Puinduinrun 2026; dat het kon ...

Muziek kabbelt zachtjes. Jazz die vloeit en weinig afleidt. Dat is wat ik nu kan handelen.

In mijn lijf vloeit het ook.
Stroompjes.
Koude en warme.
Tegelijk en afwisselend.

Koude, ondanks dat de kachel brandt. Ondanks dat ik net heb gegeten. Ondanks een droog shirt en een warme trui. Ondanks een fleeceachtige tight. Koude stroompjes, want mijn lijf is moe.

Maar ook warme. Van blijdschap. Van – eerlijk is eerlijk – ook wel opluchting. Van hete koffie. Van trots.

Weinig is zeker. Na vijf jaar en vier maanden 'ongeneeslijk zieke man' is zeker dat weinig zeker is. Ben ik vaker dan ooit afhankelijk. Van de vorm van de dag. Van hoe inspanningen toeslaan. Van hoe ik inspanningen verteer. Afhankelijk. Of omstandigheden me raken. En hoe. Afhankelijk. Vaker, veel vaker dan ooit, ondanks dat ik leer van ervaringen uit het (recente) verleden.

Dat geldt zeker op de dag van de Puinduinrun. Want er gaat een dag komen dat ik níet meer de volle drie ‘meest uitdagende’ rondjes red. Dat mijn door chemo’s aangevreten lijf niet meer 10,5 kilometer hellingen en trappen op en af kan. Dat mijn door testosteronremming steeds korter gehouden lichaam die Ausdauer niet meer heeft. Dat ik de inspanning plus de drukte eromheen niet meer voldoende verteer. Dat ik ook nog last krijg van de ziekte zelf, waar de last nu nog ‘slechts’ komt van de bijwerkingen.

Er komt een dag dat ik op de laatste zondag van januari in Kijkduin strand in ronde 3 of na ronde 2. Handdoek. Ring. Omdat ik dreig te kapot te gaan. Omdat ik nog altijd kan rennen tot ik letterlijk omval, maar dat dat heel erg onverstandig zou zijn. Dat ik dat niet meer moet willen met mijn lijf gevuld met chemoschade. Met mijn lichaam leeg van testosteron. Dat ik me dan een weekje ziek voel, weinig tot niks kan, doordat mijn kankerlijf herstellen heel moeilijk vind, dat Erik 2.0 daar heel lang over doet. Dat de tol dus veel te hoog is.

Maar vandaag – bij de 2026-editie van de Puinduinrun – was dat moment nog niet. Gelukkig. Dus gloei ik ondanks mijn koude, vermoeide lijf, dat verstijft terwijl ik dit alles noteer. En dus zeg ik, vrij naar wat ik vorig jaar schreef:

Dat het kan …
Drie keer het meest uitdagende rondje.

Dat het kan …
Ondanks vooraf meer twijfel dan ooit.

Dat het kan …
Al denk je na ronde 2: nu kappen of tóch ronde 3 wagen?

Dat het toch weer kan …
Met discipline, sparen waar het kan.

Dat het kan …
De trappen allemaal stapvoets dit keer. Soit.

Dat het kan …
Zonder kramp. Ook niet in ronde 3, zoals vorig jaar.

Dat het kan …
Met – wat ik noem – snertcellen.

Dat het kan …
Met een door chemo’s beschadigd lijf.

Dat het kan …
Ondanks hormoonbehandeling.

Dat het dus kan …
Zonder testosteron.

Dat het zo kon …
In 2022, 2023, 2024 en 2025.

En dat het ook nu nóg steeds kon …
#Puinduinrun2026

Dat het kan …
Na 29-09-2020, de dag van de donderslag bij heldere hemel.

Dat ik het kon …
En voor mijn gevoel was dit niet eens de zwaarste van na én voor de verwoestende diagnose.

Dat ik blij ben …
Want – zie ik net – sneller dan vorig jaar!

Dat ik verbaasd ben …
Want niet een ietsje sneller, maar 4 hele minuten! Plus 6 tellen. En minder moe dan toen.

Én dat ik – net als vorig jaar – blij ben …
Geen bewegende beelden van ronde 3 en finish.


 

3 reacties