Wat is…?

Soorten basaalcelcarcinoom

Opslaan

Er zijn verschillende soorten basaalcelcarcinoom. Ze groeien allemaal op een andere manier. 

Het nodulair groeiend basaalcelcarcinoom en het oppervlakkig groeiend basaalcelcarcinoom komen het meest voor. 

Nodulair groeiend basaalcelcarcinoom 

Een nodulair (solide) groeiend basaalcelcarcinoom is een glad, glazig knobbeltje. Soms zijn daarin verwijde bloedvaatjes te zien. Het groeit heel langzaam. 

Na een tijd ontstaat in het midden een zweertje en daaromheen een rand met een parelachtige glans. Dit zweertje is vaak wat nattig. Het heeft een korstje dat makkelijk open te halen is. Soms valt het korstje eraf. Daarna komt er weer een nieuw korstje.

Oppervlakkig groeiend basaalcelcarcinoom

Een oppervlakkig (superficieel) groeiend basaalcelcarcinoom is meestal vlak, rozerood. Het groeit heel langzaam. Het plekje kan lijken op eczeem. 

Meestal zit dit soort basaalcelcarcinoom op de armen, benen of de romp. Vaak zitten er meerdere van dit soort plekjes op de huid.

Sprieterig groeiend basaalcelcarcinoom

Een sprieterig groeiend basaalcelcarcinoom lijkt erg op een litteken. Het wordt sprieterig genoemd, omdat het in de huid kleine uitlopertjes vormt. 

Deze soort is agressief. Als het niet behandeld wordt, kan het de diepte in groeien, omliggend weefsel aantasten en na verloop van tijd uitzaaien.

Micronodulair groeiend basaalcelcarcinoom

Een micronodulair basaalcelcarcinoom bestaat uit meerdere piepkleine knobbeltjes dicht bij elkaar. 

Ook dit subtype is agressief. Als het niet behandeld wordt, kan het de diepte in groeien, omliggend weefsel aantasten en na verloop van tijd uitzaaien.

Zeldzame soorten 

Er zijn nog enkele zeldzame soorten zoals een gepigmenteerd basaalcelcarcinoom. Deze lijkt soms op een veranderende moedervlek.

Meerdere types door elkaar

Een gemengde groei (meerdere types door elkaar) komt vaak voor. Bij de keuze van de behandeling wordt dan uitgegaan van het meest agressieve subtype.

Over deze pagina

De informatie in de bibliotheek is getoetst door medisch specialisten en andere deskundigen.

Laatste update: februari 2019

Dit artikel is geschreven door kanker.nl.