Bloedonderzoek bij multipel myeloom

Opslaan

Bloedonderzoek is nodig voor het stellen van de diagnose multipel myeloom. Met het bloedonderzoek kan de arts ook zien of:

  • je nieren zijn aangetast
  • er meer botafbraak dan normaal is
  • wat de prognose is (het verloop van de ziekte)

Voor het bepalen van de prognose is ook beenmergonderzoek en chromosoomonderzoek nodig.

De arts laat je bloed onderzoeken op:

  • aantallen rode- en witte bloedcellen en bloedplaatjes. Bij multipel myeloom zijn deze vaak verlaagd.
  • het calciumgehalte. Bij botafbraak komt er veel calcium in het bloed. Een ander woord voor calcium is kalk. 
  • type en hoeveelheid van het volledige M-proteïne
  • type en hoeveelheid van lichte ketens
  • antistoffen: de hoeveelheid normale antistoffen is bij multipel myeloom vaak verlaagd
  • bepaalde eiwitten in het bloed: bèta 2 microglobuline en albumine. Dit is de ISS-score.
  • nierfunctie. Multipel myeloom kan de nierfunctie aantasten.
  • het urinezuurgehalte: dit zegt ook iets over de kwaliteit van je nieren

Is er geen M-proteïne te vinden? Dan krijg je een speciale bloedtest om de lichte ketens in het bloed te meten.

Over deze pagina

De informatie in de bibliotheek is getoetst door medisch specialisten en andere deskundigen.

Laatste update: april 2017

Dit artikel is geschreven door KWF Kankerbestrijding.

Met medewerking van

Dr. Minnema, M.C. (hematoloog), Dr. Raymakers. R.A.P. (hematoloog), Sikkel, R. (ervaringsdeskundige)