Zorgen voor iemand met kanker

Voeding

Opslaan

U kunt als partner, familielid of vriend er samen met de patiënt op letten dat hij voldoende eet en drinkt. Bij problemen kunt u samen bij zijn arts, verpleegkundige of diëtist aan de bel trekken.

Spanningen rondom het eten

Als naaste zorgt u misschien voor het eten van de zieke en probeert u met goede voeding een bijdrage te leveren aan mogelijk herstel van gezondheid. Bijvoorbeeld door gezonde maaltijden of drankjes klaar te maken. Als goed eten dan niet lukt, kan dat voor onzekerheid, spanning, irritatie en angst zorgen.

Probeer spanningen rondom het eten te voorkomen. Aandringen om goed te eten kan averechts werken. Als u extra uw best heeft gedaan, is het misschien moeilijk te accepteren dat de patiënt weinig of niets kan eten. Dat is voor iedereen een teleurstelling, maar het valt niemand te verwijten. De problemen met eten worden immers door de ziekte en/of de behandelingen veroorzaakt.

Problemen met eten en drinken

Eten en drinken kan tijdens en na de behandeling moeilijk zijn. De volgende problemen komen voor:

  • diarree
  • droge mond
  • verstopping
  • pijnlijke mond, keel of slokdarm
  • ongewenste gewichtstoename
  • ongewenste gewichtsafname
  • misselijkheid en braken
  • smaak- en reukveranderingen

Niet iedereen krijgt dezelfde klachten. De voedingsproblemen verschillen per persoon. Op voedingenkankerinfo.nl vindt u voedingstips bij problemen met eten en drinken.

Stel uw vraag over voeding op kanker.nl

Via kanker.nl kunt u een vraag stellen over voeding aan Jeanne Vogel, oncologiediëtist. U moet dan wel geregistreerd zijn als deelnemer van kanker.nl. Bent u nog geen deelnemer, dan kunt u zich hier aanmelden.

Advies van een diëtist

Heeft u als naaste vragen over voeding, stel die dan aan de huisarts, specialist of verpleegkundige. Zij kunnen u in contact brengen met een diëtist. Die kan de patiënt een persoonlijk voedingsadvies geven. Dit advies helpt u bij het bereiden van de maaltijden.

Voeding in de laatste fase

Naasten kunnen ten onrechte denken dat het binnenkrijgen van voeding en vocht de patiënt kan behoeden voor de dood. Naasten willen graag het gevoel hebben alles te hebben gedaan. Het zorgen voor hapjes en drankjes komt aan dat gevoel tegemoet. Soms is het goed om te beseffen dat de patiënt niet dood gaat omdat hij niet meer eet of drinkt, maar dat hij niet meer eet of drinkt omdat de ziekte de overhand krijgt.

Over deze pagina

De informatie in de bibliotheek is getoetst door medisch specialisten en andere deskundigen.

Laatste update: juli 2016

Dit artikel is geschreven door kanker.nl.

Met medewerking van

Dr. Brouwer-Dudok de Wit, A.C. (klinisch psycholoog), Drs. Vermeer, J. (psycholoog)