Het gesprek met je familie

Opslaan

Je bepaalt zelf hoe je het gesprek voert met je familie. Wat handig is verschilt per persoon en per familie. Hieronder volgen wat algemene tips:

  • Vraag mensen eerst of ze even aandacht voor je willen hebben. Je kunt er ook bij zeggen dat je het moeilijk vindt om dit te vertellen.
  • Draai er niet om heen. Maak het niet mooier dan het is. Houd het kort en feitelijk.
  • Neem vervolgens de tijd.
  • Probeer niet dwingend te zijn: je kunt dingen vertellen, maar anderen uit je familie zijn zelf verantwoordelijk voor hun leven. En dus ook voor hun keuzes.
  • Gebruik telkens dezelfde woorden als je iets nog eens uit moet leggen.
  • Geef geen onnodige details. Verwijs naar de klinisch geneticus.
  • Maak ruimte voor reacties. Die zullen soms onverwacht zijn.
  • Laat je familieleden stoom afblazen. Realiseer je dat je daar niets mee hoeft.
  • Je hoeft geen ‘oplossingen’ te verzinnen. Je verantwoordelijkheid is beperkt tot het vertellen.
  • Sluit het gesprek ook af. Noem nog een keer je reden om dit te vertellen.
  • Geef aan dat ze voor medische vragen en vragen over hun risico en eventueel DNA-onderzoek naar een klinisch geneticus kunnen gaan.

Zie je erg tegen het gesprek op? Dan kun je van tevoren regelen dat je na het gesprek ergens stoom af kunt blazen of iets leuks gaat doen. Bijvoorbeeld bij een vriend(in) die buiten de familie staat.

Over deze pagina

De informatie in de bibliotheek is getoetst door medisch specialisten en andere deskundigen.

Laatste update: januari 2016

Dit artikel is geschreven door NFK, Nationaal informatiecentrum erfelijkheid.

Met medewerking van

Erfocentrum