Behandeling en bijwerkingen

Behandeling bij prostaatkanker

Opslaan

Aan de hand van de PSA-waarde, de stadium-indeling en de Gleason-score schat de arts de vooruitzichten in en bepaalt hij welke behandeling(en) hij u kan adviseren.

Prostaatkanker wordt onderverdeeld in 4 categorieën.

1. Lokaal beperkte prostaatkanker

Mannen met de diagnose beperkte prostaatkanker krijgen een behandeling die in opzet genezend is. Het gaat om stadium T1c en T2.

U kunt de volgende behandelingen krijgen:

2. Lokaal uitgebreide prostaatkanker

Bij stadium T3 gaat het om prostaatkanker die ook buiten de prostaat groeit. Soms zijn er ook uitzaaiingen in de lymfeklieren.

U kunt de volgende behandelingen krijgen:

Deze behandelingen zijn in opzet genezend. Of genezing daadwerkelijk bereikt kan worden, hangt af van hoe uitgebreid de tumor is.

3. Uitgezaaide prostaatkanker

Mannen met de diagnose uitgezaaide prostaatkanker krijgen een palliatieve behandeling. Zo’n behandeling is gericht op het remmen van de ziekte en/of het verminderen van klachten.

U kunt de volgende behandelingen krijgen:

Hormonale therapie bij prostaatkanker zorgt ervoor dat de tumor zich niet meer kan ‘voeden’ met het mannelijke geslachtshormoon testosteron. Deze behandeling is vaak een chemische castratie en soms een castratie door een operatie aan de zaadballen.

4. Castratieresistente prostaatkanker

De meeste prostaatkankers reageren binnen 1 tot 3 jaar niet meer op hormonale therapie. De tumor is resistent geworden voor hormonale therapie. Het PSA gaat weer stijgen. Artsen spreken van castratieresistente prostaatkanker, afgekort CRPC.

Bij CRPC kunt u de volgende palliatieve behandelingen krijgen:

Naast bovenstaande behandelingen kunt u soms deelnemen aan behandelingen in onderzoeksverband (trials). Met dit medisch wetenschappelijk onderzoek toetsen artsen of een nieuwe behandeling beter is dan de standaardbehandeling

Hulp bij het maken van keuzes

Bij prostaatkanker komt het geregeld voor dat u keuzes moet maken. Bijvoorbeeld tussen operatie en bestraling. Of tussen verschillende soorten hormonale therapie. En wat moet u besluiten als u gevraagd wordt wanneer u wilt starten met de hormonale therapie?

Aan elk besluit zitten voor- en nadelen. Bespreek ze goed met uw arts, verpleegkundig specialist of oncologieverpleegkundige.

Misschien vindt u het moeilijk om over mogelijke gevolgen van een behandelingen te praten, zoals erectiestoornissen en plasproblemen. Toch wordt aangeraden dit wel te doen. Deze gevolgen en het omgaan daarmee zijn namelijk van invloed op uw kwaliteit van leven.

Voor beperkte prostaatkanker zijn 2 keuzehulpen beschikbaar die u in het gesprek met de arts kunnen ondersteunen bij het maken van een beslissing tussen de verschillende behandelopties.

Multidisciplinair overleg

Uw arts bespreekt uw ziektegeschiedenis met een team van gespecialiseerde artsen en verpleegkundigen. Dit heet een multidisciplinair overleg (MDO). In veel ziekenhuizen in Nederland betrekken de artsen ook specialisten vanuit andere ziekenhuizen bij het multidisciplinaire overleg. 

Behandelplan

Uw behandelend arts maakt samen met een aantal andere specialisten een behandelplan voor u. Zij gebruiken hiervoor landelijke richtlijnen.

Om een zo goed mogelijke behandeling te kunnen geven, is het onder andere belangrijk te weten:

  • welk stadium en kenmerken de tumor heeft
  • of er sprake is van erfelijke belasting
  • of er uitzaaiingen zijn

Maar ook uw persoonlijke situatie speelt een rol. Een behandelplan is dus maatwerk. Laat u daarom goed informeren over de behandelmogelijkheden zodat u samen met uw behandelteam een weloverwogen besluit kunt nemen.

Over deze pagina

De informatie in de bibliotheek is getoetst door medisch specialisten en andere deskundigen.

Laatste update: december 2016

Dit artikel is geschreven door KWF Kankerbestrijding, kanker.nl, ProstaatKankerStichting.nl.

Met medewerking van

Dr. Hulshof, M.C.C.M. (radiotherapeut), Prof. dr. Incrocci, L. (radiotherapeut), Laarakker, C. (ervaringsdeskundige), Muilekom, E. van (verpleegkundig specialist), Dr. Noteboom, J.L. (radiotherapeut), Drs. Vanhauten, H.A.M. (radiotherapeut), Dr. de Wit, R. (medisch oncoloog), Verbeek, X, Weide, W. van de