Afscheid van een keuze die nooit de mijne was
Sommige keuzes maak je zelf.
En sommige keuzes worden voor je gemaakt.
Niet omdat je dat wilt, maar omdat de ziekte je geen andere mogelijkheid meer laat.
Dat is misschien wel het meest ingrijpende aan deze operatie.
Niet het verwijderen van mijn eierstokken en eileiders op zich, maar het afscheid moeten nemen van iets waar ik zelf nooit voor had gekozen om afscheid van te nemen.
Soms brengt één afspraak een hele stroom aan gedachten, emoties en beslissingen met zich mee. Dat was precies wat er gebeurde tijdens mijn afspraak met de oncoloog.
We bespraken mijn behandeling en hoe mijn lichaam reageerde op de hormoontherapie. Al geruime tijd kreeg ik injecties om mijn eierstokken stil te leggen. Deze deden hun werk, maar desondanks kwam er een andere optie ter sprake: het operatief verwijderen van beide eierstokken en eileiders.
Hoewel ik wist dat deze mogelijkheid bestond, voelde het moment waarop het concreet over mij ging plotseling heel dichtbij. Opnieuw een operatie. Opnieuw een beslissing. Opnieuw een hoofdstuk dat je liever niet hoeft te schrijven.
Niet veel later had ik een afspraak bij de gynaecoloog. Er werd een inwendige echo gemaakt. Mijn eierstokken waren, zoals verwacht door de kunstmatig opgewekte overgang, kleiner geworden. Er waren geen verklevingen of andere bijzonderheden zichtbaar. Dat gaf een geruststellend gevoel.
De gynaecoloog nam uitgebreid de tijd om toe te lichten hoe de operatie zou verlopen. Via een kijkoperatie zouden beide eierstokken worden verwijderd. De ingreep zou ongeveer een half uur duren en, indien alles voorspoedig zou verlopen, mocht ik dezelfde dag weer naar huis.
Na deze afspraak werd de operatie ingepland. Er was sprake van een wachtlijst, waardoor ik ervan uitging dat het nog enige tijd zou duren. In mijn beleving had ik mezelf voorbereid op weken, mogelijk zelfs maanden wachten.
Maar het liep anders.
Slechts drie dagen later werd ik gebeld door het ziekenhuis.
Er was een operatiedatum vrijgekomen. Al over precies één week.
Vanwege de vakantieperiode was deze datum voor veel mensen minder geschikt, waardoor er onverwacht een plek beschikbaar was gekomen.
Ik weet nog goed hoe ik de telefoon neerlegde. Het voelde als een schok. Alles kwam ineens zeer dichtbij. Ik was mentaal nog niet voorbereid op het feit dat het zo snel zou gebeuren.
Tegelijkertijd voelde ik ook opluchting. Liever nu dan nog weken of maanden in spanning leven. Het uitstellen zou de operatie niet veranderen, alleen de onzekerheid verlengen. Daarom heb ik direct akkoord gegeven.
Vanaf dat moment begon het aftellen.
Toch merkte ik al snel dat het niet zozeer de operatie zelf was die de meeste ruimte in mijn gedachten innam.
Het was vooral de betekenis erachter.
Ondanks dat ik twee prachtige zoons heb en mij geen groter geschenk had kunnen wensen, voelt dit als een definitief afscheid. Een afscheid van de mogelijkheid om ooit nog een kind te krijgen. Niet omdat die wens nu nog aanwezig is, maar omdat die keuze voorgoed wordt weggenomen.
Dat besef komt soms onverwacht en hard binnen.
Steeds vaker merkte ik dat mijn gedachten niet alleen over de operatie zelf gingen, maar vooral over wat deze ingreep voor mij betekent.
Een operatie aan de eierstokken is niet alleen een lichamelijke ingreep. Het raakt ook aan mijn identiteit, aan mijn vrouw-zijn en aan een deel van mezelf waarvan ik nooit had gedacht dat ik er op mijn 35e afscheid van zou moeten nemen.
Natuurlijk weet ik dat mijn vrouwelijkheid niet wordt bepaald door mijn eierstokken. Ik blijf dezelfde persoon. Dezelfde moeder. Dezelfde vrouw.
Maar gevoelens laten zich niet altijd sturen door logica.
Mentaal voelt het soms alsof ik een deel van mijn identiteit moet loslaten. Niet omdat ik minder vrouw ben, maar omdat mijn lichaam opnieuw verandert door de keuzes die noodzakelijk zijn in mijn behandeling.
Wat deze beslissing misschien nog het meest complex maakt, is dat het in wezen niet als een vrije keuze voelt.
Zonder de diagnose kanker had ik hier nooit voor gekozen.
Dan had ik mijn eierstokken niet laten verwijderen.
Het is een keuze die door de ziekte wordt afgedwongen. Een keuze waarvan ik weet dat deze medisch gezien juist is, maar niet de keuze die ik voor mijn leven had gemaakt.
En juist dat maakt het zo zwaar.
Ik denk dat het moeilijkste pas na de operatie zal komen.
Niet het fysieke herstel.
Maar het mentale proces.
Het besef dat het definitief is.
Dat mijn eierstokken en eileiders er niet meer zijn.
Dat er geen weg terug is.
Ik verwacht dat ik dit stap voor stap een plek zal moeten geven. Mogelijk voelt het als een vorm van rouw. Niet omdat ik spijt heb van de ingreep, maar omdat ik afscheid neem van een deel van mezelf dat ik nooit vrijwillig had willen verliezen.
Rouw gaat niet alleen over het verlies van een dierbare.
Soms gaat rouw ook over een toekomst die anders had kunnen zijn. Over keuzes die je niet zelf hebt kunnen maken. Over een lichaam dat door ziekte voortdurend verandert.
Dat doet pijn.
En die pijn mag er zijn.
Tegelijkertijd voel ik ook een diepe dankbaarheid.
Ik heb het voorrecht om moeder te zijn van twee prachtige jongens.
Zij zijn mijn grootste trots, mijn grootste liefde en elke dag opnieuw mijn belangrijkste motivatie om door te blijven vechten.
Dat neemt het verdriet niet weg, maar het geeft het wel een andere betekenis.
Soms kunnen twee gevoelens naast elkaar bestaan.
Verdriet om wat je definitief achterlaat.
En dankbaarheid voor alles wat je al hebt mogen ontvangen.
Misschien is dat wel een van de belangrijkste inzichten die deze ziekte mij geeft.
Dat verdriet en dankbaarheid elkaar niet uitsluiten.
En toen was het zover
Vandaag was het vrijdag.
De dag van de operatie.
Vanmorgen ging mijn wekker al om 04.30 uur. Niet omdat ik zo vroeg wilde opstaan, maar omdat ik nog iets mocht eten voordat ik nuchter moest zijn. Twee beschuitjes met jam. Een eenvoudig ontbijt, maar vandaag voelde niets eenvoudig.
Daarna begon het wachten opnieuw.
Mijn opnametijd was pas om 11.45 uur. Er zaten uren tussen het opstaan en het moment dat ik mij moest melden in het ziekenhuis. Juist dat wachten zorgde ervoor dat de spanning steeds verder opliep.
Toen ik uiteindelijk werd opgehaald voor de operatie, voelde ik de spanning echt.
Ik werd naar de voorbereidingskamer van de OK gebracht en daar werd ik klaargemaakt voor de operatie. Terwijl ze bezig waren met de voorbereidingen en het aanbrengen van het infuus, kreeg ik ineens een vraag die mij diep raakte.
De anesthesioloog vroeg:
"Oh, ben je er helemaal klaar mee? Wil je geen kinderen meer?"
Ik weet dat deze vraag waarschijnlijk niet verkeerd bedoeld was. Maar op dat moment kwam hij ontzettend hard binnen.
Want nee.
Het was niet mijn keuze.
Als ik geen kanker had gehad, had ik hier nooit voor gekozen.
Ik heb toen uitgelegd dat het niet mijn eigen keuze was, maar een keuze die door de kanker voor mij was gemaakt. Dat ik dit niet laat doen omdat ik "klaar ben" met kinderen krijgen, maar omdat dit onderdeel is van mijn behandeling.
Op dat moment brak er iets.
Ik moest echt huilen.
Blijkbaar was juist die vraag het moment waarop alles wat ik al die tijd had gevoeld, er in één keer uitkwam. Het afscheid. De machteloosheid. Het besef dat mijn lichaam opnieuw een keuze moest ondergaan die ik zelf nooit had gemaakt.
De anesthesioloog begreep het en verontschuldigde zich.
En eigenlijk was dat precies het moment waarop ik mijn breekpunt had.
Ik liet mijn tranen even komen.
En daarna herpakte ik mezelf.
Ik bleef in mijn hoofd herhalen:
Het is voor een goed doel.
Dat was de gedachte waar ik mij aan vasthield.
Toen alles was aangesloten, werd ik naar de operatiekamer gebracht. Daarna ging het eigenlijk allemaal ontzettend snel.
Voor mijn gevoel was ik net binnen en vervolgens was ik alweer wakker.
Iets langer dan een uur later lag ik alweer op de uitslaapkamer.
Ik kreeg meteen een lekker waterijsje om te eten. Dat was op dat moment eigenlijk wel fijn, totdat ik merkte dat de pijn in mijn buik aan één kant behoorlijk scherp was.
Daarom kreeg ik extra morfine toegediend.
En daar begon eigenlijk een heel ander probleem.
De morfine in combinatie met de narcose zorgde ervoor dat ik ontzettend misselijk werd.
Niet een beetje misselijk.
Echt extreem misselijk.
Ik was ontzettend slaperig door de narcose en iedere keer als ik mijn ogen dichtdeed, werd de misselijkheid zo heftig dat mijn ogen vanzelf weer opengingen. Slapen lukte daardoor bijna niet.
Op een gegeven moment werd de misselijkheid zo erg dat ik ook daadwerkelijk moest overgeven.
Ondanks de misselijkheid mocht ik uiteindelijk wel naar huis. Het was inmiddels al avond en daardoor werd het ook echt laat voordat ik thuis was.
Eenmaal thuis bleef de misselijkheid helaas aanhouden en heb ik nog een paar keer moeten overgeven. Eten lukte uiteindelijk helemaal niet
.
Op een gegeven moment besloot ik om het maar rustig aan te doen. Ik ben gaan liggen en heb geprobeerd om wat te slapen.
Gelukkig was de pijn in mijn buik op dat moment goed onder controle. Mijn buik en de wondjes zijn gevoelig, maar echt pijn kan ik het gelukkig niet noemen.
En dat geeft mij ergens ook vertrouwen dat mijn herstel waarschijnlijk best goed zal gaan.
Nu, terwijl ik dit schrijf, voelt het ergens heel dubbel.
Aan de ene kant ben ik ontzettend blij dat de operatie achter de rug is.
Weer een stap gezet.
Weer iets waar ik doorheen ben gekomen.
Maar aan de andere kant besef ik het volgens mij nog niet helemaal.
Dat mijn eierstokken en eileiders er echt niet meer zijn.
Dat het definitief is.
Dat het hoofdstuk waar ik vooraf zoveel over heb nagedacht nu daadwerkelijk is afgesloten.
Misschien komt dat besef de komende dagen of weken pas echt.
En misschien begint daar dan ook het moeilijkste gedeelte: het een plekje geven.
Het mentale herstel.
Het afscheid nemen van een stukje van mezelf waarvan ik nooit vrijwillig afscheid had willen nemen.
Voor nu ben ik vooral dankbaar dat de operatie goed is verlopen en dat ik weer thuis ben.
Wat ik wél weet, is dat dit opnieuw een stap is in mijn behandeling. Geen stap die ik graag had gezet, maar wel een stap die mij helpt om verder te kunnen. Iedere stap brengt mij dichter bij het doel waar ik al die tijd voor vecht: zo lang mogelijk gezond blijven voor mijn kinderen en blijven genieten van de mooie momenten die het leven óók nog steeds te bieden heeft.
En misschien is dat voor vandaag genoeg.
Stap voor stap.
Dag voor dag.
En ook hier komen we weer doorheen.