De stervende Gladiator

Het standbeeld van een stervende gladiator. Dit beeld, een getuigenis van kracht, moed en een onverwoestbare geest, toont een krijger met littekens en spieren, die in zijn laatste moment een zwaard stevig vasthoudt. Zijn ogen, hoewel uit steen gehouwen, stralen een vastberaden trots uit, zelfs in zijn naderende dood.

Een gladiator was geen gewone krijger. Zijn leven speelde zich af in de arena's van het oude Rome, 2000 jaar geleden, waar hij dag na dag oog in oog stond met brullende menigten en bloeddorstige beesten. Zijn zwaard bewoog met dodelijke precisie, zijn schild weerstond talloze aanvallen. Hij was een meester in de kunst van de strijd, een ware kampioen die nooit bezweek.

Maar eigenlijk was hij maar een slaaf, gedwongen om een strijd te voeren, die de zijne niet was, die hij nooit gewild had.  In de verzengende hitte van de arena vocht hij, niet alleen tegen gespierde tegenstanders met blinkende zwaarden, maar ook tegen de duisternis in zijn eigen ziel. In elke slag, elke stoot, weerklinkt een echo van zijn innerlijke strijd, een confrontatie met de angsten die hem achtervolgen.

Onder het gejoel van het publiek voert hij een eenzame oorlog, zijn ogen brandend van vastberadenheid. Het gewicht van zijn verleden drukt zwaar op zijn schouders, maar met elke overwinning bevrijdt hij zichzelf een beetje meer van zijn innerlijke demonen. Zijn zwaard snijdt door vlees en bot, maar ook door de ketenen van twijfel en vrees.

Hij wist dat hij zijn strijd tegen de dood vroeg of laat zou verliezen. Maar met ware doodsverachting keek hij dit lot in de ogen, niet als een verliezer, maar als een krijger die zijn eigen eindigheid omarmt. Elke keer dat hij valt en weer opstaat, vindt hij een sprankje verlossing. De arena is zijn hel en zijn heiligdom, een plek waar hij zichzelf hervindt in het vuur van de strijd. Zijn zweet mengt zich met het zand, zijn bloed met de roep om vrijheid. Voor de toeschouwers is hij een gladiator, een held. 
Maar voor zichzelf is hij een pelgrim, op zoek naar vrede en rust te midden van het tumult.

Elke strijd is een zelfoverwinning, een stap dichter bij innerlijke rust. Hij vecht niet alleen voor zijn leven, maar ook voor zijn ziel, in een onophoudelijke zoektocht naar verlossing. En dan 's avonds, als de zon ondergaat en de schaduwen langer worden, weet hij dat hij zijn demonen voor even heeft overwonnen, is hij klaar om morgen opnieuw de strijd aan te gaan. Zelfs in de wetenschap dat de dood onvermijdelijk is, blijft hij vechten tot de laatste snik, een levende getuigenis van onverzettelijke wilskracht. 

Veel eeuwen later, in een wereld ver verwijderd van die bloedige arena's, staan wij, lotgenoten, voor een andere uitdaging. Niet meer met zwaarden en schilden , maar met medicijnen en behandelingen en een onuitputtelijke geestkracht vechten wij tegen een rotziekte. We beproeven onze wilskracht, navigeren door de onzekerheden van kanker. Elke behandeling is een nieuwe slag in de arena,  elke dag een nieuw gevecht

De taal die vaak wordt gebruikt om deze ervaringen te beschrijven, zit vol met beelden van strijd en overwinning: vechten tegen kanker, opgeven is geen optie, hij heeft de kanker overwonnen, zij heeft gestreden voor wat zij waard was, het was een oneerlijke strijd ,enz. 
Moed, kracht, volharding en strijdbaarheid zijn termen die lekker in het gehoor liggen. Het klinkt alsof je de volledige regie hebt. Als je er maar hard genoeg voor knokt, dan red je het wel. Maar wat als je het niet redt? Ben je dan minder sterk? Heb je dan niet voldoende geknokt? Ben je een loser als je voor jezelf kiest? Voortdurend strijdbaar moeten zijn, roept weerstand op. Het kost onvoorstelbaar veel energie en daar heb je soms helemaal geen zin meer in.

Maar dat willen mensen natuurlijk niet horen. Die horen liever het verhaal van de overwinning.
Maar wat als die overwinning er niet komt? Wat als de strijd oneerlijk blijkt en de uitkomst onzeker is? Moed en volharding zijn dan nog steeds waardevol. Het gaat niet om het winnen van een gevecht, maar om het behouden van je geestelijke gezondheid, om de kracht te vinden om te leven met waardigheid en moed, ondanks het vooruitzicht van een naderende dood.

Naast het standbeeld van de stervende gladiator, staat een plaquette met zijn verhaal. Het herinnert ons eraan dat echte kracht niet altijd ligt in het winnen van de strijd, maar in de moed om überhaupt te vechten, om , ondanks alles, te leven.  De gladiator wist dat, zelfs in zijn laatste momenten. Zijn verhaal is een blijvende herinnering dat het leven, net als de strijd tegen kanker, niet altijd eerlijk is, maar dat onze moed, ons doorzettingsvermogen , onze wil om te leven ons een verhaal brengen van onschatbare waarde, een verhaal over de kracht van de menselijke geest. 

Een verhaal dat gehoord moet worden

---------------

De stervende gladiator 

Beeld is vervaardigd door Louis Mast (°Gent 1857 - +1901)

Heeft in Citadelpark gestaan. Nu In Koning Albertpark aan de Zuid.

Op de sokkel staat het opschrift: "Ave Caesar, morituri te salutant", "Gegroet Caesar, zij die gaan sterven groeten u"

Het beeld is  vaak verplaatst geweest. Koninklijk Atheneum, Zuidpark ter hoogte van Twee Bruggenstraat, Citadelpark, Zuidpark Huidige plaats. Het beeld is ettelijke malen vernield en vooral het zwaard werd verschillende keren gestolen of afgebroken. Walter de Buck ( Gentse kleinkunstzanger en beeldhouwer)heeft het meerdere keren hersteld

18 reacties

EĆ©n van mijn vriendinnen kan er niet tegen als ik aangeef dat de vechtmetafoor het toch niet zo doet voor mij, in geval van kanker.  Ze roept dan direct dat ik niet mag "opgeven" en dat het wel zo klinkt als ik niet van vechten wil spreken. Krijg het niet in haar hoofd dat het gewoon een metafoor is die mij de kriebels geeft. Hoe jij het verwoordt naar "kracht ondanks alles", misschien ga ik het zo een keer aangeven!

Laatst bewerkt: 15/06/2024 - 08:55

Groot gelijk als je schrijft dat de taal die gebruikt wordt bij kanker vol woorden van strijd en overwinning zit. Daar trekken mensen zich aan op. Het verhaal van de gladiator past hier helemaal in. Geromantiseerd door de jaren heen in de westerse wereld. Aanvankelijk waren gladiatoren ter dood veroordeelde rechtlozen ( slaven). Een beetje zoals de Russische gevangenen die moeten gaan vechten in OekraĆÆne. Bij kanker maakt het niet uit wie je bent. Eerder een niet gemanipuleerde loterij. En natuurlijk wil iedereen de strijd aanbinden tegen deze ziekte uit levensbehoud. Maar er zijn, in mijn geval toch, ook veel periodes dat ik die strijd niet meer zie zitten. Deels omdat de prognoses slecht zijn, deels omdat ik het mentaal niet meer aankan. Het mentaal afwegen wat het belangrijkste is, levenskwaliteit versus enkele maanden langer leven. Dat is het gegeven waar kanker mij gebracht heeft. Niet het gevecht ertegen. Kanker heeft sowieso gewonnen, tenzij de artsen de bal volledige mis slaan. Kanker is ook een gevecht tegen jezelf. Aanvaarden wat er mis gelopen is ( een betere levensstijl  misschien), wat we niet meer kunnen rechtzetten. 

 

Hieronder foto van het sculptuur " De jeugd". Mijn symbool van " hoe vluchtig de tijd is".

Laatst bewerkt: 15/06/2024 - 09:46

Ik treed je volledig bij. Als ik op de zetel lig of zit, mezelf voortsleep... ik zie er geen vechter in hoor. Hoe moet dat ook, vechten tegen cellen in mijn lijf die met het blote oog misschien amper te zien zijn? Moet ik mezelf dan lopen prikken met minizwaardjes of zo? Maar het vechten tegen uzelf, tegen het aanvaarden, tegen onbegrip (van zowel uzellf als anderen)... daar kan ik me meer bij voorstellen ook. 

(Mooi beeld)

Laatst bewerkt: 15/06/2024 - 09:50

Het gaat niet om dapper, maar omdat jullie mooie mensen zijn.
En jullie maken er gewoon het beste van naar de omstandigheden.
Het enige wat ik kan doen, is dank je wel zeggen, dat jullie er zijn, dat jullie je op de been houden, en het met ons delen, en we jullie af en toe even mogen vasthouden, wetende dat het waarschijnlijk niet goed komt, maar dankbaar voor wat we samen gedeeld hebben.
Maar ik ben wel trots op jullie, jullie zijn LEVERS en dan bedoel ik niet het orgaan
Dikke knuffel voor jullie allemaal.

šŸ»šŸ«‚šŸ˜˜ Peter

Laatst bewerkt: 15/06/2024 - 14:14

Hoe je het ook bekijkt, kanker is ondergaan. Vechten, ja, dat kan maar mindere dagen zitten er hoedanook tussen. En wanneer je een bericht op Facebook plaatst, krijg je ook nog van die (goedbedoelde) reacties als : Jij kan dat, je moet volhouden. 

En ook : Maar goed dat er zoiets bestaat als hormoontherapie om de ziekte te lijf te gaan. 

Allemaal goedbedoeld maar toch niet altijd even terecht. En op de zetel liggen, is niet altijd goed maar soms tja. 

En de tranen, die komen toch af en toe, of je het wil of niet. 

Marc. šŸ‘šŸ‘

Laatst bewerkt: 16/06/2024 - 07:36

Het is onmenselijk en derhalve gemeen om van iemand, zeker in een moeilijke situatie, te verwachten dat die altijd flink, sterk, optimistisch, energiek en vol goede moed is. Komt vaak ook van mensen die bij wijze van spreke een halve dag lopen te zeuren als ze hun grote teen hebben gestoten en dan vinden dat jij hen wƩl moet begrijpen. Anderzijds begrijp ik ook wel dat het menselijk is om je onmachtig te voelen als je iemand ziet afzien en niet zo goed weet wat je moet zeggen of doen. Maar dat ze dan gewoon toelaten dat je je voelt zoals je voelt. Ook al lig je een dag op de zetel of ween je of wat dan ook. Je moet niet altijd sterk zijn.

Laatst bewerkt: 16/06/2024 - 09:49

Dit maakt mij stil en eigenlijk is het het verhaal van zovelen.

De woorden je moet vechten tegen de kanker ,strijden niet opgeven komen op mij oneerlijk en verdrietig over ,daar heeft het niets mee te maken ,jullie doen wat jullie kunnen en in jullie vermogen ligt maar gaan er zelf niet over in wezen ,was deze godsgruwelijke ziekte de wereld maar eens uit ,neemt mensen zo vreselijk veel af en zorgt voor zoveel pijn ,verdriet ,onmacht ,ik vind het onmenselijk wat jullie getroffen heeft ,dus voor iedereen een lieve troostknuffel ,heb je daar wat aan ,nee niet echt maar het enige wat ik in al mijn machteloosheid kan 

Liefs hes šŸ’œ

 

Laatst bewerkt: 16/06/2024 - 10:34

Wat een prachtige vergelijking en prachtig geschreven verhaal.
Eerlijk is eerlijk, toen ik net te horen kreeg dat ik kanker had deed ik op de gang een roemloze karatetrap en verkondigde ik dat ik die ziekt wel eruit zou vechten. Strijdvaardig, vol vechtlust. Ik heb immers jarenlang tegen mensen die vertelden dat ze kanker hadden gezegd: Houd moed, je bent zo sterk, vecht voor wat je waard bent etc. 
Pas later leerde ik de rare grillen van mijn rivaal kennen. Het is geen vechten, het is volhouden. Volhouden in de hoop dat de medische wetenschap z'n beste beentje voorzet en een gladiator creĆ«ert die voor mij in mijn lijf wil vechten en wellicht ook weet te winnen. 

Liefs, Milena

Laatst bewerkt: 16/06/2024 - 18:59