Behandeling bij myelofibrose

Deze informatie is gecontroleerd door deskundigen.

Naar colofon

Opslaan

Bij de meeste patiënten is het doel van de behandeling het remmen van de ziekte en het verminderen van klachten en symptomen. De enige mogelijkheid voor genezing is een stamceltransplantatie, maar dat is een zware behandeling. Lang niet iedereen komt daarvoor in aanmerking.

Je kunt één of meer van de volgende behandelingen krijgen:

Heel soms zijn de volgende behandeling mogelijk:

Starten met de behandeling

De arts zal met de behandeling starten als je klachten toenemen en je meer ziekteverschijnselen krijgt.

Voorkomen van trombose en verminderen van klachten

In het beginstadium van de ziekte is de behandeling vooral gericht op het voorkomen van trombose en het verminderen van klachten. De arts probeert het aantal bloedplaatjes, witte bloedcellen en rode bloedcellen in het bloed naar beneden brengen. En ervoor te zorgen dat je minder kans heeft op het krijgen van trombose, een bloeding of een hart- of vaatziekte.

Je wordt behandeld met carbasalaatcalcium (Ascal®) of acetylsalicylzuur (Aspirine®). Deze middelen remmen het klonteren van bloedplaatjes. Hierdoor gaan ze de vorming van bloedpropjes tegen. Ze helpen ook goed tegen erytromelagie: ernstige pijn in de voeten of vingers waarbij een rood-blauwe verkleuring te zien is.

Mogelijke bijwerkingen van deze middelen zijn:

  • Verhoogde kans op bloedingen
  • Sneller blauwe plekken krijgen
  • Maagklachten

Behandeling van celwoekering in het beenmerg en een vergrote milt

Als de woekering van bloedcellen (vooral bloedplaatjes en witte bloedcellen) nog groot is, kan de arts kiezen voor een behandeling met celdodende middelen:

  • Chemotherapie met hydroxycarbamide
  • Immunotherapie met interferon-alfa

Beide behandelingen kunnen ervoor zorgen dat het aantal bloedcellen afneemt. En dat de vergrote milt kleiner wordt.

Behandelen van bloedarmoede

Naarmate de fibrose toeneemt en de bloedvormende cellen meer en meer uit het beenmerg worden verdreven, ontstaat een tekort aan normale rode bloedcellen. Het gevolg is bloedarmoede.

Bloedarmoede kan worden behandeld met:

  • Injecties met erythropoetine (epo): om de bloedaanmaak te verbeteren
  • Lenalidomide of thalodamide, al dan niet in combinatie met prednison. Deze middelen worden overigens niet standaard vergoed n Nederland.
  • Bloedtransfusies

Overige behandelingen

Sommige patiënten komen in aanmerking voor doelgerichte therapie met ruxolitinib. Dit middel kan klachten van een vergrote milt verminderen.

Er zijn ook patiënten die in aanmerking komen voor een allogene stamceltransplantatie.

Behandelplan

Verschillende artsen maken samen voor je een behandelplan. Zij gebruiken hiervoor landelijke richtlijnen.

Bij het bepalen van de behandeling kijken zij naar:

  • het stadium van de ziekte / uw risicoscore 
  • je lichamelijke conditie
  • je persoonlijke wensen en omstandigheden

Ook kijken zij altijd naar je medische verleden. Bijvoorbeeld of je eerder trombose of een hart- of vaatziekte hebt gehad. Ze kijken ook naar risicofactoren, zoals:

  • Hoge bloeddruk
  • Suikerziekte
  • Roken
  • Verhoogd cholesterolgehalte
  • Leeftijd

De arts bespreekt de behandeling(en) en de mogelijke bijwerkingen met je.

Multidisciplinair overleg

De arts bespreekt je ziektegeschiedenis met een team van gespecialiseerde artsen en verpleegkundigen. Dit heet een multidisciplinair overleg (MDO). In veel ziekenhuizen in Nederland betrekken de artsen ook specialisten vanuit andere ziekenhuizen bij het multidisciplinaire overleg. 

Samenwerking hematologen

De hematologen in Nederland hebben een organisatie opgericht om de kwaliteit van de hematologische zorg in de gaten te houden en om wetenschappelijk onderzoek te doen naar betere behandelingen.

Die organisatie heet HOVON: Stichting Hemato-Oncologie voor Volwassenen Nederland. De HOVON stelt richtlijnen op voor de behandeling van kanker van het bloed of lymfeklieren. Hematologen in Nederland houden zich aan die richtlijnen.

Gespecialiseerde ziekenhuizen

Er zijn ziekenhuizen die zijn gespecialiseerd in de behandeling van patiënten met kanker van het bloed of de lymfeklieren. Dit zijn de 8 universitaire medische centra en een aantal door de overheid aangewezen grote perifere ziekenhuizen, aangesloten bij de HOVON. Rondom deze gespecialiseerde centra zijn regio’s gevormd.

De artsen van de centra geven adviezen over de behandeling aan artsen in regioziekenhuizen. Je kunt je behandeling krijgen in een regioziekenhuis. Maar als dat nodig is ook in een gespecialiseerd centrum. Meestal overleggen de artsen in het regioziekenhuis over hun patiënten met hun collega's in de gespecialiseerde centra.

Colofon

Met medewerking van:

Dr. Asiong Jie

Internist-hematoloog, Zuyderland Medisch Centrum

Drs. Fransje Valster

Hematoloog, Bravis ziekenhuis

Dr. Monique Minnema

Hematoloog, UMC Utrecht

Drs. Hein Visser

Hematoloog, Noordwest Ziekenhuisgroep

Gemaakt door de redactie van kanker.nl

Laatste update: juni 2017