Wat te zeggen?

In een doodsaai artikel schrijft Marli Huijer in De Groene Amsterdammer (link) dat we meer humor nodig hebben bij het sterven. Ik ben het daar mee eens. Daarom herlees ik delen van boeken waarvan ik weet dat ik erom kan lachen. Zoals Het Boek Van Violet En Dood van Gerard Reve uit 1996. De ik-persoon gaat naar een begrafenis:

“Ik keek natuurlijk meteen rond naar een kist, maar die kist zag ik nergens, en dat achtte ik een slecht voorteken. Het kon niet veel worden met die begrafenis, dacht ik. Bij iemands leven kon vanalles gebeuren, voorzien of onvoorzien, want het lot scheen een bizarre, soms volstrekt onredelijke willekeur te kennen. Na een sterven echter kon niets meer verkeerd gaan, meende ik. De dode kon immers geen vergissing meer maken of iets vergeten en evenmin de begrippen 14 uur en 2 uur door elkaar halen, gewoon omdat hij dood was.”

Het geldt vast niet voor iedereen, maar ik vind dit komisch.

Het hoeft niet altijd galgenhumor te zijn zoals in onderstaand filmpje. Kijk bijvoorbeeld liever terug op grappige gebeurtenissen die typisch bij jou horen. Zo heb ik een aantal anekdotes en grappige (biografische) uitspraken verzameld die meestal vrolijk stemmen. Ik heb ze toegevoegd in Ben’s vriendelijke vogelboekje.

Het is denk ik een stuk lastiger als je veel pijn hebt. Ik zal nooit vergeten dat in 1977, na een vrij grote operatie, mijn drie broers mij kwamen opvrolijken. Ze waren echt heel grappig. Zo grappig dat ik verging van de pijn door het lachen. Ik heb ze toen echt weg moeten sturen, zo leuk was het. Sindsdien geloof ik dat het mogelijk is om je dood te lachen.

Bij de vele bezoeken van vrienden in deze periode lachen we gelukkig nog steeds heel wat af, maar niet zoveel dat je erin blijft. Laten we dat zo lang mogelijk blijven doen. Bij een verjaardag wensen we de ander een fijne dag toe. Maar wat moet je nu zeggen als iemand dood gaat?

Foto: 1976 vrij kort voor mijn eerste ziekenhuisopname.

5 reacties