‘Werk is ook een deel van wie ik ben’

Walter Minderhoud (51) is ex-kankerpatiënt en werkt als manager in HR.

Walter

Miste je het werk meteen?  

“Nee, maar alles wat vertrouwd voelde, viel ineens weg. Ik bleek zaadbalkanker te hebben met uitzaaiingen. Van de ene op de andere dag veranderde ik van iemand met een gezin, met collega’s, met een dagelijks ritme, in een patiënt. Alles draaide om onderzoeken, behandelingen en de vraag: hoe gaat dit aflopen? Ik ben geen workaholic, maar werk is wel een onderdeel van wie ik ben.”   

Wat deed je toen je merkte dat je het miste?  

“Ik heb gewoon gezegd: ik heb het nodig om iets te doen. Het maakt me niet uit wat, als ik maar iets kan bijdragen. Tijdens mijn eerste behandelperiode was ik volledig afgesneden van mijn werk. Er werd gezegd: focus op je herstel. Collega’s kregen het goedbedoelde verzoek om geen contact met mij op te nemen. Ik miste niet zo zeer het werk zelf, maar wel het contact met collega’s, nuttig zijn, ergens onderdeel van zijn. Ik dacht op een gegeven moment: hoe kom ik deze tijd door zonder helemaal gek te worden? Toen heb ik mijn leidinggevende gevraagd of er misschien klusjes waren die ik kon oppakken: dingen zonder tijdsdruk.” 

Wat is volgens jou de meerwaarde van wél verbonden blijven met je werk?  

“Mijn laptop ging mee naar het ziekenhuis. Ik weet nog goed dat ik inlogde, mijn mailbox zag en dacht: ja, daar ben ik weer. Dat éne moment deed ontzettend veel. Het ging niet om doorgaan alsof er niets gebeurd was en ook niet om productief zijn of prestaties leveren. Het ging erom dat ik weer onderdeel was van iets. Ik zie mezelf nog zitten met een infuuspaal naast me, chemo in mijn arm én achter mijn laptop. Als ik energie had, werkte ik een uurtje. Soms deed ik dagen helemaal niets. Het ging er niet om hoeveel ik deed. Het ging erom dát ik iets deed. Dat ik weer praatte met collega’s. Een mailtje stuurde. Inhoudelijk meedacht. Dan ben je niet alleen degene die ziek thuiszit, maar ook weer even Walter die ergens over meedenkt. Opeens was ik weer iemand die iets toevoegt in plaats van iemand voor wie gezorgd moest worden.”  

Wat wil je meegeven? 

“Iedereen is anders en het gaat ook bij iedereen weer anders. Er zijn ook mensen die tijdens hun behandeling helemaal niet bezig willen zijn met werk. En dat is ook goed. Wat mij hielp, hoeft een ander niet te helpen. Zoek uit wat jij nodig hebt, wat jou kan helpen en durf erom te vragen. Dat geldt zeker ook voor de periode ná alle behandelingen. Dat is weer een heel ander proces.” 

Hoe verliep jouw terugkeer naar de werkvloer?  

“Mijn lichaam had een flinke klap gehad. En mentaal stond ik lang in de overlevingsstand. De stress heeft ook veel impact. De buitenwereld verwacht misschien dat je weer de oude bent als je schoon bent verklaard. In mijn directe omgeving zeiden mensen: rustig aan. Maar ik wilde zo gauw mogelijk terug naar normaal en zo werkt het niet. Ik heb veel geleerd over balans, over luisteren naar mezelf, naar mijn lichaam en over accepteren dat herstel tijd kost. Ik was op papier weer 100% aan het werk, maar ik heb op een gegeven moment weer een stap teruggedaan. Ik ging aan de slag met een coach – dit kan ik iedereen aanraden. Het heeft anderhalf jaar geduurd voordat ik voelde: nu ben ik er écht weer.”  

Wat heb je gemist?  

“Ik had in het ziekenhuis al de vraag willen krijgen: hoe zit het met je werk en wat wil je daarmee? Dat de focus op behandeling ligt, snap ik. Maar werk is voor veel mensen een belangrijk onderdeel van hun leven: inkomen, wie je bent, je sociale contacten. Dat in één keer verliezen is, naast het ziek-zijn, óók zwaar. Ik ging inzien hoe belangrijk de rol van werkgevers en leidinggevenden hierin is. Kijk samen naar wat mogelijk is. Blijf zelf zo goed mogelijk achter het stuur. Tijdens de behandeling maar ook daarna. Ik ben van nature mondig, maar ook ik aarzelde regelmatig, bijvoorbeeld toen het ging om praten met lotgenoten. Ik heb het toch gedaan. Achteraf zie ik hoe nuttig dat is geweest.”  

Waar heb je het meeste aan gehad? 

“Het is een menselijke neiging om voor de ander dingen in te vullen. Maar toen ik vroeg om werk, was het niet: nee, joh, doe rustig aan, wat je dan vaak te horen krijgt. Mijn leidinggevende zei: ‘Ik ga kijken wat je kunt doen.’ Daar ben ik nog steeds dankbaar voor. Uiteindelijk denk ik dat het ‘m vaak juist in de kleine dingen zat. Echt luisteren. En spontane gesprekjes tussendoor met mensen die aan me vroegen: hoe gaat het met je? Die even ruimte voor me maakten. Dat bleek vaak genoeg om weer verder te kunnen.”

Walter

Informatie voor werkenden

Kanker heeft invloed op je hele leven. Dus ook op je werk. Ben jij een werkende of een zelfstandige? En kun je door kanker (tijdelijk) minder werken of moet je stoppen met werken? Dan zijn deze informatie en hulp en ondersteuning voor jou.

Bekijk het overzicht

Werk en kanker gespreksgroepen

Praten over werk en kanker

In onze gespreksgroep 'Werk en kanker' kun je al je vragen kwijt over alles wat met werk en kanker te maken heeft. Ook kun je je ervaringen bespreken met anderen. Bijvoorbeeld over of jij (deels) bleef werken tijdens je behandeling. Of hoe je re-integreerde.

Praat of lees mee