Daytrip

Zo! Mijn activiteit van de dag zit er met mijn ochtendprogramma op. Twee uurtjes, intensieve uurtjes. Online. Met een psycholoog. En dat bleek nog maar het zeer prille begin van een avontuur dat fascinerender is dan ik kon inschatten. Ik ga af op één van de onzekerste, uitdagendste en uniekste ervaringen uit mijn leven.

Wat dan? Ik ga trippen. Ik ga het geestverruimende pad op. En wie mij een beetje kent, denkt nu wellicht van alles. Want Erik aan de geestverruimende middelen? Die gozer rookt niet, sport veel en drinkt nauwelijks en dan aan de hallucinerende spullen? Erik op een doelbewuste trip? Is het ‘m op zijn bijna pensioengerechtigde leeftijd in de bol geslagen? Heeft-ie ineens problemen die zo ernstig zijn dat ze alleen met paddo-achtige middelen oplosbaar zijn? Terechte vragen! En wie weet wat er straks, in de eerste helft van augustus, uit de paddohoed komt. Ik ben er na de afgelopen twee uur in elk geval razend benieuwd naar en enthousiast over.

Polyneuropathie
Waar heb ik het over? Ik had daarnet een screening en erna een intake. Met een psycholoog van de Vrije Universiteit. Dat was in het kader van een onderzoek naar het verlichten van klachten bij mensen met polyneuropathie door chemotherapie. Ik heb zulke klachten. Altijd pijn in mijn voeten. En een soort gevoelige ongevoeligheid. Bij vermoeidheid wordt dat iets erger. Dan doen ook mijn vingers/hand, lippen en littekens in mijn boven- en onderkaak mee. Normale pijnstillers helpen niet bij neuropathie. En dus is er onderzoek naar middelen die wél de pijn kunnen verminderen én naar middelen die de ervaring van de pijn kunnen verminderen.      

Dat laatste bleek bij de screening en wat mij betreft is dat een bonus en maakt het het aanstaande avontuur fascinerend. Uit de info bij de oproep om mee te werken aan het onderzoek had ik begrepen dat het ging om een proef met een stof die ook in paddo’s zit. En die stof zou neuropathische pijn kunnen verminderen. Punt.

Overzichtelijk
Nou, daar had ik wel oren naar met mijn gevoelig-ongevoelige voetjes. Het zou werken of niet werken en het was een onderzoek met wat gesprekken en één klinische dag waarop je het middel krijgt. Lekker overzichtelijk. Eerder deed ik mee aan een maanden durend onderzoek met een antidepressivum dat zou kunnen werken tegen neuropathische pijn. Dat was niet zo’n succes. Je moest in een week of twee een spiegel van het middel opbouwen en dan zou het al of niet moeten werken. Dat werd in de weken erna dan onderzocht. Maar helaas, aan de fase 'werkt wel/niet' kwam ik niet toe; na anderhalve week beroerd zijn en somber worden, besloten de onderzoeker en ik ermee te stoppen.

Goed, nu dus een ééndagsexperiment met meteen uitslag of het wel of niet de pijn wegneemt. Dacht ik. Maar dat is minder dan de helft van de insteek van de onderzoekers bleek vanmorgen. Er zijn twee ‘velden’ van onderzoek. Je krijgt een geestverruimend pilletje en dat – ik zeg het in mijn woorden en hoe ik het heb begrepen - brengt je in een andere staat van bewustzijn en die andere staat kan je helpen je pijn ook anders te beleven. Wel pijn, andere beleving ervan/omgang  ermee. Om die werking gaat het de onderzoekers vooral. En daarnaast kan het middel ook direct de pijn verminderen.

Screening
Het is een proef met een serieuze trip. Heel intens, zeker als je niet de lage placebo-dosering krijgt. Vandaar die screening. Er kan nogal wat met je gebeuren op de pilletjes-dag. Eerst ging het over mijn eventuele ervaring met geestverruimende middelen. Nou, die heb ik absoluut niet. Was geen punt, want gelukkig telde een runners-high ook mee. En ik denk dat de euforie bij het scoren van de gelijkmaker in de slotseconde dan ook meetelt. In elk geval had ik nu een idee wat me zou kunnen overvallen.

En ik moest mijn leven schetsen. Familie, werk, omstandigheden, levensloop, mijn huidige toestand en ‘zijn’, mogelijke trauma’s/PTSS-achtige toestanden. Dat werk. Ook ging het over eventuele zelfmoordgedachten en -neigingen gedurende mijn leven. Opdat ze weten of ik zo’n trip zou aankunnen en wat er eventueel tijdens mijn trip tevoorschijn zou kunnen komen. En wellicht ook opdat ik me realiseerde dat er met een krachtig, serieus middeltje werd gewerkt. Die al dan niet bedoelde boodschap kwam aan.

Intake
Nou, de screening doorstond ik en dóór ging het. Intake. Daarbij werd onder meer de onderzoeksdag geschetst; ik begon het steeds leuker te vinden. Ja, óók toen bleek dat we op de hallucinatie-dag al om 8.15 uur bij de hoofdingang van het VU-ziekenhuis moeten staan. En – klonk het streng – minimaal 2,5 uur tevoren de laatste maaltijd. Zónder melkproducten. Vroeg op dus, voor mijn doen raar ontbijten en zeer bijtijds de snelweg op. “Dan haal ik je op en breng je naar de behandelkamer. Dat is een normale ziekenhuiskamer, maar die hebben we wel een beetje gezellig gemaakt, want je moet er de hele dag zitten”, aldus de psycholoog die me die dag in de gaten zal houden en eventueel helpt. Vervolgens ging ze punt voor punt de dag door. Pilletje* van de psychiater, na 10 tot 40 minuten de eerste effecten. Dat bleek een keur aan mogelijke effecten te zijn. Fysiek: zwaar gevoel in mijn lijf. Of juist licht. Tintelingen. Aandacht die vanzelf naar bepaalde plekken van mijn lichaam gaat. Zintuigen die op scherp komen te staan. Prikkels die intenser worden ervaren. Eventueel misselijkheid; vandaar dat vroege eten en het moeten mijden van dierlijk spul.  

Dat was het fysieke deel. Vervolgens kreeg de ruwe schets uit de screening over de geestverruiming meer kleur, want psychologisch/emotioneel kan er nogal wat loskomen. Ik zal er een paar noemen. Gedachten die ineens anders gaan. Sneller. Of trager. Denken aan heel andere dingen dan normaal. Een andere sensatie van gedachten; wat normaal is kan heel fascinerend aandoen. Beelden en visioenen als je je ogen dicht hebt; patronen, kleuren, situaties, bepaalde mensen. Emoties die opkomen; verbazing, boosheid, verdriet, blijdschap.

Fascinerend.

Op voorhand kreeg ik al een advies: “Wat er ook gebeurt: laat maar komen. Dat werkt het beste. Onze ervaring is dat weerstand bieden het minder prettig maakt.”

Fases
Er zijn – bleek vervolgens – drie fases na het innemen van het pilletje: opstijgfase, plateaufase en landingsfase. Leukste detail daarbij vond ik: de landing gaat niet glad, maar in golfjes. Ik kreeg een beeld van deinend aanspoelen op het strand. “Na 4 tot 6 uur ben je er dan wel weer”, schetste de psycholoog. Ze vulde in dat kader nog wat aan wat betreft de psychische kant: “Als je er heel diep inzit, verlies je gevoel van tijd, ruimte etcetera. Maar je komt eruit. Ze zei het laatste me enige nadruk.

Het vervolg was leuk. Want je bent er dan wel uit, maar, zei ze, "na de landing kun je allerlei gevoelens hebben. Blij, kwetsbaar, het gevoel van ‘laat me maar even’, … van alles. En als je het niet kunt omschrijven, er geen woorden voor hebt, of nog niet: dat geeft niet, laat maar. Dat komt de dag erna, bij de integratiesessie. Dan gaan we de gevoelens plaatsen zodat je er in je leven wat aan hebt.”

Nieuwsgierigheid
Ze schatte in dat ik voordeel heb van mijn nieuwsgierigheid. “Nieuwsgierigheid is handig als het raar of ongrijpbaar wordt. Het helpt als je nieuwgierig kunt kijken naar wat er opkomt. Als je je afvraagt: waarom dit? Of: kan of moet ik er wat mee? Je gaat met een soort helicopterview naar jezelf kijken, los van je vaste denken en – als je dat zo kunt zeggen – je ego.”

Al met al was het vanmorgen een lang verhaal/gesprek. “Op de onderzoeksdag gaan we niet zo in gesprek”, verzekerde de psycholoog me. “Doel is jou de kans te geven bij jezelf naar binnen te gaan.” En zij? Zij is erbij als verzorger en dat is dan vooral verzorging in de vorm van spullen, dingen. Een dekentje, drinken, misschien wat eten. En eventueel mentale steun. “We zullen je – als je erin zit  – niet snel benaderen; dat zou jou verstoren. Je moet straks zelf aangeven als je praktische of mentale hulp nodig hebt.”

Oogmasker en koptelefoon
Ze vervolgde met een paar praktische dingen. Ik krijg een oogmasker en een koptelefoon met een playlist gericht op de fases van de trip. En ook dan: “Als je voelt dat de muziek niet aansluit bij wat je voelt: zelf zeggen." En mocht het me onverhoopt bijna te veel worden, ook dan is het zaak te proberen het zelf het hoofd te bieden. "Je concentreren op je ademhaling, buikademhaling, om rustiger te worden, dat ken je waarschijnlijk wel al." Is de nood dan nog (te) hoog, dan mag ik het oogmasker en de koptelefoon afzetten en eventueel de psycholoog hulp vragen.

Zo lang mogelijk ‘binnen’ blijven is dus het devies.  “Het is ook niet de bedoeling om te kletsen”, klonk het. Dat had ik al aardig begrepen. En evenmin mogen lees- of puzzelboeken worden ingezet om de uren door te komen. Zo min mogelijk externe prikkels. Lachend zei ze: “Als je de hoge dosering krijgt, zul je daaraan ook absoluut geen behoefte hebben”. Schrijfspullen mogen trouwens wel, dus er is een kans dat ik mijn belevenis/gevoel live aan het papier toevertrouw.

Elke keer anders 
De psycholoog zei in dat hele verhaal iets verrassends, wat ik los heb opgeschreven. “Je krijgt een psychedelische ervaring die uniek is.” Nou wist ze uit de screening al dat ik sowieso een unieke ervaring ga opdoen, want het is mijn eerste geestverruimende reis, maar het gaat nog verder. Een andere keer met dezelfde variabelen (mijzelf en dat pilletje) zal het hoe dan ook anders zijn, verzekerde ze me. "Elke trip is anders."     

Vervolgens gingen we op naar het slot. Dat was eerst praktisch. “Parkeren kan onder het ziekenhuis. Vanwege je neuropathie kan het fijn zijn sloffen mee te nemen. En je schrijfspullen mogen dus mee.”

Het bijna-slot was licht verrassend. “Neem ook iets mee waar je steun aan hebt. Een knuffel, een beeldje”. Knuffel? Beeldje? Iets dierbaars? Huiswerk.

Het slot zeer verrassend. “Bedenk een vraag die je op die dag tijdens de trip wilt onderzoeken”. Zij onderzoeksresultaten. Ik ook wijzer. Heel attent.

* Psilocybine