Het is een gevecht....

Weer wakker liggen door pijn! Pijn die voelbaar is in mijn  maag en die nu ook uitstraalt naar mijn rug tussen mijn schouderbladen. Ik snap er niets van, waar deze maagpijn vandaan komt..... Mijn maag is al lange tijd van streek. De buik voelt opgeblazen, gevoelig, stijf en pijnlijk. In het ziekenhuis heeft de dokter mij geadviseerd om een maagonderzoek te laten doen als de pijn aanhoudt. Nou, bij deze!

Het is een week geleden dat ik mijn 2e kuur heb gehad. Op zich ging het allemaal prima. Deze keer moest ik heel vroeg in het ziekenhuis zijn: om 7.10 uur! Maar toen de chemo daadwerkelijk begon te lopen, was het 12.00 uur. Ik hoefde deze keer gelukkig geen bloedtransfusie. De HB was 6.4 en daarmee kon ik het prima doen. 

Ik deelde de kamer met een meneer. Hij was pas geopereerd en eigenlijk zag het er niet best uit voor hem. Heel sneu. Meneer had veel behoefte aan vertellen dus luisterde ik aandachtig en probeerde af en toe ook wat te zeggen (als het lukte). Als ik rust wilde, zette ik mijn koptelefoon op en luisterde naar mijn muziek. 

Als je daar alleen voor de chemo bent, valt het mee. Want verder kan je gewoon lopen en gaan waar je wilt. Dat deed ik ook, want soms is het ook fijn om van je kamer af te zijn. Ik ging naar de "pantry" (restaurant voor patiënten) om wat te eten en drinken te halen. Ik was er zo vroeg dus ik had nog niets kunnen eten of drinken. Ik had mij omgekleed en ging in mijn pyjama ernaartoe. Het was best grappig, want ik vroeg iets aan de kok en hij zei: "ja, maar dat is alleen voor patiënten". Ik zei: "maar ik bén een patiënt!" En ik liet mijn polsbandje zien. De kok zei: "o, sorry, sorry, ik wist niet dat u een patiënt was. U ziet er zó goed uit!" Nou, ik heb hem hartelijk bedankt voor het compliment en liep met mijn spullen naar de kamer. Geinig, de meneer heeft ook helemaal niet gezien dat ik een pyjama aan had. Blijkbaar als je patiënt bent, moet je er ziek uitzien, bleek of moe met verward haar of zo?

Hij zou mij nu moeten zien, want nu voldoe ik wel aan het beeld van een patiënt. En zo voel ik me ook. Ik voel me energieloos, uitgeblust, oud en stijf. Als ik in de spiegel kijk, dan denk ik: jeetje, hoe kan ik hier  wat van maken? 

Vorige week woensdag toen ik thuis kwam, voelde ik me prima. Ik was niet moe. De buurmeisjes kwamen gelijk 2 hamburgers van de bbq brengen. Och, dat waren  de lekkerste hamburgers die ik in tijden heb gegeten! Ik liet het me goed smaken. Even later kwamen ze weer aanbellen deze keer om mij uit te nodigen voor het aanschouwen van de zonsverduistering. Ze vonden het leuk als ik meeging. Heb een paar seconden nagedacht: is dit slim of niet? Ach, ik ging toch mee! Ik had geen speciale bril, maar zei dat ik voor de gezelligheid wel mee wou. O, dat was geen probleem, want ik mocht hun bril wel lenen. Nou, zo gingen we (net als half Almere Poort) naar de dijk om naar de zonsverduistering te kijken. Er werd heel goed voor me gezorgd, want er waren stoelen mee dus kon ik comfortabel zitten. Uiteindelijk gingen we zelfs een ijsje halen en een korte wandeling maken. Er werd steeds gecheckt of ik het wel trok. Nou, dat ging heel goed. Ik voelde me opperbest! 

De klap kwam vrijdag en zaterdag! Ik was doodmoe! Ik heb alleen maar gehangen en geslapen. En eigenlijk tot de dag van vandaag ben ik best moe. Niet zo extreem als na de eerste kuur, maar wel zodanig dat ik niets doe. Het lukt me ook niet. Ik zie dat er van alles moet gebeuren, maar ik heb er totaal de puf niet voor. Eerlijk gezegd interesseert het me ook niet zo. Ik ben veel makkelijker geworden met bepaalde zaken. 

Ik voel me sinds maandag ook niet super. Een beetje een niet-fit gevoel. En met die stomme maag heb ik ook nergens zin in. Ik hoefde van de dokter geen pijnstillers meer te slikken. Ik moest het even aankijken. Ik had ook sinds het ziekenhuis geen pijn meer tot vandaag dus. Ik heb 2 keer 2 paracetamols genomen. Het is nu even rustig, maar ik heb het geknepen, hoor. Was bijna in paniek. Ik twijfelde of ik moest bellen of niet. Maar eigenlijk was de boodschap toen al duidelijk: als paracetamol niet helpt, dan oxycodon! En  bellen voor een maagonderzoek! Dus straks ga ik bellen om te kijken wat er gaat gebeuren. Maandag heb ik bloed geprikt en alles was binnen de normen; geen gekke dingen. Dat gaf een piepkleine boost.

Laatst vroeg een lieve vriendin hoe het met me ging. Ik vertelde dat ik me op dit moment ongelukkig voel. Alles voelt als een gevecht. Een gevecht tegen de vermoeidheid, een gevecht tegen de ongemakken, een gevecht tegen weinig motivatie, een gevecht tegen pijn. Pijn kan ik je vertellen, geeft een heel andere dimensie aan dit kankergebeuren. Je kan het niet negeren. Je wordt er constant aan herinnerd waarom je pijn hebt: kanker! Pijn zorgt voor paniek en verminderde kwaliteit van leven.

Op dit moment voelt het als een gevecht om in leven te blijven. Ga ik het winnen of niet?

 

10 reacties

Gewoon, voor jou . 🫂


De zon kwam terug

Er was eens een vrouw die op een ochtend ontdekte dat ze in oorlog was. 
Niemand had haar dat officieel verteld. Er was geen koning langsgekomen met een perkament waarop stond dat vanaf heden de vijandelijkheden waren begonnen en er marcheerden ook geen soldaten door de straat. Toch wist ze het. Er woonde ergens diep in haar lichaam iets wat daar niet hoorde en sindsdien was ze voortdurend ergens mee aan het vechten. Met de vermoeidheid bijvoorbeeld, die 's morgens soms al naast haar bed zat nog voor ze goed en wel wakker was. Met haar maag, die zich gedroeg alsof iemand er 's nachts een zak stenen in had leeggegooid. Met de pijn ook, die op de ene plaats begon en daarna rustig naar haar rug trok, tussen haar schouderbladen ging zitten en daar blijkbaar van plan was een tijdje te blijven. Op sommige dagen vocht ze zelfs met een stoel. Niet om erin te raken, dat ging uitstekend. Eruit was een ander verhaal.

Eens in de zoveel tijd trok ze naar het grote witte kasteel waar de geneesheren woonden. Daar kreeg ze een armband om zodat iedereen kon zien dat ze patiënt was, al bleek dat systeem niet helemaal waterdicht. 
Op een ochtend moest ze er om tien over zeven zijn. Tien over zeven is een uur waarop fatsoenlijke sprookjesfiguren nog in bed liggen, maar in het grote witte kasteel vond men dat kennelijk een prima moment om zieke mensen te ontvangen. De vrouw was dus op tijd. Haar behandeling begon om twaalf uur. Niemand vond dat vreemd. Ze deelde haar kamer met een man die pas geopereerd was en er niet best aan toe was. Hij had veel te vertellen en zij luisterde. Af en toe zei ze iets terug als ze ertussen raakte en wanneer ze rust wilde, zette ze haar koptelefoon op. Dat hielp redelijk. Een koptelefoon is tenslotte de moderne versie van een onzichtbaarheidsmantel, met als klein technisch gebrek dat iedereen je nog altijd kan zien.

Omdat ze zo vroeg vertrokken was, kreeg ze honger en wandelde ze in haar pyjama naar de keuken van het kasteel. Daar vroeg ze de kok om iets te eten. "Dat is alleen voor patiënten," zei de kok. "Maar ik bén een patiënt," zei de vrouw en ze liet hem haar armband zien. De kok keek naar de armband, daarna naar haar en verontschuldigde zich uitgebreid. Hij had het niet gezien, zei hij. Ze zag er zo goed uit. De vrouw bedankte hem hartelijk voor het compliment en liep met haar eten terug naar haar kamer. Onderweg vroeg ze zich af hoe een patiënt er volgens die kok dan hoorde uit te zien. Waarschijnlijk bleek, kromgebogen en met verward haar. Misschien hoorde er ook nog ergens een infuuspaal bij, kwestie van alle twijfel weg te nemen. In ieder geval was ze die ochtend blijkbaar niet geslaagd voor het praktijkexamen patiënt-zijn en daar kon ze best mee leven.

Later liep het gif weer door haar aderen. Het was bijzonder gif, gemaakt om iets in haar lichaam dood te maken in de hoop dat de rest bleef leven, alleen was het nogal enthousiast spul dat onderweg ook dingen lastigviel die met de hele kwestie weinig te maken hadden. Toen ze die avond thuiskwam, voelde ze zich nochtans prima. 
De buurmeisjes stonden niet veel later aan de deur met twee hamburgers van de barbecue en het waren zowat de lekkerste hamburgers die ze in tijden had gegeten. Nog wat later stonden ze er opnieuw. Er zou iets met de zon gebeuren en of ze meeging kijken. De vrouw twijfelde. Dat deed ze tegenwoordig wel vaker. Vroeger vroeg ze zich af of ze ergens zin in had. Tegenwoordig kwam daar eerst een hele vergadering aan vooraf. Is dit verstandig? Kan ik dit? Krijg ik morgen de rekening? Uiteindelijk bleek niemand het antwoord te kennen, dus ging ze maar mee. Half het koninkrijk zat op de dijk naar boven te kijken. De buurmeisjes hadden een stoel voor haar meegenomen en een speciale bril mocht ze lenen. Later gingen ze zelfs een ijsje halen en een stukje wandelen. Om de zoveel tijd vroegen ze of het nog ging. Het ging. Meer zelfs, het ging uitstekend. Daar zat ze dan, kort na haar tweede chemokuur, op een dijk met een ijsje terwijl de maan voor de zon schoof. Als iemand haar die ochtend in het ziekenhuis had verteld dat dit het programma voor die avond was, had ze hem waarschijnlijk niet geloofd.

Vrijdag en zaterdag geloofde ze het zelf nauwelijks nog. De klap kwam alsnog. Ze was doodmoe en deed weinig anders dan hangen en slapen. Daarna werd het iets beter, maar niet veel. Ze zag overal dingen die gedaan moesten worden en constateerde vervolgens dat die blijkbaar ook nog een dag konden wachten. En nog een. Het merkwaardige was dat haar dat steeds minder kon schelen. Misschien had ze jarenlang een heleboel zaken veel te belangrijk gemaakt. Een wasmand die een dag langer blijft staan, blijkt bijvoorbeeld niet spontaan te ontploffen. Ook stof bezit een opmerkelijk geduld. 
Maar toen kwam de pijn terug en daarmee veranderde alles weer. 's Nachts was hij het ergst. Haar maag, haar buik, haar rug. Pijn is vervelend genoeg wanneer hij gewoon pijn doet, maar 's nachts begint hij ook nog tegen je te praten. Dan lig je in het donker en wordt ieder steekje een vraag waarop je het antwoord eigenlijk niet wilt weten. Ze werd bang. Bijna in paniek zelfs. Ze nam de pillen die ze mocht nemen en wachtte. Uiteindelijk werd het rustiger. Niet weg, eerder alsof de pijn een paar kamers verder was gaan zitten en de deur achter zich had dichtgetrokken. Voorlopig dan.

De volgende ochtend keek de vrouw in de spiegel. Nu zag ze er wél uit als een patiënt. Moe, uitgeblust, oud en stijf. Ze bekeek zichzelf een tijdje en vroeg zich af hoe ze daar in godsnaam nog iets van moest maken. "Nou," zei de spiegel, "die kok zou je vandaag in ieder geval geloven." 
De vrouw keek hem aan. "Rot op." 
Spiegels in oude sprookjes zijn gewend aan prinsessen die vragen wie de mooiste van het land is. Deze besloot dat zwijgen waarschijnlijk verstandiger was.

Later dacht de vrouw weer aan die oorlog. Ze had tegen een vriendin gezegd dat alles tegenwoordig als een gevecht voelde en dat het soms zelfs leek alsof ze vocht om in leven te blijven. Misschien was dat ook gewoon zo. Alleen had niemand haar verteld hoe zo'n gevecht eruitzag. Ze had zich er waarschijnlijk iets heldhaftigers bij voorgesteld, met zwaarden en paarden en iemand die achteraf een standbeeld voor je opricht. In werkelijkheid lag ze soms gewoon op de bank omdat rechtop zitten die dag al ambitieus genoeg was. Ze belde het ziekenhuis wanneer haar maag weer opspeelde, slikte haar pillen als het nodig was en liet dingen liggen die vroeger absoluut vandaag hadden moeten gebeuren. En tussendoor waren er twee hamburgers van de buurmeisjes, een kok die niet wilde geloven dat ze patiënt was en een avond waarop ze met een idiote bril op haar neus naar een half verdwenen zon had zitten kijken.

Die zon kwam trouwens gewoon weer tevoorschijn. Niemand op de dijk leek daar bijzonder verbaasd over. Dat was immers voorspeld.

De vrouw ook niet.

Maar ze bleef toch zitten tot ze helemaal terug was.

Laatst bewerkt: 19/08/2026 - 07:24

Lieve Norinda,

Wat naar te lezen dat je zoveel maagpijn hebt. Het AVL kennende krijg je deze week vast je gastroscopie. Ik hoop dat er een onschuldige oorzaak gevonden wordt. 

Wat een lieve buren heb je dat ze je hamburgers komen brengen en meenemen naar de dijk. Zelfs voor een stoel hebben gezorgd. Dat is hartverwarmend en doen ze alleen voor mensen zoals jij,  die dat verdienen. 

Ik hoop dat de vermoeidheid weer wat minder wordt naarmate de dagen verstrijken. Je lichaam is in gevecht om met hulp van de chemo/immuno de kankercellen aan te vallen. Dat gevecht kost al veel energie. Geef je lijf de rust die het nodig heeft om van binnen te kunnen vechten. 

Liefs, Monique 

Laatst bewerkt: 19/08/2026 - 08:23

Lieve stoere Norinda,

Dank je wel dat je dit deelt. Wat je schrijft is hard, en het klinkt zo zwaar.

Ik hoor dat alles nu een gevecht voelt. Tegen de vermoeidheid, tegen de ongemakken, tegen de pijn, en vooral tegen die constante herinnering dat het kanker is. En dat die pijn paniek geeft en je kwaliteit van leven zo hard raakt. Dat is echt heftig.

Je schrijft: “Op dit moment voelt het als een gevecht om in leven te blijven. Ga ik het winnen of niet?”

Ik weet niet wat het antwoord daarop is. En ik ga ook niet doen alsof ik dat wel weet. Maar ik wil wel dat je weet dat je dit niet alleen hoeft te dragen. Niet het gevecht, niet de paniek, niet de dagen waarop het gewoon te veel is.

Je mag voelen wat je voelt. Ongelukkig, moe van het vechten, bang, boos, wat het ook is. Je hoeft het niet mooier te maken maar het is mooi hoe je dit deelt.. vanaf een afstand wil ik je laten weten dat je heel vaak in mijn gedachten bent en probeer ik krachtstraaltjes door de wind naar je te sturen! Ik hoop dat je maag snel tot rust komt en dat het onderzoek iets oplevert… het kan iets simpels zijn als een candida oesofagitis (schimmel) iets dat wel voor ontzettend veel klachten kan zorgen (vaak veroorzaakt door slechter werkend immuunsysteem en medicatie helaas heb ik dat bij mijn moeder gezien). Ik duim in ieder geval voor je🫶🏻

Ik denk aan je.

Heidi

Laatst bewerkt: 19/08/2026 - 13:22

Het liefst pik ik uit je berichten alleen het goede nieuws, dat je bloedwaarden ok zijn, dat je er goed uitziet, dat je een leuke avond hebt gehad met de zonsverduistering. Maar je bent heel duidelijk dat de pijn je leven moeilijk maakt. Ik weet niet wat ik hierop moet zeggen, behalve dat ik wilde dat het niet zo was. Ik hoop dat ze wat hebben om je pijn te stillen. 

Liefs, Niene

 

Laatst bewerkt: 20/08/2026 - 15:19