gevolg natuurlijk nu van het feit dat ik onder chemobehandeling ben en er 6 van de 10 heb gehad maar toch.......en we vergeten dat we ook ouder worden......

Ik heb erg veel moeite met de discipline om te gaan fietsen en te gaan wandelen en/of überhaupt iets te ondernemen. Als ik er al aan denk word ik al moe........

Maar ik blijf strijden, als ik het ff niet zie zitten denk ik aan Bibian Mentel, Eva Hermans-Ktoot en aan Jade kops.....😢😢

De eerste 5 jaar ging het in het algemeen vrij goed, nu gaat het wat minder en ik klaag wat af. Vaak denk ik, zit toch niet zo te zaniken man maar moet me uiten en van me af praten en schrijven zoals zovelen. 

Ik hoop dat na mijn 10 chemokuren ik weer wat sterker word en dat de vermoeidheid wat minder gaat worden.

Hoop, is er nog hóóóóóóóóóóóóóp........................

Zeker en vast! Tsjakka! 

Adië wa!

 

Laatst bewerkt: 16/05/2026 - 13:50

Ik denk, Willy, dat we het in ons geval, met onze PK, kunnen samenvatten als : we zijn voor drie vierden een vrouw geworden, weliswaar nog met mannelijke (??) genitaliën.

Ik ervaar het ook dat aantrekkelijkheid verdwijnt. Na bijna 5,5 jaar PK worden vrouwen precies minder aantrekkelijk. En we lijken dat te aanvaarden ook. We accepteren...

Marc.👍🙏

Laatst bewerkt: 16/05/2026 - 22:31