Behandeling van pijn

Opioïden

Opslaan

Opioïden zijn sterke pijnstillers. Ze zijn uit opium bereid. Deze stoffen kunnen ook op een kunstmatige manier gemaakt worden.

Bekende middelen zijn:

  • morfine
  • fentanyl
  • buprenorfine
  • oxycodon
  • hydromorfon
  • methadon
  • tapentadol

Deze zijn verkrijgbaar in allerlei merken, vormen en doseringen.

Verschillende toedieningsvormen

Opioïden kunnen op verschillende manieren worden gegeven:

  • via de mond: tabletten, capsules, drank, stick of filmpje
  • via de neus: als neusspray
  • via de huid: pleister
  • via de anus: zetpil
  • via een injectie: onder de huid
  • via een injectie in een bloedvat
  • via een infuus: in een bloedvat of onder de huid
  • via een ruggenprik

 

Belangrijk om te weten over opioïden

  • Een verhoging van de dosis is meestal noodzakelijk als de pijn toeneemt. Dit heeft niets te maken met gewenning of verslaving. Van verslaving is geen sprake als opioïden zoals morfine tegen pijn worden gebruikt.
  • Verdwijnt de oorzaak van de pijn, dan kan het gebruik van een opioïd worden verminderd via een afbouwschema. Uiteindelijk kunt u helemaal stoppen met het opioïd.
  • Opioïden zoals morfine kunnen pijn lang en effectief bestrijden. Het is niet nodig om met opioïden te wachten tot het ‘echt nodig is’. Neemt de pijn toe, dan kan de dosis worden verhoogd. Zo neemt de pijnstillende werking toe.
  • Het is een misverstand dat opioïden levensverkortend werken. Dat geldt alleen maar als ze in veel te hoge doseringen gebruikt worden.

Soorten opioïden

Er zijn verschillende soorten opioïden. De keuze voor het soort opioïd is afhankelijk van:

  • de soort pijn
  • de ernst van de pijn
  • de gewenste toedieningsvorm

Sterk werkende opioïden zijn morfine, fentanyl, buprenorfine, oxycodon, hydromorfon, methadon of tapentadol. Deze middelen werken ongeveer even goed, maar kunnen verschillen in bijwerkingen.

Welk middel u krijgt, hangt onder andere af van de kans die het middel geeft op obstipatie (verstopping) en of u problemen hebt met het slikken van medicatie. In het laatste geval, dan kan de arts een fentanyl- of buprenorfinepleister voorschrijven. Maar ook de voorkeur of ervaring van de arts met de verschillende middelen of uw eigen voorkeur en ervaring kunnen een rol spelen bij de keuze.

Bij fentanylpleisters is de kans op obstipatie iets kleiner dan bij andere opioïden. De arts schrijft ook fentanypleisters voor als u een medicijn niet via de mond (oraal) in kunt nemen.

De arts kiest alleen voor methadon als behandeling met andere opioïden niet tot voldoende pijnstilling leidt en hij daarnaast ervaring heeft met dit middel of kan overleggen met iemand die ervaring heeft met dit middel.

Bij gecombineerde nociceptieve en neuropatische pijn schrijft de arts u vaak eerst een sterk werkend opioïd voor.

Bij zuiver neuropathische pijn schrijft de arts vaak andere medicijnen voor die ook gebruikt worden bij de behandeling van depressie (antidepressiva) of epilepsie (anti-epileptica). Deze medicijnen werken bij neuropatische pijn ook pijnstillend.

Heeft een antidepressivum en/of een anti-epilepticum onvoldoende effect bij neuropathische pijn, dan kan de arts er tramadol (een zwak werkend opioïd) of een sterk werkend opioïd aan toevoegen.

Heeft een bepaald opioïd onvoldoende effect of onacceptabele bijwerkingen, dan schrijft de arts u een ander opioïd voor.

Toediening van opioïden

Gebruikt de arts opioïden om uw pijn te behandelen, dan start hij meestal met een opioïd dat u via de mond (oraal) kunt innemen of dat via de huid (pleister) kan worden toegediend met behulp van een pleister. Is een snel effect gewenst, dan kan hij morfine via een injectie of infuus (onderhuids of via de bloedbaan) geven.

Bij de behandeling met opioïden wordt meestal een combinatie gegeven van een middel met vertraagde afgifte en een snel werkend opioïd. Het middel met vertraagde afgifte zorgt voor een constante pijnstilling gedurende de dag.

Dit middel wordt op vaste tijden ingenomen (of de pleister wordt op vaste momenten vervangen), ook als u op dat moment weinig of geen pijn hebt. Bij optredende pijnpieken (doorbraakpijn) kan het snel werkende middel erbij worden genomen.

Langwerkend morfine, oxycodon, hydromorfon, methadon en tapentadol worden in de vorm van een tablet of capsule gegeven. Methadon kan ook als drank worden gegeven. U moet deze middelen 2 tot 3 maal per dag op vaste tijden innemen.

Fentanyl en buprenorfine worden in de vorm van een pleister gegeven. De werkzame stof komt langzaam via de huid in de bloedbaan.

Fentanylpleisters werken ongeveer 3 dagen. Om de 2 tot 3 dagen moet u, op een andere plek, een nieuwe pleister plakken. Buprenorfinepleisters worden vaker verwisseld.

De arts kan het effect van oraal toegediend morfine, oxycodon en hydromorfon en van transdermaal fentanyl na 24 uur beoordelen. Bij onvoldoende effect wordt de dosis opgehoogd.

Wanneer een snel effect gewenst is en/of de pijn instabiel is kan gekozen worden voor toediening van morfine of oxycodon via een naaldje dat ingebracht wordt onder de huid (subcutaan) of in de bloedbaan (intraveneus). Daarbij kan gebruik gemaakt worden van een draagbare pomp. Een dergelijke pomp kan ook thuis worden toegepast.

(Ultra)kortwerkende opioïden

Kortwerkende opioïden hebben een snellere afgifte. Dit heet ‘immediate release’. Ze zijn vooral te gebruiken voor iets wat extra pijnlijk is. Bijvoorbeeld de verzorging van een wond of voordat u opstaat. Het duurt ongeveer een half uur voordat ze werken. De werking houdt 3 tot 4 uur aan. Een voorbeeld hiervan is morfinedrank of oxycodon.

Naast de kortwerkende opioïden bestaan ook ultrakortwerkende opioïden. Deze worden ‘rapid onset’ opioïden genoemd. Dit betekent dat ze heel snel de pijn verminderen. Ze werken gemiddeld na 10 tot 15 minuten en de werking houdt enkele uren aan.

Ultrakortwerkend fentanyl is beschikbaar in de vorm van:

  • stick
  • tablet voor onder de tong of tussen het tandvlees
  • filmpje dat op het tandvlees wordt gelegd
  • neusspray

(Ultra)kortwerkende opioïden worden gebruikt voor de behandeling van doorbraakpijn. U neemt ze alleen in als het nodig is omdat u pijn heeft of omdat u iets gaat doen dat de pijn kan doen verergeren. Noteer wanneer u de extra pijnstillers heeft gebruikt. Als u ze vaak nodig heeft, kan dit betekenen dat de onderhoudsdosis onvoldoende is. Wellicht moet deze worden aangepast.

Dosis

Er is geen maximumdosis, zoals bij paracetamol en NSAID’s. Als het gebruikte opioïd de pijn niet meer voldoende onderdrukt, kan de arts de dosis verhogen. Voor de meeste opioïd bestaat geen maximale dosering. Als er bijwerkingen optreden die niet goed te bestrijden zijn, moet een andere oplossing gezocht worden.

Een mogelijkheid is dan overstappen op een ander opioïd of een andere toedieningsvorm. Bijvoorbeeld toediening via een ader of rechtstreeks in de huid.

Chronische pijn en doorbraakpijn

Bij doorbraakpijn schrijft de arts snelwerkende opioïden die u dan extra kunt nemen. De werking hiervan is snel en kortdurend (enkele uren) 4 uur. Bij chronische pijn krijgt u meestal langwerkende middelen.

Belangrijke aanwijzingen bij het gebruik van opioïden

Overleg regelmatig met uw arts en volg de voorschriften op. Bij het begin van de behandeling met morfine moet uw arts de juiste dosering bepalen. Het is daarom belangrijk dat u eerlijk en open bent tegen de arts en vertelt of en hoeveel pijn u nog heeft. Maar ook wat de belangrijkste bijwerkingen zijn. Pijn kan grotendeels beheersbaar worden gemaakt, maar dat kan uw arts alleen samen met u.

Verhoog of verlaag nooit zonder overleg met uw arts de voorgeschreven dosis. Hierdoor kunnen bijwerkingen of ontwenningsverschijnselen optreden.

Het gebruik van morfine kan leiden tot een verminderd reactie- en concentratievermogen. Bij dagelijkse bezigheden kunt u daar last van hebben. U mag autorijden, maar alleen als u op een stabiele dosering opioïden zit en geen last heeft van sufheid of een verminderd reactie- en concentratievermogen.

Alcohol kan de bijwerking sufheid versterken. Drinkt u alcohol met mate, dan zijn er geen negatieve effecten op opioïden als pijnstilling. Gematigd alcoholgebruik is daarom toegestaan bij het gebruik van morfine.

Heeft u nog vragen? Ga dan naar uw arts.

Bijwerkingen van opioïden

Opioïden kunnen bijwerkingen hebben:
  • verstopping. De medische term voor verstopping is obstipatie. Vanwege de kans op verstopping schrijft de arts altijd een laxeermiddel voor. Krijgt u toch last van obstipatie, dan kunt een klysma krijgen. Een klysma is een darmreiniging met een laxerende vloeistof die de verpleegkundige of arts via de anus inbrengt. Bij chronische obstipatie door het gebruik van morfine kan de arts fentanylpleisters voorschrijven. Deze geven iets minder vaak obstipatieklachten. U kunt zelf ook een aantal dingen doen om verstopping zoveel mogelijk te beperken: privacy, regelmatige buikmassages, voldoende drinken: zo’n 1,5 tot 2 liter per dag, voedingsvezels gebruiken
  • misselijkheid en overgeven. Dit is meestal na een paar dagen over. De arts kan medicijnen voorschrijven tegen misselijkheid en overgeven. Middelen van eerste voorkeur zijn metoclopramide of domperidon. Alternatieven zijn haloperidol of ondansetron.
  • sufheid. Dit is vaak binnen een paar dagen over. Bij aanhoudende sufheid door opioïden kan de arts u methylfenidaat of modafinil voorschrijven.
  • hallucinaties of een delier. Een delier is een toestand van plotseling optredende verwardheid. Deze is tijdelijk en kan enkele uren tot enkele dagen/weken duren. De arts zal kijken of er ook andere factoren zijn die een delier uitlokken en deze zo mogelijk behandelen. Bij een delier door opioïden kan de arts de dosering verlagen of een ander opioïd voorschrijven. De arts kan ook haloperidol voorschrijven.
  • jeuk. De arts kan ondansetron voorschrijven.
  • droge mond. Stimulatie van de speekselproductie, bijvoorbeeld met zuurtjes of kauwgom, kan helpen.
  • niet meer kunnen plassen. Dit duurt meestal maar enkele dagen. Duurt het toch langer, dan kan het wisselen van opioïd helpen. Ook kan de arts middelen voorschrijven die de blaasfunctie stimuleren.
  • snelle spiertrekkingen (myoklonieën) door hoge doses opioïden. De arts verlaagt de dosis of schrijft een ander opioïd voor. Om de klachten te behandelen kan hij clonazepam of een ander spierverslappend middel voorschrijven.

Fabels over opioïden

Opioïden zijn krachtige middelen waarmee veel ervaring is opgedaan. Er zijn al veel patiënten mee behandeld. Toch bestaan er nog veel onduidelijkheden over opioïden.

Opioïden werken verslavend

Dit is een fabel. Verslaving is onder te verdelen in geestelijke en lichamelijke afhankelijkheid. Gebruikt u een opioïd als pijnstiller, dan is de kans op geestelijke afhankelijkheid (niet zonder kunnen) heel klein. Een verslaving treedt op wanneer iemand zonder pijn opioïden gebruikt. In dat geval treedt er een bepaalde ‘kick‘ op. Deze ‘kick’ treedt niet op wanneer een opioïd de functie heeft om pijn te verlichten. Lichamelijke gewenning aan opioïden kan wel optreden. Zoals bij bijna ieder geneesmiddel dat langdurig wordt gebruikt. Dit is op zich niet schadelijk. Alleen als het gebruik van morfine plotseling wordt gestaakt, kan dat zogenaamde ontwenningsverschijnselen veroorzaken. Voorbeelden zijn: hartkloppingen, zweten, misselijkheid, braken en diarree. Deze verschijnselen kunnen worden voorkomen door de dosis geleidelijk te verlagen. Doe dit in overleg met uw arts.

Van opioïden heb ik steeds meer nodig

De reden waarom de dosering van opioïden wordt verhoogd, is omdat de pijn toe kan nemen en niet omdat u er verslaafd aan raakt. De pijn bepaalt hoeveel opioïden u nodig heeft. Daarbij is het goed om te weten dat de dosis van opioïden in principe geen bovengrens heeft. Er zijn mensen die het honderdvoudige van de dosering waarmee ze gestart zijn, krijgen toegediend.

Opioïden werken levensverkortend

Dit is een fabel. De veronderstelling dat opioïden levensbekortend werken, is niet juist. Het is een misverstand dat opioïden alleen worden gegeven in het eindstadium van kanker. Opioïden worden niet voorgeschreven om de dood te bespoedigen. Opioïden worden ook gebruikt door patiënten met langdurige, chronische ziekten zoals reuma. Opioïden worden soms dus jaren achtereen als pijnstiller worden voorgeschreven. Ook kunnen opioïden tijdelijk worden gegeven en daarna worden afgebouwd, zoals na een operatie.

Opioïden veroorzaken ademhalingsmoeilijkheden

Dit is een fabel. Bij de behandeling van pijn met opioïden spelen ademhalingsmoeilijkheden geen rol. Alleen zeer hoog gedoseerde opioïd-injecties in een ader kunnen problemen met de ademhaling veroorzaken. Benauwdheid kan juist reden zijn om opioïden (vooral morfine) voor te schrijven, zoals in de inleiding is beschreven.

Van opioïden word ik suf

Sufheid kan een bijwerking zijn tijdens de eerste dagen van de behandeling met opioïden. Of na verhoging van de dosis opioïden. Maar dat hoeft niet. Meestal verdwijnt de sufheid na een paar dagen. Blijft u suf, neem dan contact op met uw behandelend arts.

Opioïden hebben veel bijwerkingen

De belangrijkste bijwerkingen zijn: sufheid, verstopping (obstipatie), misselijkheid, duizeligheid en verwardheid. Deze bijwerkingen kunnen optreden, maar dat hoeft helemaal niet. De meeste bijwerkingen gaan na enkele dagen tot weken vanzelf over als u gewend bent geraakt aan morfine.

Over deze pagina

De informatie in de bibliotheek is getoetst door medisch specialisten en andere deskundigen.

Laatste update: maart 2015

Dit artikel is geschreven door kanker.nl, KWF Kankerbestrijding, Stichting Pijn bij Kanker.

Met medewerking van

Dr. Graeff, A. de (medisch oncoloog), Dr. Wagemans, M.F.M. (anesthesioloog)