Operatie bij galwegkanker

Tmc over deze informatie

De arts zal u alleen opereren als hij verwacht dat u van de ziekte kunt genezen. Dat is mogelijk voor sommige patiënten met een vroeg stadium van galwegkanker. 

Lees in welke ziekenhuizen u terecht kunt voor een operatie.

Na de operatie onderzoekt de patholoog het weggenomen weefsel onder de microscoop. De uitslag van dit onderzoek heet een PA-uitslag. Door deze PA-uitslag wordt duidelijk:

  • of de cellen goedaardig of kwaadaardig zijn. Voorafgaand aan de operatie is dat vaak niet met 100% zekerheid te zeggen.
  • vanuit welke orgaan de tumor precies ontstaan is. Het is soms voor de operatie niet goed te zien of de tumor is ontstaan in de galblaas, de galweg of de lever.
  • wat het stadium van de ziekte is.

Operatie bij distale galwegkanker

Zit de tumor in het laatste deel van de grote galbuis? Dan is het onderscheid tussen galwegkanker en alvleesklierkanker vaak moeilijk te maken. Het laatste deel van de grote galbuis loopt namelijk door de kop van de alvleesklier. De operatie van een tumor in het laatste deel van de grote galbuis is daarom dezelfde operatie als bij kanker in de kop van de alvleesklier (pancreaskopcarcinoom). Meer informatie hierover vindt u in de Bibliotheek in het artikel Operatie bij alvleesklierkanker.

Operatie bij perifere galwegkanker of perihilaire galwegkanker

Zit de galwegtumor in of vlakbij de lever, dan moet de arts meestal ten minste de helft van de lever verwijderen. Patiënten die een goede conditie hebben, kunnen tot 70% van het leverweefsel missen. Het leverweefsel groeit na de operatie weer aan. Na ongeveer 3 weken kan de capaciteit van de lever volledig hersteld zijn. Dit is wel afhankelijk van uw conditie en het verloop van het herstel na operatie.

Een operatie waarbij de arts tenminste de helft van de lever verwijdert, heet een hemihepatectomie. Het is een grote operatie. Naast een gedeelte van de lever verwijdert de arts ook de galblaas en de lymfeklieren rondom de galwegen. Vaak is het nodig een nieuwe verbinding te maken tussen de galwegen en de darm. Zo’n nieuwe verbinding heet een anastomose.

De operatie duurt een halve dag en soms zelfs een hele dag. U moet gemiddeld 2 weken in het ziekenhuis blijven, echter door complicaties na de operatie kan de opname langer duren.

Gevolgen van de operatie bij perifere of perihilaire galwegkanker

Bij elke operatie kunnen complicaties ontstaan. Bij een operatie voor perifere of perihilaire galwegkanker heeft u een risico op:

  • nabloeding
  • infectie van de wond
  • longontsteking
  • trombose: een bloedpropje in de bloedvaten.
Uw maag en darmen werken tijdelijk niet. Hierdoor kunt u niet eten en bent u soms misselijk. Soms duurt dit langer dan een week. U krijgt dan tijdelijk voeding via een slangetje in de darm of via een infuus in een bloedvat.

Geneest de nieuwe verbinding van de galwegen en de darm niet goed? Dan kan er gal of darminhoud in de buik lekken (naadlekkage). In dat vocht kunnen bacteriën groeien. Dit heet een abces. Een abces is een holte gevuld met pus. U krijgt dan pijn en koorts. Het is belangrijk dat de pus uit het lichaam weg kan. Daarvoor plaatst de arts een slangetje (drain) door de buikwand in het abces. Hij brengt de drain in met behulp van een echo of een CT-scan.
Een abces kan ook in de lever ontstaan. Ook dan kan een drain nodig zijn. Soms is alleen antibiotica via een infuus voldoende om zo’n abces te behandelen.

Ook is er een kans dat het overgebleven deel van de lever niet voldoende werkt. Dit heet leverfalen. Het is een levensbedreigende complicatie waarvoor geen behandeling bestaat.