Gevolgen

Veranderingen in functioneren en uiterlijk

Opslaan

Kanker van de mond- of keelholte is bijzonder ingrijpend. Dit kan emotioneel zwaar zijn. Veranderingen in uw functioneren en uiterlijk kunnen u onzeker, verdrietig, angstig of boos maken.

Veranderingen door uw ziekte en/of behandeling(en) kunnen zijn: 

  • U kunt niet meer gewoon of alleen nog heel langzaam eten. Soms maakt u hierbij onverwachte geluiden of oprispingen. Lukt bijvoorbeeld slikken niet meer, dan kan een boertje laten nodig zijn om het eten te laten zakken.
  • U kunt niet meer duidelijk praten. Het kan handig zijn om kortere zinnen te maken en moeilijke woorden niet te gebruiken. Bespreek dit met de logopedist.
  • Uw gehoor is voor een deel of helemaal uitgevallen. Vooral na chemoradiatie kan dit het geval zijn. Bespreek dit met u KNO-arts.
  • U heeft last van tinnitus, ook wel oorsuizen genoemd. Hierbij hoort u sis-, fluit-, brom- of pieptonen in één of beide oren. Bespreek dit met u KNO-arts.
  • U heeft last van taaier speeksel.
  • U heeft last van te weinig speekselproductie. U moet dan veel water drinken of een mondgel gebruiken tegen een droge mond.
  • Operaties en bestralingen kunnen uw uiterlijk ingrijpend veranderen. Hierdoor kunnen mensen u nastaren of zelfs negeren. U kunt advies krijgen hoe u bijvoorbeeld verkleuringen in het gezicht kunt verbergen.
  • U heeft pijn bij of moeite met het openen van uw mond en moeite met kauwen en slikken. Dit heet trismus. Het is raadzaam om in overleg met de artsen hiervoor een aantal keren per dag met speciale hulpmiddelen te oefenen.
  • Eten en spreken gaat niet meer tegelijk. Een vergaderlunch is hierdoor bijvoorbeeld niet meer geschikt.
  • U heeft meer tijd nodig voor de maaltijd, niet alleen thuis, maar ook op het werk.
  • Na de maaltijd heeft u tijd nodig om uw mond te reinigen. In een openbare gelegenheid is het invalide toilet hiervoor een goede plaats.
  • Mondsluitingsproblemen zorgen ervoor dat u niet zomaar buitenshuis kunt eten.
  • Het eten kan ook minder of anders smaken na de behandeling en soms is dat blijvend.

De gevolgen van de ziekte en de behandeling(en) zijn soms zo ingrijpend, dat het uw leven erg kan beïnvloeden. Zowel fysiek als emotioneel. U kunt zich bijvoorbeeld schamen of bang zijn om in contact te komen met andere mensen. 

Een maatschappelijk werker of psycholoog kan u hierbij helpen. Uw arts kan u doorverwijzen, maar u kunt hier ook zelf om vragen. Ook contact met lotgenoten kan bevrijdend werken. Zij weten wat het is om deze ziekte te hebben, of te hebben gehad.

Over deze pagina

De informatie in de bibliotheek is getoetst door medisch specialisten en andere deskundigen.

Laatste update: januari 2015

Dit artikel is geschreven door KWF Kankerbestrijding.

Met medewerking van

Prof. dr. Hilgers, F.J.M. (KNO-arts), Prof. dr. Bree, R. de (KNO-arts), Prof. dr. Brekel, M. van den (KNO-arts), Otto (ervaringsdeskundige), Dienst, E. van (ervaringsdeskundige), Poem (ervaringsdeskundige)