Longpunctie bij niet-kleincellige longkanker

Bij een longtumor die zich dieper in de longen bevindt, is het niet mogelijk met een bronchoscopie een stukje weefsel weg te nemen. In dit geval is een longpunctie het aangewezen onderzoek om longweefsel te verkrijgen voor microscopisch onderzoek.

Bij een longpunctie wordt de huid van de borstkas eerst plaatselijk verdoof. Daarna wordt een naald in de longtumor gebracht. Via deze naald neemt de arts tumorweefsel weg. Dat gebeurt meestal tijdens de CT-scan. Door de CT-scan ziet de arts waar hij het tumorweefsel moet weghalen

Na het onderzoek moet u enige tijd in bed blijven zodat het ‘gaatje’ in uw longen weer dicht gaat. Soms lekt de long via het ‘gaatje’ lucht. De long kan hierdoor inklappen. Dat heet ook wel een klaplong. Na de punctie kunt u enkele malen een beetje bloed ophoesten. Dit verdwijnt meestal vrij snel. 

Voordat u weer naar huis mag, zal er eerst een longfoto worden gemaakt. Wordt hierop geen (grote) klaplong gezien of een bloeding in de long, dan mag u naar huis.