De uitslag
Na het eerste slechte bericht vanuit het ziekenhuis zijn we weer naar huis gegaan in afwachting van verdere onderzoeken, bloedonderzoek en diverse scans staan nog op het programma maar Gerda wilde liever thuis zijn en dat doen we dan ook. Ze ligt veel op bed maar kan nog zelfstandig naar het toilet gaan en zichzelf wassen. We hebben een oud huis en nu komt dat toilet en badkamer die we een eeuwigheid geleden op de 1e verdieping hebben gemaakt goed van pas. Maar een paar stappen van de slaap- naar de badkamer. Ondertussen komt ook onze eigen huisarts met een huisarts in opleiding even langs om te kijken hoe het gaat. Gerda ligt op de bank in de woonkamer en is opgewekt en ook nuchter en maakt het niemand moeilijk ondanks de ernst van de situatie. We gaan zien wat het wordt zegt ze. Een paar dagen later moeten we naar het ziekenhuis voor die onderzoeken. Dat duurt een halve dag waarna ze weer naar huis wilt. Als alle uitslagen binnen zijn worden we weer verwacht. Waar we eerst zaken deden met een internist is dat nu gewijzigd in een oncoloog. Geen goed voorteken. Onze zoon gaat mee als chauffeur maar Gerda wilt niet dat hij mee naar binnen gaat. Dat doen we samen. Met pijn in mijn buik gaan we richting arts en krijgen daar het bericht. We gingen er samen al vanuit dat het geen goed bericht zou zijn, maar dat het zo slecht en ook zo definitief zou zijn had ik in ieder geval niet verwacht. Darmkanker, botkanker, leverkanker en de longen zijn ook al aangetast, de helft van de longen werkt niet meer. Wat het begin van dit alles is en welke kanker de oorzaak is van al die uitzaaiingen is nog niet duidelijk. Hoop op genezing is niet aan de orde. Daarvoor is Gerda veel te ziek. Ook nu wil de arts Gerda op laten nemen in het ziekenhuis maar ook deze keer gaat ze naar huis. Eerst nog naar de auto waar Paul op ons wacht. In de lift zegt Gerda dat ze het zelf wilt vertellen. Bij de auto aangekomen ziet Paul aan ons al dat het niet goed is en als ik tegen hem zeg dat hij maar achterin bij zijn moeder moet gaan zitten dan is het hem wel duidelijk. Dit stukje van het ziekenhuis naar huis is voor mijn gevoel één van de langste ritten geweest die ik heb gemaakt.
Ik weet niet meer wat we tijdens de rit hebben gezegd en ik ben het stukje dat we thuis zijn gekomen ook min of meer kwijt. Wat er is gezegd of wie wat heeft gezegd is allemaal een beetje wazig. Ik weet ook niet meer of Gerda kortstondig is opgenomen in het ziekenhuis en daarna toch weer is thuisgekomen. Ik ben dat eerlijk gezegd helemaal kwijt. Ik weet wel dat Gerda achteruit ging. In het begin wilde ze nog naar beneden en dat ging nog zelfstandig tot ze de laatste 3 treden miste en van de trap viel. Ook nog een keer in de bijkeuken gevallen bij het opstapje naar de keuken. Beide keren was ik thuis en schrok me de %$%##$%. Vanaf dat moment heb ik haar niet meer alleen gelaten en als ze zich moest of wilde verplaatsen. Ik was sowieso altijd thuis of iemand anders, meestal mijn zoon, was bij haar.
Dan krijg je hele intense gesprekken. We weten allemaal wat er staat te gebeuren, of eigenlijk weten we het niet, alleen het eindstation is duidelijk. De weg er naartoe nog niet. Gesprekken over euthanasie. Wat zou je willen of wil je het helemaal niet. Heb je wensen op dat gebied. Heb je erover nagedacht en wil je er over praten. Of later. Heb je al iets in gedachten over een uitvaart of heb je daar wel of niet over nagedacht? Je krijgt het gevoel dat je in een vreemde wereld of een hele slechte film bent terecht gekomen. Gerda had wel de muziek in gedachten dat had ze al jaren. Voor de rest wil ze er nog niet echt over praten. Prima toch. Paul en ik hebben vrij vroeg afgesproken dat haar wil wet is. Alles staat in het teken van Gerda om het haar zo makkelijk mogelijk te maken. Dat hebben we ook gedaan. In alle opzichten. Tussendoor moesten we ook familie en vrienden vertellen wat er aan de hand was. Ze wisten uiteraard dat Gerda ernstig ziek was maar nu moesten we vertellen hoe het er echt voorstond. Elke keer hetzelfde vertellen, dezelfde antwoorden geven op even zovele zelfde vragen.
En zaken regelen, organiseren. Dat dwing je ertoe om praktisch bezig te zijn en dat is iets wat ik mijn hele leven gewend ben en gedaan hebt. Regie nemen, beetje sturen en afspraken maken. Handelen.
Ziekenhuisbed voor beneden regelen. Een rolstoel, kamerscherm en alles wat nodig is om Gerda beneden te verzorgen. Dan ging redelijk snel. Dit zijn ook momenten dat je mensen echt leert herkennen. Mensen waarvan je iets verwacht en die dat niet waarmaken, maar ook mensen waar je het niet van verwacht die plotseling voor de deur staan en hulp bieden.
Gerda zou het liefst tot het einde thuisblijven en daar was ze niet de enige in. Dat wilden Paul en ik ook.
Ik heb 2 zussen die hun hele leven in de verzorging hebben gewerkt en toen zij wisten van de wens van Gerda om thuis te blijven direct aanboden om deze zorg op zich te nemen. Mijn zus in Noorwegen nam gelijk een ticket richting Nederland en mijn jongste zus die gelukkig in de buurt woont was al regelmatig bij ons thuis. Wat een geweldige meiden!! Samen met mijn zoon en schoondochter was dat het team dat voor Gerda zou zorgen.
Vanuit het ziekenhuis had Gerda pijnstilling gekregen en in het begin hielp dat enigszins. Moest wel regelmatig verhoogd worden. Pillen en pleisters had ze. Regelmatig contact met de huisarts om het toch weer te verhogen. Op een bepaald moment ging dat niet meer en werd de pijn zo hevig dat in overleg met het ziekenhuis Gerda per ambulance moest worden overgebracht naar het ziekenhuis. Dat was een echte hel. Gerda was spijkerhard voor zichzelf maar het tillen van het bed op de brancard ging door merg en been. Ambulancepersoneel was superlief en met 5 man is het toch gelukt en in het ziekenhuis hetzelfde maar dan andersom. Vreselijk om mee te maken en dat zijn de momenten en er zullen er nog meer volgen waar ik nu nog steeds last van heb. Ik spring van de hak op de tak terwijl ik zit te typen.
Die momenten van pijn zoals het van de trap vallen en het verplaatsen van en naar een ander bed of brancard. Of het feit dat de pijnstilling niet meer werkt of zwaardere middelen nodig zijn en zien dat ze pijn heeft en niet zomaar een pijntje zoals al die voetballers elke week laten zien. Nee, echte pijn. Of dat je haar helpt met opstaan terwijl je haar zichtbaar pijn doet en ook moet doen om haar te helpen. Ik heb daar het meeste last van. Ook nu.
Je moet ook zaken van je afschrijven, misschien helpt dat wordt er gezegd. Ik heb dat wel eens eerder gedaan bij een ingrijpende gebeurtenis waarbij het mijzelf betrof. Dat hielp. Op dit moment echt niet. Dit is van een heel ander niveau. Ik heb nog zoveel te vertellen en ik weet niet of dat handig is. Ik schaam me ook een beetje. Alsof ik die intieme momenten, want dat zijn het, met anderen deelt ten koste van Gerda. Ik weet echt niet of ik hier goed aan doe en of ik Gerda tekort doe.
Dit is nu het derde stukje en het is net of ik tijdens het typen steeds meer herinner en dan laat ik nog heel veel weg. Het wordt ook steeds langer zie ik. Voor nu is het meer dan genoeg.
1 reactie
Beste Harry, je verhaal is zo herkenbaar, het gevoel van machteloosheid, het feit, dat je weet dat het einde eraan komt en het verscheurde gevoel dat dat met zich meebrengt. Je wil iemand laten gaan juist omdat je zoveel van diegene houdt, maar tegelijkertijd voel je al het intense gemis. Mijn grote liefde heb ik 1,5 jaar geleden moeten laten gaan. Hij heeft euthanasie gekregen na 37 met Parkinson te hebben geleefd. Elk verhaal is anders, maar altijd ligt de liefde eraan ten grondslag en ik vind het juist heel dapper, dat je dit moeilijke traject deelt. Ik wens jullie heel veel sterkte ❤️