Je prends du poids (ik word dik)
Omdat ik voor de jaarlijkse bloedtest mijn gewicht moet opgeven, ben ik van de week maar weer eens op de weegschaal gaan staan. De uitslag was niet verassend, want ik heb ook een spiegel, maar wel confronterend. Ik ben nu officieel de 70 kilo gepasseerd, 12 kilo zwaarder dan toen ik klaar was met de chemos en de operatie. De gewichtstoename ging geleidelijk, maar het lijkt wel of ik er het laatste jaar een extra schepje bovenop heb gekregen.
Ik begrijp niet helemaal hoe het komt. 'Te veel koekjes', zegt mijn man. Maar dat vind ik een flauwe opmerking. Natuurlijk houd ik me al lang niet meer aan het strenge dieet waar ik, net als zoveel lotgenoten, na de borstkanker diagnose in was geschoten. Omdat je op zo'n moment heel vatbaar bent voor het idee dat je door het opeens gaan eten van veel vezels en weinig suikers de kanker toch nog kunt terugdringen. Onzin, uiteraard, maar ik viel er wel lekker 8 kg door af.
Alleen, wanneer de doodsangst is weggeëbd, krijg je vanzelf weer trek in wat gezellige vetten en koolhydraten. En aangezien ik het geluk heb gehad dat ik mijn oude werk zonder problemen kon oppakken, heb ik nu als kok ook weer permanent toegang tot een paar overgebleven aardappeltjes met een likje blauwe kaassaus en een lepeltje van de allerbeste huisgemaakte chocolademousse in Frankrijk (al zeg ik het zelf). Maar echt niet overdreven. Mijn punt is, zo ging dat ook in de jaren voor de diagnose. Dat was nooit een probleem, want ik heb een beweeglijk beroep. Mijn Fitbit registreert een lekker drukke lunch als een 2 uur durende matige tot intensieve workout. En drukke lunches draaien we veel de laatste tijd, want niemand heeft zin om zelf te koken in deze schijthitte.
Dus ik word een beetje moedeloos van het idee dat ik nog meer moet gaan bewegen en echt nooit meer wat lekkers mag om deze extra kilos weer kwijt te raken.
Tijdens de borstcontrole stelt de oncologe vast dat ik weer zwaarder geworden ben. Ik begin bovengenoemde excuses op te ratelen, maar ze haalt haar schouders op. 'C'est le Tamoxifen', zegt ze. 'Niet de koekjes?', vraag ik voor de zekerheid. 'Nee, de Tamoxifen', zegt ze, 'en we weten eigenlijk niet hoe dat komt. Ik heb zoveel patiënten die serieus werk maken van calorieën tellen en heel veel sporten. Maar dat helpt allemaal maar weinig, zolang ze aan de anti-hormoon therapie zitten. Bovendien is een dieet van 1500 calorieën niet te doen voor vrouwen qui bossent toute la journée (die de hele dag in de weer zijn)'. 'En als ik ophoud met de Tamoxifen, val ik dan weer af ?', vraag ik. 'Drie tot vier kilo zonder extra inspanning', belooft de oncologe. Dat is lekker om te horen. Nog anderhalf jaar. Toch?
1 reactie
Die medicatie he. Ze is zo broodnodig maar ze kan ons uiterlijk zo hard doen veranderen zonder dat we er echt vat op hebbben...