Onderzoek en diagnose bij pijn bij kanker

Tmc over deze informatie

Pijn is meer dan een lichamelijke gewaarwording. Pijn beïnvloedt ook uw geestelijk, sociaal en spiritueel welbevinden en functioneren. Omgekeerd hebben niet-lichamelijke factoren ook invloed op de pijn. Dat geldt voor soort elke pijn, maar des te meer voor pijn bij kanker.

Pijnfactoren

Factoren die pijn beïnvloeden zijn:
  • lichamelijke factoren: de oorzaak van de pijn (tumorgroei, behandeling of andere ziektes)
  • psychische factoren: depressie en rouw, angst, verdriet, boosheid, schuldgevoelens, schaamte, spanning, (onvoldoende) acceptatie van de ziekte, wanhoop en eenzaamheid, het gevoel niet serieus genomen te worden
  • sociale factoren: de relatie van de patiënt tot zijn omgeving. Hierbij gaat het bijvoorbeeld om culturele aspecten, financiële problemen, problemen die verband houden met werk, conflicten, zorgen om naasten en de reactie van naasten op de ziekte of op de pijn
  • spirituele factoren: zingeving en levensbeschouwing, bijvoorbeeld in het kader van religie, (verlies of verandering van) identiteit, (verlies van) hoop, existentiële angst, confrontatie met sterfelijkheid of verandering van de betekenis van het bestaan


Bij de beoordeling en behandeling van de pijn bij kanker betrekt de arts alle bovengenoemde factoren (dimensies). Het samenspel van deze 4 dimensies van pijn bepaalt namelijk de pijnbeleving en het pijngedrag.

Pijndiagnose

De arts neemt een anamnese af. Ook doet hij lichamelijk onderzoek en eventueel aanvullende onderzoeken. Doel is een totaalbeeld te krijgen van de pijn en de mogelijke oorzaken daarvan.

Vaak is een multidisciplinaire benadering noodzakelijk. Naast artsen en verpleegkundigen kunnen bijvoorbeeld een fysiotherapeut, ergotherapeut, psycholoog, maatschappelijk werker en/of geestelijk verzorger bij de diagnostiek en behandeling van de pijn betrokken worden.