Vlaamse Zeep

Soms, nou ja… steeds vaker eigenlijk, zit ik achter mijn toetsenbord en denk ik: “Zèèg, Willy jongen… ge blogt hier nu al jááren aan een stuk, alsof ge per woord wordt betaald.”
Niet dat ik het moe ben — Mr willy, kankerlijer raakt niet moe van schrijven, alleen van alles wat met ziekenhuizen begint — maar ik wil eens iets anders proberen. Iets fris. Iets waarvan Mevr Willy zegt: “Awel ja, da’s wéér iets dat niemand anders doet.”

En toen dacht ik aan de televisie: Thuis, Familie, Neighbours, De Buurtpolitie.
Programma’s die aantonen dat je geen inhoud nodig hebt om een verhaallijn honderden afleveringen te rekken — ge hebt alleen een dramatische blik en iemand die “Hoe dúrf jij!” roept nodig.

Dus dacht ik zo: “Zèèg, waarom begin ik zelf geen soap?”

En voilà, ziehier de pilootaflevering:
Of, zoals ze in de tv-wereld zeggen: “We zien wel of er iemand zot genoeg is om dit te lezen.”

Aflevering 1: De vlaamse Dallas

Locatie: een residentiële jungle rond Brussel, zoiets als Rhode-Saint-Genèse.
Straten waar de huizen groter zijn dan de scholen, waar BMW’s en Porsches vanzelf uit de tuinen groeien en waar zelfs de eekhoorntjes een tennis abonnement hebben.

Hier woont Vader Van Tin:
Een kruising tussen Jan Jambon, Jean-Luc Dehaene in zijn gloriedagen en Marc Coucke in kerststemming.
Hij bezit een fabriek die tinnen borden maakt — ideaal voor ministers die graag blinken naast een vlag.
Zijn export draait ook op Congo, want sommige leiders bestellen liever een tinnen bord dan een democratie.

Heeft, uiteraard,  een auto met meer knoppen dan een F-35, een niervormig zwembad en een Rotary-pin groot genoeg om satellieten te  storen

De Moeder
Paridaens-materiaal: keurig, fris, opgeleid in Genève om Frans te spreken dat zelfs Alexa niet begrijpt.
Dochter van een Vlaamse voorman die na WOII “lastige vragen” kreeg, maar uiteindelijk in een bank belandde waar geld vanzelf leek te kweken.

De dochter — Helena
Mager, verlegen, communieborstjes.
Niet mooi, niet lelijk — “neutraal charmant”. Maar op het tennisveld — vanop afstand — lijkt ze net een belofte.
Afstand werkt bij iedereen.

De buitenlandse invasie

Op een dag verhuist er een Nederlander naast hen. De fiscale soort. Het type dat op Radio 1 zegt: “Het is hier rustiger”, waarmee hij bedoelt: “De Belgische fiscus stuurt minder dreigbrieven.”

Bij hem:

  • een Surinaamse vrouw, Shirley
  • een lange magere zoon, Henk
  • een textielfirma zonder adres
  • en een accent dat coniferen doet rillen

En dan begint het.

Verhaallijn 1: Shirley en de Planten

Scène 1
Shirley praat met planten. Letterlijk.
En sommige bladeren trillen terug alsof ze willen antwoorden.

Scène 2
Ze fluistert tegen de rododendron, vingers op de takken alsof ze polsslag neemt.

Scène 3
De volgende ochtend hangt de rododendron erbij alsof hij iets gezien heeft dat hij beter niet had gezien.
Helena krijgt maagpijn waarvan de dokter zegt: “Onverklaarbaar.” Medische taal voor: hier blijf ik af.


Verhaallijn 2: Kanker

Scène 1
Vader Van Tin gaat voor een routinecontrole.
Een bloedtest. Geen drama.

Scène 2
Hij wordt binnengeroepen — dat soort binnengeroepen dat elke Vlaming herkent.
De stilte zegt alles, de dokter minder: “Het is niet goed, meneer.”

Kanker sluipt het verhaal binnen.
Niet als slachtoffer, maar als stille antagonist die altijd nét buiten beeld staat.

Verhaallijn 3:  De Nonnen van het Heilig graf

Scène 1 — De aankomst
Een witte camionette stopt. Twee nonnen stappen uit, zonnebrillen, handschoenen, nul woorden.
Op de bus: H. Graf – Turnhout.

Scène 2 — De inspectie
Ze rapen kleine dingen op: een muntstuk, een papiertje, één blad van Shirley’s rododendron.
De kleinste non tikt even op Helena’s hand en fluistert: “Het is begonnen.”

Scène 3 — Het bord
’s Avonds krijgt Vader Van Tin een tinnen bord met achterop: “Wij volgen het spoor.”
De volgende ochtend ligt dat bord kaarsrecht op de bodem van het zwembad.

De Cliffhanger

Omdat dit de pilootaflevering is, moeten we eindigen met vragen die rechtstreeks uit de drie verhaallijnen komen:

  • Wat heeft Shirley precies tegen de rododendron gezegd — en waarom reageerde de plant?
  • Waarom voelt Helena die vreemde maagpijn net wanneer de non fluistert “Het is begonnen”?
  • Welk spoor volgen de nonnen, en waarom verzamelen ze net dat blad uit Shirley’s tuin?
  • Wie of wat heeft dat tinnen bord ’s nachts in het zwembad gelegd — en waarom zonder één rimpel?
  • En hoe past de diagnose van Vader Van Tin in dit geheel: puur toeval, of deel van wat “begonnen” is?

 

Wordt dit vervolgd?

Geen idee.
Dat hangt af van de leescijfers, de reacties, en of mijn prostaat de volgende opname nog haalt.

Dit is een pilootaflevering.
En elke piloot weet: soms stijgt hij op en soms crasht hij al aan de gate.

6 reacties

Ik heb niks met zeep…behalve dan om mijn handen te wassen en om van de wol, van onze schapen op school, vilt te maken 🙃🥰 lekker ontspannen met zeep kliederen. Op mijn nieuwe aanrecht met waterkering, waarvan menig keukenboer beweerde dat dat niet meer geproduceerd werd. 😵‍💫😲. Kleurtjes erbij, warm water en gaan met die zeep! Een zeperige  bedoening…

Maar hier moet ik weer om lachen..! Man, man ik kan je geschrijf gewoon niet bijhouden. Hilarisch! En….hoe kan het dat jij zo goed weet hoe een zeep in elkaar zit? 🙈😵‍💫🫢🤣

Liefs Fram

Laatst bewerkt: 25/11/2025 - 07:42