Te Bad of niet te Bad
Er zijn van die kleine geneugten in het leven waar een mens zich koppig aan vastklampt, zoals een drenkeling aan een stuk wrakhout.
En na de cappuccino — die staat nu eenmaal op een eenzame hoogte — behoort een warm bad zonder twijfel tot die categorie van heilige momenten die, nadat ik het eenmaal heb leren smaken, niet meer uit het leven van Mr Willy weg te denken zijn.
Het is een ritueel dat al begint lang vóór ge er effectief in ligt. Eerst het water laten lopen — met dat geruststellende geraas dat de badkamer langzaam vult met warmte en damp — en dan een flinke scheut badzeep erin, zodat het oppervlak zich begint te tooien met een schuimlaag die er uitnodigend uitziet, alsof het bad zelf zegt: kom maar, ik wacht op u.
En soms — niet elke keer, want een mens moet ook iets hebben om naar uit te kijken — verwen ik mezelf met een echte bruisbal. Zo'n ding dat ge plechtig in het water laat, alsof het een heilige relikwie is, en dat dan sissend en borrelend uiteenvalt tot een wolk van geur en kleur, waardoor ge het gevoel krijgt dat ge niet gewoon een bad neemt, maar deelneemt aan een soort luxeritueel in een wellnesscentrum waar normaal alleen mensen met zachte badjassen en veel te dure parfums toegang toe hebben.
Pas wanneer alles klaar is — het water op temperatuur, het schuim mooi verdeeld, de geur die zich langzaam door de ruimte nestelt — stap ik voorzichtig in het bad. Eerst één voet, aarzelend tastend naar de juiste temperatuur, want oude botten en gladde badranden vormen samen een complot waar ge beter respect voor hebt. Daarna de tweede voet, en dan, heel langzaam, laat ik mij zakken tot het warme water mij omhelst als een lang verloren vriend.
En dan pas… ja, dan begint het echte genieten.
Dan laat ik mijn tenen vrij rondzwemmen alsof het tien kleine onderzeeërs zijn die hun eigen missie uitvoeren, maak ik voorzichtig golfjes tegen de rand van het bad — puur wetenschappelijk onderzoek uiteraard — en neurie ik zachtjes een liedje waarvan ik meestal maar de helft van de tekst ken, wat mij er niet van weerhoudt om het toch met volle overtuiging te brengen, want een badkamer heeft uitstekende akoestiek, zelfs al moet ge tegenwoordig oppassen dat ge niet te enthousiast wordt.
Maar helaas.
Want nog voor ik goed en wel mijn ogen gesloten heb, nog voor ik mij volledig heb overgegeven aan het zachte geborrel van het schuim en de illusie dat de wereld even ophoudt met draaien, gebeurt het steevast.
De deur gaat verder open, en daar staat ze dan: Mevr willy.
Met een blik die tegelijk praktisch en onverstoorbaar is, alsof mijn zorgvuldig opgebouwde badritueel niets meer is dan een logistiek probleem dat dringend moet worden opgelost.
En voor ik het goed besef, hoor ik het onvermijdelijke zinnetje dat klinkt als een officiële mededeling van het ministerie van Binnenlandse Zaken:
“Schuif eens een beetje op.”
En daar gaat mijn privé-oceaan.
Daar gaat mijn eiland van rust.
Want op de kortst mogelijke tijd zit ze erbij, alsof het altijd al de bedoeling was dat dat bad een tweepersoons installatie zou zijn, en moet ik mijn zorgvuldig georkestreerde golfslag aanpassen aan een nieuw hydrologisch regime waarbij het water plots gevaarlijk dicht tegen de rand begint te klotsen en mijn tenen hun territorium moeten delen met een tweede vloot.
Begrijp me niet verkeerd — het is niet dat ik het erg vind dat ze erbij komt, want samen badderen heeft zo zijn charme, en een mens leert relativeren wanneer hij merkt dat twee paar knieën in één bad een soort diplomatieke onderhandelingen vereisen die zelfs de Verenigde Naties niet altijd tot een goed einde brengen, maar ergens diep vanbinnen blijft er toch dat kleine verlangen knagen naar een bad dat alleen van mij is.
Een bad waarin ik ongegeneerd kan plenzen.
Waarin ik — heel zachtjes — misschien zelfs een liedje zou kunnen zingen zonder dat iemand vraagt of ik niet beter een andere toonhoogte probeer.
Waarin ik, met gesloten ogen, kan wegdrijven op het warme water en even vergeten dat de wereld bestaat uit pillendoosjes, afspraken, en het lichte gekraak van gewrichten die vroeger nooit protesteerden.
Nou ja. Zo gaat dat nu eenmaal. Dat bad blijft zelden lang alleen van mij.
Maar toch, wanneer ik daar lig, half ondergedompeld, met het warme water rond mij en het zachte geklots tegen de badrand, en zij tegenover mij zit alsof het de normaalste zaak van de wereld is, dan moet ik eigenlijk eerlijk toegeven dat zo samen badderen iets heeft waar geen enkel alleen-zijn moment tegenop kan.
Zelfs al moet ik daarvoor mijn tenen af en toe een beetje opzij schuiven.
10 reacties
Het Bad, het heilige ritueel van rust en relaxatie. Heerlijk vond ik het altijd. Tot de kanker en behandelingen het besloot te veranderen in een zweterig en benauwend inferno van te warme lucht en te koud water, van jeukend lichaam en uitputtingsgewijs eruit komen en de puf niet meer hebben om nog kleren aan te trekken. Het is één van de dingen die ik het hardste mis en ik vind het heerlijk om te lezen dat het jou ook zo een deugd kan doen (alleen of met twee hihi)!
Badderen, ik deed het vroeger. Heel vroeger. Met ook wat schuim. Het was wel eerder functioneel. Een beetje genieten van het lauwwarme water, de wasbeurt en hopla, weer eruit.
Nu is dat bad allang vervangen door een douche.
En te lang in bad met zeep zou nu een pak jeuk betekenen, een huid die trekt van alle kanten, als perkament en kurkdroog.
Marc.👍👍
Dag Mister Willy, ook ik heb een aantal jaren genoten van een heel groot bad in het ziekenhuis waar ik toendertijd werkte. Als ik dan een versnipperde dienst had en het geen zin had om op en neer te fietsen, begaf ik me naar de bovenverdieping waar zich een supergroot bad bevond en dook daar dan een uur tot anderhalf in! Dat was genieten! Voor die tijd nooit geen bad gehad en naderhand ook niet meer, maar het zit wel in het geheugen! Groet,Anne
Ik weet zeker dat, als Mevrouw Willy, niet meer samen zou kunnen badderen, dan zou je het missen.
Ik ben blij te horen dat je geniet, want dat is heel belangrijk
Liefs en knuffels (ook voor Mevr Willy een paar extra🫂🫂🫂🫂🫂🫂🫂😘Peter
Een heerlijk beeld heb je geschetst Willy. Mijn Henk lag minstens 300 dagen per jaar in bad, alleen. Enige waarmee ik hem soms het bad uit jaagde: als ik boven bezig was en het niet haalde om beneden naar het toilet te gaan.
Mooie titel en prachtig blog!!
En toch, ik kan er niets aan doen lees ik dat je je een kind voelt in zo'n groot bad met de vrijheid van het vele water...ongegeneerd en geen rekening hoeven houden.spelen en bedenken van mooie dingen bij jouw bad ritueel
Als mevrouw Willy komt dan is het ritueel pas klaar want dat is echte liefde
❤️
Heerlijk, ik zie het voor me 😁💕
Oh goss wat romantisch samen in bad onder het schuim ,ik hoop wel met een mooi glas wijn en plzz niet uitglijden
Nou, d'r ligt een anti slip mat hoor. ❤️
Oh wat goed hihi