Chemoradiatie bij baarmoederhalskanker
Deze informatie is gecontroleerd door deskundigen.
Naar colofonBij chemoradiatie krijg je chemotherapie en bestraling in dezelfde periode. Het kan een behandeling zijn na de operatie, of in plaats van een operatie. Chemoradiatie heet ook wel chemoradiotherapie.
Lees op deze pagina over:
- Wat is chemoradiatie?
- Chemoradiatie in plaats van een operatie bij baarmoederhalskanker
- Chemoradiatie na de operatie bij baarmoederhalskanker
En over:
Wat is chemoradiatie?
Bij chemoradiatie krijg je twee behandelingen tegelijk: chemotherapie en bestraling. De chemotherapie versterkt het effect van de bestraling.
Chemoradiatie kan alleen als je een goede conditie hebt. Geeft chemotherapie te veel bijwerkingen, dan kan bestraling met hyperthermie een mogelijkheid zijn.
Chemoradiatie in plaats van een operatie bij baarmoederhalskanker
Bij ver uitgebreide baarmoederhalskanker kan chemoradiatie een behandeling zijn in plaats van een operatie. Je krijgt deze behandeling samen met immunotherapie. Het doel van de behandeling is genezing.
Blijken er na de chemoradiatie nog kankercellen te zijn, dan is nog een aanvullende operatie nodig om te kunnen genezen. Je arts bespreekt met je wat de operatie inhoudt.
Chemoradiatie na de operatie bij baarmoederhalskanker
Chemoradiatie kan ook een aanvullende behandeling zijn na een operatie. Doel is om de kans kleiner te maken dat de kanker terugkomt. Je arts zal aanvullende chemoradiatie voorstellen als er na de operatie nog kankercellen zitten in de randjes weefsel. Of als je uitzaaiingen hebt in je lymfeklieren. Of als de tumor in de bindweefselbanden rondom het bekken en de vagina is gegroeid.
Hoe gaat chemoradiatie?
De behandeling begint met een periode van uitwendige bestraling. Meestal duurt dit 6 weken.
Wat wordt bestraald:
- je baarmoeder
- je eileiders
- je eierstokken
- het bovenste deel van je vagina
- de lymfeklieren in je bekken
In de periode dat je dagelijks uitwendig bestraald wordt, krijg je meestal 1 x per week een chemokuur. Dat betekent dat je 6 chemokuren krijgt. Je krijgt de chemotherapie via een infuus. Hiervoor moet je een tot twee dagen in het ziekenhuis blijven.
Inwendige bestraling na chemoradiatie
Krijg je chemoradiatie in plaats van een operatie? Dan krijg je behalve de uitwendige bestralingen en de chemotherapie ook nog enkele inwendige bestralingen (brachytherapie). Hierbij word je van binnen bestraald.
Bijwerkingen van chemoradiatie bij baarmoederhalskanker
Bij chemoradiatie krijg je 2 behandelingen tegelijk. Naast de bijwerkingen van bestraling kun je bijwerkingen van chemotherapie krijgen.
Bijwerkingen die veel voorkomen na chemoradiatie zijn:
- Irritatie van de huid rond de vagina. Dit kun je vergelijken met een reactie van je huid op verbranding door de zon.
- Pijn in je vagina.
- Meer kans op infecties en bloedingen.
- Vermoeidheid.
- Darmklachten.
- Misselijkheid en overgeven.
- Vaker plassen door irritatie van je blaas.
- Nierproblemen.
- Problemen met horen. Dit ontstaat door zenuwschade. Het is een vorm van neuropathie.
- Neuropathie: beschadigingen aan de zenuwen die naar de armen en benen, handen en voeten lopen. Je kunt bijvoorbeeld last krijgen van prikkelingen of tintelingen, een doof of veranderd gevoel of pijn in handen of voeten.
- Koorts.
Bespreek met je arts wie jou kan helpen bij dit soort klachten. Vaak is er iets aan te doen.
Bijwerkingen op lange termijn van chemoradiatie
Chemoradiatie kan ook bijwerkingen geven op lange termijn:
Eerder in de overgang komen
Ben je nog niet in de overgang, dan kun je door chemoradiatie vervroegd in de overgang komen. Je bent dan niet meer vruchtbaar.
Lees meer over onvruchtbaarheid bij baarmoederhalskanker.
Seksuele veranderingen
Door chemoradiatie kan de ingang van je vagina nauwer en stugger worden. Ook het gebied rond je vagina kan minder gevoelig worden.
Lees meer over seksuele veranderingen bij baarmoederhalskanker.
Plasklachten
Je kunt na de behandeling moeite hebben met je plas ophouden. Of met uitplassen.
Lees verder over plasklachten bij baarmoederhalskanker.
Darmklachten
Je kunt moeite hebben met je ontlasting ophouden. Of juist extra aandrang hebben.
Lees verder over darmklachten bij baarmoederhalskanker.
Lymfoedeem
Je kunt last krijgen van vochtophoping in je benen (lymfoedeem). Je benen voelen dan meestal zwaar, vermoeid, strak of pijnlijk aan.
Lees meer over lymfoedeem bij baarmoederhalskanker.
Wat kun je doen?
Deze bijwerkingen kunnen veel invloed op je leven hebben. Vraag je arts wat eraan te doen is en hoe je hiermee om kunt leren gaan. Je kunt ook kijken in de gids Hulp bij kanker.
Het kan ook helpen om met vrouwen te praten die hetzelfde hebben meegemaakt. Lotgenoten vind je in de online gespreksgroep gynaecologische kanker, via patiëntenorganisatie Olijf of via de Lotgenotenzoeker op kanker.nl.