Onderzoek en diagnose bij multipel myeloom

Deze informatie is gecontroleerd door deskundigen.

Naar colofon

Opslaan

Heb je symptomen die kunnen passen bij multipel myeloom, ga dan naar je huisarts. Hij zal je eerst lichamelijk onderzoeken. Meestal laat de huisarts ook je bloed onderzoeken. Deze onderzoeken kunnen aanwijzingen geven over mogelijke oorzaken van je klachten.

De uitslag van het bloedonderzoek kan een reden zijn voor verder onderzoek. De huisarts verwijst je dan door naar een internist. Dit is meestal een internist die is gespecialiseerd in ziektes van het bloed, beenmerg en lymfeklieren. Een andere naam voor deze specialist is hematoloog. Deze arts kan de onderzoeken herhalen en extra onderzoek doen.

Je kunt de volgende onderzoeken krijgen:

Deze onderzoeken zijn nodig om de diagnose te stellen. Maar de arts herhaalt deze onderzoeken ook om later het effect van de behandeling te controleren. En om het verloop van de ziekte te volgen. Met de resultaten uit het chromosomenonderzoek krijgt de arts informatie over de ernst van de ziekte en de gevoeligheid voor de behandeling.

Afhankelijk van je klachten krijg je soms aanvullend onderzoek. Bijvoorbeeld:

  • nierbiopsie bij nierproblemen: hierbij verwijdert de arts een stukje weefsel uit een nier om dit onder de microscoop te kunnen onderzoeken
  • MRI-scan bij onduidelijke pijnklachten
  • CT-scan of röntgenfoto om zwakke plekken in het skelet op te sporen
  • PET-CT-scan om actieve bothaarden te onderscheiden van uitgedoofde bothaarden 

Diagnose
De arts stelt de diagnose multipel myeloom als er meer dan 10% kwaadaardige plasmacellen in het beenmerg zijn. Bij de meeste patiënten is er dan ook een M-proteïne in het bloed aanwezig. Of zijn de lichte ketens in het bloed verhoogd. Iemand kan ook én M-proteïne én een verhoging van lichte ketens in het bloed hebben.

Colofon

Met medewerking van:

Illustratie mensen

Ervaringsdeskundigen met multipel myeloom

Dr. Monique Minnema

Hematoloog, UMC Utrecht

Dr. Reinier Raymakers

Hematoloog, UMC Utrecht

Gemaakt door de redactie van kanker.nl

Laatste update: april 2017